| 1 |
 |
“...Het met sloepen aan tien wal komen is hier zeer mocije-
lijk, ja soms gevaarlijk ; want, ofschoon men in gewone
omstandigheden altijd opperwal heeft, zoo slaat er niette-
min op het strand eene zware rolling, zoodat men verpligt
is, met eene goede vaart, de sloep op het strand te doen
loopen latende vr dien tijd achteruit eene dreg vallen ,
om de sloep op de rolling te houden en om, als men
weder vertrekt, met kracht achterwaarts daarop uil- en
vrig van den grond te halen. Verzuimt men dezen maat-
regel van voorzigtigheid, dan loopt men groot gevaar dat
de sloep dwars in de rolling komt te liggen en omslaat.
Zoodra men voelt dat de sloep grond raakt, is het het
beste, dat de roeijers aan wederzijden er uit springen en
de ledige sloep op hel strand halen. De bewoners van dit
eiland gaan met hunne eigen sloepen aldus te werk en
zijn er zeer handig mede, waarom het landen met hunne
plat gebodemde sloepen te verkiezen is boven dat met de
scherpere sloepen der schepen...”
|
|