| 1 |
 |
“...347
onderhavige lafcl voorkomende, nog veel hebben kunnen
vermeerderen en wel uit hel gezegde N. C, uit de eon-
naissance des tems, uit kapers, navigation, 2 erf.enz,,
doch dit is voorbedachlelijk nagelaten, ten einde niet door
menigvuldige, soms,wel eens wat uileenloopendc, bepalin-
gen van een en hetzelfde punt, den zeeman in twijfel te
brengen, welke hij dan als de ware moet aannemen.
Wanneer er van mijlen afslands wordt gesproken,
worden er overal duitsche mijlen, van 15 in nen graad,
bedoeld.
Aangehaalde kompasstreken zijn altijd regt wijzend.
Eenige weinige landverkenningen en een paar plan-tee
keningen, die men in pords werken niet vindt, scheen
het mij toe niet onnut te zijn hier bij te voegen.
Mogl men in dit schrijven eenige nuttige aanwijzingen
vinden, voor als nog elders niet medegedeeld dan ware
dit gewisselijk eene aangename voldoening voor de boven
opgenoemde officieren onzer marine, die mij hunne op-
merkingen toevertrouwden, alle'nlijk met het doel...”
|
|
| 2 |
 |
“...368
elkander) en daar den dag en den vloed af te wachten tot
het naar binnen zeilen.
HET BEVAREN DER SURINAME.
Opvaren. Met het opzeilen der rivier Suriname zorge
men altijd den bakboords of loef-wal te houden, dewijl
daar de meeste diepte wordt gevonden en men zeile langs
denzelven meestal op ongeveer een derde der riviers breedte.
De eerste plantage, welke men aan dien kant ontmoeten
zal, is de Resolutie; deze kan men op een paar kabel-
lengten afstands voorbij zeilen. Dwars van en even voorbij
dezelve ligt eene bank, waarop met laag water, 2^: vadem
(38 palmen) en met half tij ruim 2%^ vadem (47 palmen)
water staat. Men behoort tusschen deze bank en den loef-
wal te blyven en moet hierop vooral rekenen, wanneer
de wind z schraal mogt zijn, dat men laveren moet,
hetgeen echter zeer zeldzaam gebeuren zal. Gezegde plan-
tage voorbij zijnde, diept het water weder aan en men
blijft op denzelfden afstand langs den loef-wal zeilen tot dat
men aan bakboord de monding...”
|
|
| 3 |
 |
“...372
men (55 cn 68 palmen) diepte, /.ullende hoe meer men
den loefwal kan naderen, ook loo veel te sterker eb stroom
aangetroffen worden. Nu ga men meer uit den wal, op
ongeveer der riviers breedte en boude op bet fort Am-
sterdam aan, dwars van hetwelk met doode getijen, met
laag water omtrent 3 vademen (51 palmen) en met hoog
water 3| vademen (64 palmen) water gevonden wordt.
Hier gekomen, ankert men gewoonlijk bezuiden de zand-
bank welke uilsteekt van den hoek dien de Commewyne
cn Suriname te zamen vormen, en wel op 3 a 3ยง kabel-
lengten uit den wal, ten einde de achter eb af te wach-
ten, om daarmede naar buiten te zeilen (1), met wassend
water bij de bank van Resolutie en nog vr hoog water
in de geul der buiten banken te wezen.
Men sture dan van Amsterdam N. W. t.N. op de plan-
tage Resolutie aan, houde tusschen deze en de daarbij
liggende bank door, om een klein derde der riviers breedte
onder den wal te blijven en sture z A/V. N. W. naar
buiten alwaar verder...”
|
|
| 4 |
 |
“... en om dit eiland, natuurlijk zeer behulp-
zaam is. Westwaarts op strekt het rif, hetwelk overal
steil is, meer uit den wal, vormt aan den zuid-westhoek
van het eiland, gezamenlijk met eene inbogting van den
wal, Ae Paardenbaai (1), aan welke het vlek Oranjestad
(het eenige op het eiland) gelegen is, en loopt aan den
westhoek des eilands te niet in eene zandbank. Dadr alleen
is het rif niet steil en levert eene tamelijk goede anker-
plaats op, doch welke ver van de baai verwijderd is.
Men loopt die ankerplaats aan met den westhoek in het
N. W. t. N. en N. N. W. en stuurt dan regt op denzelven
aan. Dan zal men 14 en 12 vademen (24 en 20^ ellen)
en spoedig 6 en 4 vademen (102 en 68 palmen) zand-
grond vinden. Zoodra men 6 vademen loodt, is het zaak
om te ankeren. Ook hier is het water bijzonder helder.
(1) Zie het plan deter baai op bijgaande plaat.
fVD.IlSt....”
|
|