| 1 |
 |
“...128
een strooptocht door het eiland en keerde met een groote
menigte vee in de vloot terug, terwijl hij tevens nog twee
Fransche schepen in de nabijheid van het eiland veroverde.
Binckes oordeelde het echter niet raadzaam een troepen-
macht op het eiland achter te laten, daar hij zijne macht reeds
verzwakt had door eene bezetting te Cayenne achter te laten.
Een langer verblijf achtte hij evenmin in het belang der vloot,
voornamelijk wijl het orkaanseizoen op handen was en de vloot
bovendien gevaar liep gebrek aan levensmiddelen te krijgen
door de 700 slaven, die men in de Fransche kolonies had ge-
nomen en ingescheept, waarbij zich nog een honderdtal planters
dier plaatsen hadden gevoegd ter kolonisatie van Tobago.
Binckes zond daarom drie schepen van oorlog, onder bevel van
kapitein Jan Bont, met deze kolonisten en ruim 400 slaven
naar Tobago, terwijl hij zelf met de rest der vloot den SOsten
Juni naar Hati vertrok doch, daar vernemende dat de Fransche
admiraal...”
|
|