Your search within this document for 'kren' resulted in two matching pages.
1

“... krijgen, zoodat later niet gezegd kan worden: voor dat kren- terig bedrag krijgen wij geen goede schoolopziener. Ik handhaaf mijn amendement. De heef Van Toorn: Het Bestuur neemt het amendement over. Mijnheer de Voorzitter. Artikel 50101, als gewijzigd door het Bestuur staande de vergadering, op verzoek van den heer E. Jonckheer in stemming gebracht, wordt aangenomen met 7 tegen 2 stemmen. Tegen stemden de heeren E. Jonckheer en Dr. Maal. Tijdens de stemming wa- ren de heeren Plantz en Gerharts niet in de zaal aan- wezig. Artikel 50102. De heer E. Jonckheer: Het is mij opgevallen. Mijnheer de Voorzitter, dat bij dit arti- kel het onderdeel verloven wel gepreciseerd is kunnen worden, nl. een bedrag van f. 6.000,. Ik zou gaarne vernemen waarom het bij dit artikel wel mogelijks was en bij de andere niet. De heer Van Toorn: Dat zal ik na moeten gaan. Mijnheer de Voorzitter. Ik kan thans op deze vraag niet antwoorden. Artikel 50102, op verzoek van den heer E. Jonckheer in...”
2

“..., on- logisch en incorret geadviseerd, een onrechtvaardige toe- stand zou veroorzaken, en een ongemotiveerde en kren- iende achteruitstelling van het eiland Curagao, welke ook economische nadelen ten gevolge kan hebben. Tenslotte wijzen ondergetekenden er nog op, dat do boven aangevoerde redenen ook bewijzen, dat met het oog op het aantal inwoners, Bonaire en de Bovenwindse Eilan- den een aantal zetels (2 en 3) is toegekend, dat zowel in \ erhouding tot Curagao als tot die eilanden onderling on- just moet woorden geacht. Zij vragen dus met gepaste eerbied de welwillende aandacht van Uwe Majesteit voor deze gevaren en spreken hun volste vertrouwen uit, dat Haar beproefde rechtvaar- digheidszin de middelen zal weten te vinden, om deze dreigende fout te redresseren. Inmiddels verblijven zij met gevoelens van de diepste hoogachting en aanhankelijkheid, van Uwe Majesteit de gehoorzame dienaren en getrouwe onderdanen w.g. J. H. Sprocket e.a. Curagao, 20 Februari 1948. Op...”