| 1 |
 |
“... duidelijk merk aangegeven zijn.
3. De manometer moet rechtstreeks aan den ketel verbon-
den en zoo geplaatst zijn, dat de stoker van zijne gewone
standplaats hem duidelijk kan zien.
Artikel 15.
Voor landketels, met een verwarmd oppervlak van minder
dan vijf vierkante meters, is n voedingstoestel, mits dit ook
uit de hand kan gedreven worden, voldoende.
Artikel 16.
Elke voedingspijp moet, zoo dicht mogelijk bij den ketel,
voorzien zijn van eene bronzen klepkast; tusschen de klep-
kast en den ketel moet een bronzen kraan of afsluiter en tus-
schen afsluiter en zelfsluitende klep een proefkraantje aange-
bracht zijn.
Artikel 17.
Pakkingkranen met een doorlaatopening van meer dan 30
millimeter moeten voorzien zijn van een borg om het wegslin-
geren van de plug te beletten in geval de pakkingbouten moch-
ten breken.
Artikel 18.
Het merk van den laagsten geoorloofden waterstand moet
aan of nabij het peilglastoestel zijn aangebracht:
bij landketels minstens 10 centimeter boyen...”
|
|