| 1 |
 |
“... komen wij
met echtparen in aanraking, tusschen
twie alle soorten van liefde, genegen-
heid en waardeering finaal is afgestor-
ven, die elkaar van den ochtend tot den
avond -sarren, plagen, vernederen en
beleedigen, met woorden die hier niet
herhaald kunnen worden, alles in het
bijzijn van de kinderen, die gillend van
angst zich in een hoek verstoppen.
Doch vader en moeder maken gebruik
van dezelfde slaapkamer en er worden
steeds nieuwe kinderen geboren. Van
moraliteit gesproken): Weet gij daar-
voor een fatsoenlijk woord, of een pas-
sende uitdrukking? Vindt gij het erger
pf minder erg dan prostititie, En is er
nu Werkelijk een moraal, die dat ver-
dedigt, die daarvoor in de bres springt
en er een goed woord voor over heeft?
Ik zeg moraal".
I Men vergeve mij deze lange citaten:
ik geef ze, omdat het niet beter gezegd
kaft worden) dan zoo en dat Wegens het
groote gezag van de schrijvers, wegens
hun door ieder erkende hooge morali-
teit en hun ondervinding, die...”
|
|