| 1 |
 |
“...
hulp in staat te stellen aan die zaken uitvoering te geven; het is slechts
steenen geven, waar brood gevraagd wordt.
Kan er nog iets goeds van St. Eustatius komen?
Ik aarzel niet die vraag bevestigend te beantwoorden. Ofschoon niet zoo
vruchtbaar als sommige andere eilanden, biedt St. Eustatius toch ruim-
schoots de gelegenheid aan tot verbetering. Er bestaat geen reden om aan
te nemen, dat een cultuur, die voorheen met succes op het eiland beoe-
fend werd, thans niet meer in te voeren zou zijn. Niets staat den
invoer van eenigen tak van industrie in den weg. Geen beletselen bestaan
er tegen het aanbrengen van verbeteringen op het gebied van landbouw
en veeteelt. Doch dat hulp, en degelijke hulp, daartoe vereischt wordt.
i) Mij is bekend, dat een verzonden scheepslading zoete aardappelen (Batata convol-
vulus) een netto winst van 2 's cent per vat opbracht, werkloon voor de cultuur niet
mcegerekend....”
|
|