| 1 |
 |
“... voor de leeftijden x op 0 en 5
Tfc TC
eindigende en voor 35^(0 x_^i ggj) bepaald. Gelijksoortige quotinten zijn bepaald voor de
werkelijk op de balansdatum geldende pensioengrondslagen of G x_j_i ^35|- Deling van over-
eenkomstige grootheden levert de mate, waarin de nieuwe verhogingsgetallen afwijken van de oude.
Stel
nn an
U x+i G 35*
yx+h, ian Vx+\ =VX+\ Vx+i
x-\-i
351
De ys, dewelke op deze wijze slechts om de 5 jaar bekend zijn, zijn grafisch afgerond en de
Vx_ti voor elke x afzonderlijk berekend.
Een uittreksel der grootheden, welke voor de mannelijke deelgenoten gelden, is in onder-
staand staatje opgenomen:
X Vx+l K+i n v*+i
20 1,075 40 43
25 1,064 60 64
30 1,035 80 83
35 1,000 100 100
40 0,987 117 115
45 0,986 128 126
50 0,986 132 130...”
|
|