Your search within this document for 'infekshon,ku,a' resulted in 14 matching pages.
1

“...Mannelijke dcelgenooten in dienst op 31 December 1944. Pensioenver- ordening 1899 Pensioenverordening 1938, doch met in stand gehouden verzekering1) Pensioenverordening 1938 of 1939 Tezamen Aan- tal Pensioen- grond- slag . Aan- tal Pensioen- grondslag eigen pensioen Pensioen- grondslag verzekering Aan- tal Pensioen- grondslag Aan- tal Pensioen- grondslag Gouv. ambtenaren 24 f 168 240 30 f 197 737 f 142 916 402 f 1 924 730 456 f 2 290 707 Bijz. onderwijzers tt it 37 it 181 320 37 ti 181 320 Politiemilitairen 0) it it ~~~ 84 ti 361 284 84 it 361 284 Gouv. ambtenaren o Ij M 9 it 2 it 12 480 10 680 10 tt 51 660 12 64 140 Bijz. onderwijzers it it )) 1 tt 2 760 1 It 2 760 Politiemilitairen | I (1 tt it 4 ft 15 120 4 it 15 120 Gouv. ambtenaren 11 1 ' it 3 144 2 a 16 200 ti 100 tt 299 677 103 ti 319 021 Bijz. onderwijzers £ a & Si . it 5 it 13 212 5 it 13 212 Politiemilitairen ll it it 23 ti 62 544 23 V 62 544 R.K. geestelijken 1 tt 11...”
2

“...25 III. DE VERPLICHTINGEN EN DE VORDERINGEN VAN HET ALGEMEEN CURAgAOSCH PENSIOENFONDS § 25. De voornaamste verplichtingen van het Algemeen Cura§aosch Pensioenfonds zijn: a. loopende eigen en weduwenpensioenen. Door vermenigvuldiging van het totaalbedrag per ja ar met de contante waarde (c.w.) van de eenheid daarvan vindt men het kapitaal, noodig om deze pen- sioenen tot den dood der gerechtigden uit te betalen. (De loopende weezenpensioe- nen zijp in § 26 genoemd.) b. toekomstige eigen pensioenen, uit te keeren na pen- sion n e e r i n g. Reeds is in § 18 uiteengezet, dat de c.w. van deze pensioenen per eenheid van pensioengrondslag bepaald worden. Door deze bedragen te vermenigvuldigen met de sommen der pensioengrondslagen van eiken leeftijd en deze uitkomsten op te tellen, krijgt men de c.w. der toekomstige pensioenen. c. toekomstige weduwen- en weezenpensioenen, toe te kennen na overlijden van de deelgenooten, die op den balansdatum in dienst zijn. Dit overlijden...”
3

“...31 mannelijke zoowel als vrouwelijke deelgenooten is berekend door vermenigvuldi- ging van de pensioengrondslagen met de pensioenfactoren 2 v V X + 1 (a + 'l>VxGx + l ( x + 1 r- 3/s) X 1 V2 \r 1 V* + 'k x + 'k Hierin is v = ,-qj (§ 32). De grootheden pa en la komen voor in de activiteitstafels (§ 29). V is het verhoogingsgetal (§ 30). P : G stelt de verhouding voor van pensioen tot middelsom der pensioen- grondslagen op het tijdstip van pensionneering (§ 31). a 3/8 is de lijfrentefactor voor de gepensionneerden. Door in den teller van de formule het verhoogingsgetal voor den leeftijd x en niet dat voor den leeftijd x. + 1 te nemen, wordt in rekening gebracht, dat over het algemeen de middelsom voor de berekening van het pensioen het gemid- delde is van de grondslagen in de twee afgeloopen jaren, zoodat de verhouding van middelsom tot grondslag vrijwel gelijk is aanV^ ; Vx+\: Op den balansdatum waren 814 mannelijke deelgenooten in dienst met teza- men f 3 668...”
4

“... 1938 gerekend, dat alle weezenpensioenen tot het 21ste jaar worden uit- gekeerd. Op overlijden of huwelijk vr het bereiken van dien leeftijd is eenvou- digheidshalve niet gerekend. Het geldelijke verschil is gering. Ook is de mogelijk- heid verwaarloosd, dat het pensioen van de halve weezen door het overlijden van de moeder zou stijgen, wat volgens de pensioenverordening 1938 het geval is. Reeds in § 9 is vermeld, dat onder vigueur van de pensioenverordening 1899 de weezen slechts pensioen krijgen, indien beide ouders overleden zijn. § 39. De loopende pensioenen. De contante waarde van de loopen- de weduwenpensioenen is berekend met de lijfrentefactoren ax + 11/24, daar zij praenumerando per maand worden betaald. Er waren op den balansdatum 144 weduwen met in totaal f 129 982 pensioen per jaar. De contante waarde daarvan is becijferd op f 1 494 000. Voor de berekening van de weezenpensioenen zijn tijdelijke rentefactoren (12) *) ** 1 1 a---t +A, 2 Y (12 Jfc) wk gebruikt...”
5

“... worden. Voor elk kind afzonderlijk is het pensioen, waarop het in geval van overlijden van den vader recht krijgt, vermenigvuldigd met factoren van den vorm a, a De kans op overlijden van het kind is dus weer ver- n I ,xn|. waarloosd. Ook op geboorte van kinderen na den balansdatum is niet gerekend. § 41. De pensioenverordening van 1868 was van toepassing op 9, die van 1899 op 76, die van 1938 op 23 gehuwde gepensionneerden. Als contante waarde der pen- sioenlasten met inbegrip van die van weezenpensioenen is resp. gevonden f 62 000, f 514 000 en f 210 000, tezamen f 786 000. Van de gepensionneerde politiemilitairen vielen er slechts 6 onder de eigen- lijke bepalingen van de pensioenverordening van 1939. Voor de overige 28 gold voor weduwen- en weezenpensioen de Nederlandsch-Indische regeling. Als contante waarde voor de aanwezige betrekkingen is op overeenkomstige wijze als voor de ambtenaren f 97 000 gevonden. Behalve deze lasten kunnen nog lasten verwacht worden van...”
6

“... er geen kinderen, dan zou deze waarde het product zijn van het gehuwde deel en de waarde van een lijfrente voor de weduwe, uitgedrukt door a 11. Voor de kinderen komt er volgens de gemaakte berekeningen voor de40~ y 24 jarigen nog ruim 16% bij, voor de ouderen en de jongeren minder....”
7

“...35 Het product van deze grootheden en de verhouding van weduwenpensioen tot pensioengrondslag is Wx genoemd. Hieronder volgen eenige waarden van genoemde grootheden. Leeftijd in. volle jaren X (1) Leeftijds- verschil xy (2) Gehuwd deel + 1 (3) Wed. pens. Grondslag (4) a 11 y 24 (5) C.W., las- ten wee- zenpens. p. gehuwde p. f 1. wed. pensioen (6) Lasten p . eenheid van wed. pensioen U5) + (6)) ( X (3) \ (7) van grondslag (7) X (4) W ... X + V* (8) 30 2Vs 0,73 0,310 22,910 2,60 18,62 5,77 40 3V2 0,87 0,290 20,931 3,40 21,17 6,13 50 5 0,90 0,275 18,389 2,60 18,89 5,18 60 5V2 0,90 0,267 14,955 1,50 14,81 3,95 De pensioenfactor f a , x -\ j. waarmede de pensioengrondslagen van de x- jari- gen vermenigvuldigd moeten worden om de contante waarde der lasten te vinden, bestaat uit twee deelen. In het eerste stuk komen de lasten tot uitdrukking, die ont- staan bij overlijden in dienst, in het tweede die, welke ontstaan bij overlijden na pensionneering. De pensioenfactor...”
8

“...37 De contante waarde van de bijdragen over pensioen is berekend met behulp van een verbindingsrente a . Gelet op de zooveel geringere be- x + 72- y + 1/2 24 dragen zijn deze contante waarden niet individueel berekend, zooals die van de pen- sioenlasten, maar per geboortejaar met gebruik van een gemiddeld leeftijdsverschil van 5V2 jaar. Voor de contante waarden is gevonden : gepensionneerde ambtenaren, P.V. 1899 : f 29 500, idem P.V. 1938 : f 8 100, gepen- sionneerde politiemilitairen f 12 800. De contante waarde der bijdragen van alle ge- pensionneerden tezamen is rond f 50 000. §47. De b ij dragen voor weduwen- en weezenpensioen van mannel ij ke in dienst zijnde deelgenooten. De nog in dienst zijnden, op wie de pensioenverordening van 1899 van toepas- sing is, betalen na hun pensionneering slechts 2% van hun pensioen. Als contante waarde daarvan is met behulp van verbindingsrenten gevonden een bedrag van f 22 000. Van de overige nog in dienst zijnden is een...”
9

“... ambtenaren deelgenoot, die de in § 9 genoemde verzekering volgens de verordening van 1899 na ontslag hebben gecontinueerd (art. 19, lid 4). De som der daarvoor in aanmerking komende grond- slagen is f 50 240, die der verzekerde weduwenpensioenen f 11 810. De contante waarde van deze toekomstige weduwen- en weezenpensioenen is f 68 000. Bij de berekening is een overlevingsrente gebruikt volgens formule a n -f 1/48, met de correctie voor de kinderen (§ 40). ^ § 51. De 28 gepensionneerde politiemilitairen, die nog onder de Nederlandsch-Indi- sche regeling vallen, hebben recht op uitkeering ter bestrijding der begrafeniskos- ten. De contante waarde dezer uitkeeringen is bij benadering f 1 400. § 52. De loopende schulden van de deelgenooten aan het fonds, bestaande uit in termijnen betaalbare buitengewone bijdragen en nog niet geheel gerestitueerde ren-...”
10

“... 000. 7. De benoodigde bijdragepercentages. § 54. Zooals in' § 19 is uiteengezet, moet men uitgaan van een gemiddeld aantal toetredingen tot het fonds per jaar, wanneer men wil onderzoeken, welk percen- tage van den pensioengrondslag als bijdrage gestort zou moeten worden, om de later uit te keeren pensioenen geheel te dekken. Immers dit percentage is het, dat men het benoodigde b ij d r a g epercentage noemt. Bovendien moet men veronderstellingen doen omtrent een leeftijdsverdeeling over de toetredenden en de bezoldigingen (pensioengrondslagen), waarop de diverse aanstellingen plaats vinden. Als norm zijn de in staat V voorkomende getallen aangenomen. De voor de berekening der contante waarden gebruikte factoren zijn dezelfde als die, welke in onderdeel 4 genoemd zijn. De gemiddelde aantallen toetredenden per jaar zijn : mannen 45, vrouwen 17V2. De contante waarde van de toekomstige eigen pensioenen van de per jaar toetredende 45 + 17V2 = 621/2 deelgenooten met tezamen f...”
11

“...50 STAAT I. Activiteitstafel voor Mannelijke deelgenooten (Waarnemingen 1920 t/m 1944) Leeftijd in volle jaren X Kansen op Aantal in dienst a *x + V2 Aantal gevallen van Verhoo- gings- getal V + V2 Pension- neering a ** + V2 Ontslag zonder pensioen x+y2 Overlijden in dienst a qx+y2 Pension- neering 1 Ontslag zonder pensioen ux+y2 Overlijden in dienst dx+}k 18 0.100 0.001 100.000 10.000 100 28 19 0.090 0.001 89.900 8.091 90 31 20 0.075 0.001 81.719 6.129 82 34 21 0.060 0.001 75.508 4.530 76 37 22 0.045 0.001 70.902 3.190 71 41 23 0.035 0.001 67.641 2.367 68 45 24 0.028 0.001 65.206 1.826 65 49 25 0.023 0.001 63.315 1.457 63 53 26 0.020 0.001 61.795 1.236 62 58 27 0.018 0.001 60.497 1.089 60 62 28 0.017 0.002 59.348 1.009 119 67 29 0.001 0.016 0.002 58.220 58 932 116 72 30 0.001 0.015 0.002 57.114 57 857 114 77 31 0.001 0.014 0.002 56.086 56 785 112 82 32 0.002 0.013 0.002 55.133 110 717 110 86 33 0.003 0.012 0.002 54.196 163 650 108 91...”
12

“...51 STAAT II. Activiteitstafel voor Vrouwelijke deelgenooten (Waarnemingen 1937 t/m 1944) Leeftijd in volle jaren X Kansen op Aantal in dienst a 1 Aantal gevallen van Pension- neering a x +1/2 Ontslag zonder pensioen a X+Ik Overlijden in dienst V+y* Pension- neering p*+y2 Ontslag zonder pensioen ux+y2 Overlijder in dienst a d*+y2 Verhoo- gings- getal V x +}h 18 0.120 0.001 100.000 12.000 100 51 19 0.120 0.001 87.900 10.548 88 54 20 0.120 0.001 77.264 9.272 77 56 21 0.120 0.001 67.915 8.150 68 59 22 0.120 0.001 59.697 7.163 60 62 23 0.120 0.001 52.474 6.297 52 65 24 0.120 0.001 46.125 5.535 46 68 25 0.120 0.001 40.544 4.865 41 70 26 0.120 0.001 35.638 4.276 36 73 27 0.001 0.120 0.001 31.326 31 3.760 31 76 28 0.002 0.110 0.002 27.504 55 3.025 55 79 29 0.002 0.100 0.002 24.369 49 2.437 49 82 30 0.003 0.090 0.002 21.834 65 1.965 44 85 31 0.003 0.080 0.002 19.760 59 1.581 40 88 32 0.004 0.070 0.002 18.080 72 1.266 36 91 33 0.005 0.060 0.002...”
13

“...52 STAAT III. Sterftetafel gebezigd voor de Mannelijke gepensionneerde deelgenooten RENTEVOET 3 o/0. iDe sterftekansen zijn die van de Europeesche burgerlijke landsdienaren in Nederlandsch-Indi in de jaren 1920 tot en met 1934). Leeftijd X Sterfte- kans a X 18 0.0038 100.000 380 46,23 58.739 1.442.789 24,563 19 0.0038 99.620 379 45,41 56.812 1.384.050 24,362 20 0.0038 99.241 377 44,58 54.948 1.327.238 24,154 21 0.0038 98.864 376 43,75 53.144 1.272.290 23,940 22 0.0038 98.488 374 42,91 51.400 1.219.146 23,719 23 0.0038 98.114 373 42,08 49.713 1.167.746 23,490 24 0.0038 97.741 371 41.23 48.082 1.118.033 23.253 25 0.0038 97.370 370 40.39 46.505 1.069.951 23,007 26 0.0038 97.000 369 39,54 44.978 1.023.446 22,754 27 0.0038 96.631 367 38,69 43.502 978.468 22,492 28 0.0038 96.264 366 37,84 42.075 934.966 22,221 29 0.0038 95.898 364 36,98 40.694 892.891 21,942 30 0.0038 95.534 363 36,12 39.359...”
14

“...y 60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 . 77 78 79 80 81 82 83 84 85 86 87 88 89 90 91 92 93 94 95 96 97 98 99 100 55 Aantal levenden l B Aantal dooden d Gemid- delde levens- duur o D y N 9 a y 70.629 1.483 16,21 11.988 152.125 12,690 69.146 1.590 15,55 11.395 140.137 12,298 67.556 1.689 14,90 10.808 128.742 11,912 65.867 1.778 14,27 10.231 117.934 11,527 64.089 1.923 13,65 9.665 107.703 11,144 62.166 1.989 13,06 9.102 98.038 10,771 60.177 2.106 12,47 8.554 88.936 10,397 58.071 2.149 11,91 8.014 80.382 10,030 55.922 2.237 11,35 7.493 72.368 9,658 53.685 2.308 10,80 6.984 64.875 9,289 51.377 2.363 10,26 6.489 57.891 8,921 49.014 2.451 9,73 6.010 51.402 8,553 46.563 2.561 9,22 5.543 45.392 8,189 44.002 2.640 8,72 5.086 39.849 7,835 41.362 2.689 8,25 4.641 34.763 7,490 38.673 2.707 7,79 4.213 30.122 7,150 35.966 2.733 7,34 3.804 25.909 6,811 33.233 2.758 6,90 3.413 22.105 6,477 30.475 2.773 6,48 3.039 18.692...”