|
|
|
Your search within this document for 'Wak,n’,poncha' resulted in 16 matching pages.
|
| 1 |
 |
“... voor de samenstelling
van de sterfte- en activiteitstafels en omtrent de formules, welke voor het Alge-
meen Curagaosch Pensioenfonds zijn gebruikt.
Met den rentevoet, die voor deze balans is gekozen, nl. dien van 3%, leiden
deze tafels en formules tot de gevraagde contante waarde van een levenslang pen-
sioen groot n gulden en tot de contante waarde van een toekomstig pensioen of
die van alle te verwachten bijdragen, beide per gulden thans genoten pensioen-
grondslag.
De contante waarden zijn dus berekend per gulden, of, zooals men zegt, per
eenheid, zoodat men de contante waarde van de gezamenlijke pensioenen van de ge-
pensionneerde deelgenooten van n leeftijd vindt door de betreffende contante
waarde per gulden te vermenigvuldigen met de som der pensioenen dier deelgenoo-
ten. Telt men de gevonden uitkomsten van alle verschillende leeftijden bij, elkaar,
dan vindt men de contante waarde van alle pensioenen. Op dezelfde wijze wordt de
contante waarde der toekomstige...”
|
|
| 2 |
 |
“...21
Verloop onder de mannelijke in dienst zijnde bijzondere onderwijzers.
.Kalender- jaar Begin Bij Gepen- sionneerd Ontslagen zonder pensioen Overleden in dienst
1937 75 2 1 1
1938 75 14 1 1 1
1939 86 6 1 2
1940 89 19 2
1941 1U6 2 2 1
1942 105 1 2 1
1943 103 1 1 1
1944 102 5 2
1945 105
50 8 9 3
Verloop onder de in dienst zijnde politiemilitairen.
Kalender- jaar Begin Bij Gepen- sionneerd Ontslagen zonder pensioen Overleden xn dienst
1939 107 3 1
1940 109 '4 2 3*) 1
1941 107 1 1 1**)
1942 106 1 2
1943 103 4 1 1
1944 105 8 1 n
1945 111
20 5 7 4
*) w.o. n gouvernementsambtenaar geworden.
**) gepensionneerd in 1943.
SSTRA1E QOEKERU )...”
|
|
| 3 |
 |
“...23
§ 24. Verloop onder de mannelijke gepensionneerde gouvernementsambtenaren,
bijzondere onderwijzers en politiemilitairen.
(politiemilitairen achter het + teeken).
Kalender- jaar Begin Bij, Overleden
1937 146 9*) 13
1938 142 10 6
1939 146 + 31 15+1 5
1940 156 + 32 6+2 7
1941 155 + 34 4+1 8'
1942 151 + 35 8 10 + 1
1943 149 + 34 10 + 1*) 12 + 2
1944 147 + 33 8 + 1 7
1945 148 + 34
70*)+ 6*j 68 + 3
*) w.o. n met pensioen niet aansluitend bij ontslag.
Verloop onder de vrouwelijke gepensionneerde gouvernementsambtenaren en
bijzondere onderwijzeressen.
Kalender- jaar Begin Bij, Overleden
1937 15 5 1
1938 19 4 1
1939 22 4
1940 26 1
1941 25 4 2
1942 27 3 1
1943 29 3 2
1944 30 3 1
1945 32
26 9...”
|
|
| 4 |
 |
“...25
III. DE VERPLICHTINGEN EN DE VORDERINGEN VAN HET
ALGEMEEN CURAgAOSCH PENSIOENFONDS
§ 25. De voornaamste verplichtingen van het Algemeen Cura§aosch Pensioenfonds
zijn:
a. loopende eigen en weduwenpensioenen.
Door vermenigvuldiging van het totaalbedrag per ja ar met de contante
waarde (c.w.) van de eenheid daarvan vindt men het kapitaal, noodig om deze pen-
sioenen tot den dood der gerechtigden uit te betalen. (De loopende weezenpensioe-
nen zijp in § 26 genoemd.)
b. toekomstige eigen pensioenen, uit te keeren na pen-
sion n e e r i n g.
Reeds is in § 18 uiteengezet, dat de c.w. van deze pensioenen per eenheid van
pensioengrondslag bepaald worden. Door deze bedragen te vermenigvuldigen met
de sommen der pensioengrondslagen van eiken leeftijd en deze uitkomsten op te
tellen, krijgt men de c.w. der toekomstige pensioenen.
c. toekomstige weduwen- en weezenpensioenen, toe te
kennen na overlijden van de deelgenooten, die op den
balansdatum in dienst zijn.
Dit overlijden...”
|
|
| 5 |
 |
“... hebben.
3. De c.w. der loopende weezenpensioenen.
4. De c.w. der begrafeniskosten.
Volgens art. 35 van het Reglement voor het (Nederlandsch-Indische) Wedu-
wen- en Weezenfonds van Europeesche militairen beneden den rang van officier bij
de Koloniale troepen, dat van toepassing is op n groep gepensionneerde politie-
militairen (zie § 7), wordt aan de nagelaten betrekkingen een bijdrage in de begra-
feniskosten van den deelgenoot verleend. Bij overlijden van een onderofficier
bedraagt deze f 125 , van een brigadier of soldaat f 75 .
5. De c.w. van de nog af te betalen buitengewone b ij dragen en even-
tueele nog niet gerestitueerde rentelooze voorschotten.
De Pensioenverordening voor burgerlijke ambtenaren van 1938, art. 39 en die...”
|
|
| 6 |
 |
“... jaar afgelost worden. Zij,
worden n.1. in den regel voor 5 jaar gesloten.
§ 34. Een samenvatting van de beleggingen van het fonds in Nederland is opgeno-
men in staat VI.
De volledige specificatie is te vinden in het verslag omtrent het Algemeen
Curagaosch Pensioenfonds over het jaar 1944, Bijlage VI.
In Curasao was f 74 300 belegd in de door Curasao uitgeschreven 3 /o obli-
gatielening. Welk deel van de inschrijving op de in 1943 in Suriname uitgegeven
leening voor rekening van het Algemeen Curagaosch Pensioenfonds zou komen,
was bij het opstellen van de wetenschappelijke balans nog niet bekend.
4. Berekeningen voor het eigen pensioen.
§ 35. De contante waarde van de loopende pensioenen is gevonden met behulp van
de lijfrentefactoren ax _j_ 1/ 3/8, berekend met de in § 28 genoemde sterftetafels.
De breuk s/s wordt van ax _j_ u afgetrokken op grond van de prae-nume-
rando betaling per maand en de uitkeering van n maand extra pensioen na de
maand van overlijden.
Er waren...”
|
|
| 7 |
 |
“..., waarin w = v1/12
n n 12 12
o
Op deze wijze kon er rekening mee worden gehouden, dat het pensioen be-
taald wordt tot en met de maand, waarin de 21ste verjaardag valt.
Er waren in het geheel 36 weezen, volle en halve weezen tezamen genomen,
met f 5 976 pensioen, waarvan de contante waarde f 40 000 bedraagt.
§ 40. De toekomstige pensioenen aan weduwen en weezen, na te laten door reeds
gepensionneerde deelgenooten.
Voor ieder van de op den balansdatum gehuwde deelgenooten is uitgerekend,
hoe groot het weduwenpensioen volgens de bepalingen van de voor hem geldende
pensioenverordening, met inachtneming van een eventueel door hem gesloten ver-
zekering, zal zijn, dat bij zijn dood toegekend zal worden, indien hij een weduwe na-
laat.
De contante waarde van de toekomstige weduwenpensioenen is vervolgens
berekend door de gevonden bedragen te vermenigvuldigen met de waarde van
overlevingsrenten ay + y + i/2 + 1/48 %
*) De term V8 is een ruwe benadering voor de waarde van een...”
|
|
| 8 |
 |
“... worden. Voor elk kind afzonderlijk is het pensioen, waarop het
in geval van overlijden van den vader recht krijgt, vermenigvuldigd met factoren
van den vorm a, a De kans op overlijden van het kind is dus weer ver-
n I ,xn|.
waarloosd. Ook op geboorte van kinderen na den balansdatum is niet gerekend.
§ 41. De pensioenverordening van 1868 was van toepassing op 9, die van 1899 op
76, die van 1938 op 23 gehuwde gepensionneerden. Als contante waarde der pen-
sioenlasten met inbegrip van die van weezenpensioenen is resp. gevonden f 62 000,
f 514 000 en f 210 000, tezamen f 786 000.
Van de gepensionneerde politiemilitairen vielen er slechts 6 onder de eigen-
lijke bepalingen van de pensioenverordening van 1939. Voor de overige 28 gold voor
weduwen- en weezenpensioen de Nederlandsch-Indische regeling. Als contante
waarde voor de aanwezige betrekkingen is op overeenkomstige wijze als voor de
ambtenaren f 97 000 gevonden.
Behalve deze lasten kunnen nog lasten verwacht worden van...”
|
|
| 9 |
 |
“... nog verschuldigde restitu-
ties zijd onder den desbetreffenden post opgenomen.
Voor politiemilitairen gelden andere verordeningen dan voor de ambtenaren.
De politiemilitairen vallen in twee categorien uiteen, n.1. eenerzijds degenen, die
onder de eigenlijke bepalingen van de verordening van 1939 vallen en die 3% beta-
len als bijdrage en anderzijds degenen, die onder de Indische regeling vallen. De
laatsten betalen 5%, zoolang zij pensioengerechtigde betrekkingen hebben. Onder-
officieren van deze groep dragen ook nog na het verliezen van deze betrekkingen
5% bij, doch niet langer dan tot hun 65ste jaar.
Voor de berekening van de baten van de 5 aanwezige gepensionneerde on-
derofficieren is aangenomen, dat zij levenslang bijdragen. De baten komen dus iets
te hoog uit, doch de fout wordt min of meer gecompenseerd door het verwaarloozen
van de bijdragen van de ongehuwden met kinderen....”
|
|
| 10 |
 |
“... bijdrage van 3% te verwachten,
voor zoover zij geen verzekering in stand gehouden hebben.
Om de berekening van contante waarde te kunnen uitvoeren is van de ver-
onderstelling uitgegaan, dat niet alleen de gehuwden en de ongehuwden met kin-
deren, maar ook de ongehuwden zonder kinderen tijdens hun diensttijd bijdragen.
Tot de laatste groep zijn echter de R.K. geestelijken en ordebroeders niet gerekend
(vgl. § 38) .
Evenals de pensioenfactor bestaat de bijdragefactor uit twee gedeelten.
Het eerste deel heeft betrekking op de bijdragen, die gedurende den dienst-
tijd zullen worden betaald en is gelijk aan 0,95 maal den bijdragefactor voor eigen
pensioen. (Men schat het deel der actieven, dat niet steeds ongehuwd zal blijven
op 0,95).
Het tweede deel van den bijdragefactor slaat op de bijdragen over het toe-
komstig pensioen. Daarbij is uitgegaan van de veronderstelling, dat op het tijdstip
van pensionneering n tiende gedeelte der deelgenooten ongehuwd zal zijn en dus
daarna niet...”
|
|
| 11 |
 |
“... deze paragraaf genoemde f 22 000 geeft dit als con-
tante waarde van alle bijdragen voor weduwen- en weezenpensioen: f 1 446 000.
§48. Extra bij,drage bij huwelijk met een meer dan vier jaar
jongere vrouw.
Behalve de genoemde gewone bijdrage is een deelgenoot, die huwt met een
vrouw, welke meer dan vier jaar jonger is, een extra bijdrage verschuldigd. Deze
bedraagt 1% van den pensioengrondslag voor elk jaar, dat de vrouw meer dan vier
jaar jonger is.
De contante waarde van deze bijdragen is vastgesteld op f 20 000 aan de hand
van waarnemingen over de laatste jaren, waarbij werd gelet op het in de laatste
jaren per jaar verschuldigd geworden bedrag.
§ 49. Van de vrouwelijke deelgenooten met kinderen zijn 3% bijdragen te verwach-
ten gedurende den tijd, dat hun kinderen minderjarig zijn. Met behulp van facto-
ren :
ay + V2 H 24 (1 ~ Dy + i/2 + n : y + i/2)
is als contante waarde van deze bijdragen f 1 800 gevonden.
§ 50. Er zijp 10 gehuwde, zonder pensioen ontslagen...”
|
|
| 12 |
 |
“... gegeven, is het tekort dus toegenomen.
§ 61. Is het nu noodzakelijk, dat het tekort, dat te voorschijn komt op de weten-
schappelijke balans met het benoodigd bijdragepercentage, aangezuiverd wordt?
Het antwoord moet voor Curasao zonder twijfel bevestigend luiden. De af-
hankelijkheid van dit gebiedsdeel van n industrie maakt het noodzakelijk, dat het
in Curasao volgens art. 4
volgens art. 5, lid 3
in Nederland volgens art. 5, lid 3
f 1 481 186
387 100
152 554
Totaal f 2 020 840
Tezamen f 1 271 000...”
|
|
| 13 |
 |
“...52
STAAT III.
Sterftetafel gebezigd voor de Mannelijke gepensionneerde deelgenooten
RENTEVOET 3 o/0.
iDe sterftekansen zijn die van de Europeesche burgerlijke landsdienaren in Nederlandsch-Indi
in de jaren 1920 tot en met 1934).
Leeftijd X Sterfte- kans N X a X
18 0.0038 100.000 380 46,23 58.739 1.442.789 24,563
19 0.0038 99.620 379 45,41 56.812 1.384.050 24,362
20 0.0038 99.241 377 44,58 54.948 1.327.238 24,154
21 0.0038 98.864 376 43,75 53.144 1.272.290 23,940
22 0.0038 98.488 374 42,91 51.400 1.219.146 23,719
23 0.0038 98.114 373 42,08 49.713 1.167.746 23,490
24 0.0038 97.741 371 41.23 48.082 1.118.033 23.253
25 0.0038 97.370 370 40.39 46.505 1.069.951 23,007
26 0.0038 97.000 369 39,54 44.978 1.023.446 22,754
27 0.0038 96.631 367 38,69 43.502 978.468 22,492
28 0.0038 96.264 366 37,84 42.075 934.966 22,221
29 0.0038 95.898 364 36,98 40.694 892.891 21,942
30 0.0038 95.534 363 36,12 39.359...”
|
|
| 14 |
 |
“...60
61
62
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
"77
78
79
80
81
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
92
93
94
95
96
97
98
99
53
Sterfte- kans N X
0.0330 66.063 2 180 13,53 11.213 123.349
0.036 63.883 2.300 12,98 10.527 112.136
0.039 61.583 2.402 12,44 9.853 101.609
0.042 59.181 2.486 11,93 9.193 91.756
0.045 56.695 2.551 11,43 8.550 82.563
0.048 54.144 2.599 10,94 7.927 74.013
0.051 51.545 2.629 10,47 7.327 66.086
0.054 48.916 2.641 10.01 6.751 58.759
0.058 46.275 2.684 9,55 6.200 52.008
0.062 43.591 2.703 9,11 5.671 45.808
0.066 40.888 2.699 8,67 5.164 40.137
0,070 38.189 2.673 8,25 4.683 34.973
0.075 35.516 2.664 7,84 4.228 30.290
0.080 32.852 2.628 7,43 3.797 26.062
0.086 30.224 2.599 7,03 3.391 22.265
0.093 27.625 2.569 6,65 3.010 18.874
0.100 25.056 2.506 6,28 2.650 15.864
0.108 22.550 2.435 5,92 2.316 13.214
0.117 20.115 2.353 5,58 2.005 10.898...”
|
|
| 15 |
 |
“...y
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
5'5
54
zigd voor de gepensionneerde
leeftijdsverlaging van twee jaren
RENTEVOET 3%.
van de weduwen van Europeeschen landaard van de burgerlijke
Ncdcrlandsch-Indi in de jaren 1920 t/m 1934).
Aantal Aantal delde
levenden dooden levens-
duur
l d o D N
y y y y y
100.000 600 48,18 58.739 1.448.904
99.400 596 47,47 56.687 1.390.165
98.804 593 46,76 54.706 1.333.478
98.211 589 46,04 52.793 1.278.772
97.622 586 45,31 50.948 1.225.979
97.036 582 44,58 49.167 1.175.031
96.454 579 43,85 47.449 1.125.864
95.875 575 43,11 45.791 1.078.415
95.300 572 42,37 44.190 1.032.624
94.728 568 41,62 42.646 988.434
94.160 565 40,87 41.155 945.788
93.595 562 40,11 39,717 904.633
93.033 558 39,35 38.329 864.916
, 92.475 555 38,58 36.989 826.587
91.920 552 37,81 35.696 789.598
91.368 548 37,04 34.448 753.902
90.820 545...”
|
|
| 16 |
 |
“...y
60
61
62
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
. 77
78
79
80
81
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
92
93
94
95
96
97
98
99
100
55
Aantal levenden l B Aantal dooden d Gemid- delde levens- duur o D y N 9 a y
70.629 1.483 16,21 11.988 152.125 12,690
69.146 1.590 15,55 11.395 140.137 12,298
67.556 1.689 14,90 10.808 128.742 11,912
65.867 1.778 14,27 10.231 117.934 11,527
64.089 1.923 13,65 9.665 107.703 11,144
62.166 1.989 13,06 9.102 98.038 10,771
60.177 2.106 12,47 8.554 88.936 10,397
58.071 2.149 11,91 8.014 80.382 10,030
55.922 2.237 11,35 7.493 72.368 9,658
53.685 2.308 10,80 6.984 64.875 9,289
51.377 2.363 10,26 6.489 57.891 8,921
49.014 2.451 9,73 6.010 51.402 8,553
46.563 2.561 9,22 5.543 45.392 8,189
44.002 2.640 8,72 5.086 39.849 7,835
41.362 2.689 8,25 4.641 34.763 7,490
38.673 2.707 7,79 4.213 30.122 7,150
35.966 2.733 7,34 3.804 25.909 6,811
33.233 2.758 6,90 3.413 22.105 6,477
30.475 2.773 6,48 3.039 18.692...”
|
|
|