Your search within this document for '32' resulted in 16 matching pages.
1

“...19 Van de vrouwelijke deelgenooten vielen er 15 onder de pensioenverordening van 1899 met tezamen f 44 352 pensioengrondslag. § 22. Op 31 December 1944 waren er 182 mannelijke en 32 vrouwelijke gepension- neerde deelgenooten met tezamen f 390 747 pensioen. Op dien datum genoten 144 weduwen 129 982 en 36 weezen 5 976 pensioen. De drie hierna volgende staten geven nadere bijzonderheden. Gepensionneerde mannelijke deelgenooten Pensioen- veror- dening Aan- tal Pensioen Pensioen- grondslag Gehuwd (van wie met verzekering) Ongeh. met kin- deren Gouv. ambtenaren 1868 16 f 36 327 f 54 462 9 ( 9) 1899 92 203 787 370 303 75 (11) 3 99 1938 28 58 756 143 101 23 ( 8) 1 Bijz. onderwijzers 1899 1 2 850 5 340 1 R.K. geestelijken 1899 3 3 413 6 600 . 99 99 1938 1 996 1 212 R.K. ordebroeders 1899 4 9 216 14 643 99 99 1938 3 4 707 9 676 148 f 320 052 f 605 337 108 (28) 4 Politiemilitairen Indische 28 f 21 546 22 regeling 1939 6 4 692 5 34 f...”
2

“..." Pensioen betaalbaar in Tezamen Curasao Nederland Aan- tal Pensioen Aan- tal Pensioen Aan- tal Pensioen Mannelijke gepensionneerden . 136 f 256 862 46 f 89 428 182 f 346 290 Vrouwelijke gepensionneerden 27 32 403 5 12 054 32 44 457 Weduwen 106 81 940 38 48 042 144 129 982 Weezen . ...... 32 5 382 4 594 36 5 976 301 f 376 587 93 f 150 118 394 f 526 705 Deelgenoot in het fonds waren behalve de verplichte deelgenooten nog 10 zonder pensioen ontslagen ambtenaren met in stand gehouden verzekering. Ter vergelijking diene het volgende staatje van de op 31 December 1934 loopende pensioenen: ' " ; Gepensionneerde Aantal Pensioen per jaar Mannelijke | Gouvernements- 132 f 255 334 Vrouwelijke j ambtenaren 11 17 899 Weduwen 139 114 571 Weezen 4 2 574 Tezamen op 31 December 1934 286 f 390 378 § 23. Verloop onder de mannelijke in dienst zijnde gouvernementsambtenaren. Kalender- jaar Begin Bij Gepen- sionneerd Ontslagen zonder pensioen Overleden in...”
3

“...23 § 24. Verloop onder de mannelijke gepensionneerde gouvernementsambtenaren, bijzondere onderwijzers en politiemilitairen. (politiemilitairen achter het + teeken). Kalender- jaar Begin Bij, Overleden 1937 146 9*) 13 1938 142 10 6 1939 146 + 31 15+1 5 1940 156 + 32 6+2 7 1941 155 + 34 4+1 8' 1942 151 + 35 8 10 + 1 1943 149 + 34 10 + 1*) 12 + 2 1944 147 + 33 8 + 1 7 1945 148 + 34 70*)+ 6*j 68 + 3 *) w.o. n met pensioen niet aansluitend bij ontslag. Verloop onder de vrouwelijke gepensionneerde gouvernementsambtenaren en bijzondere onderwijzeressen. Kalender- jaar Begin Bij, Overleden 1937 15 5 1 1938 19 4 1 1939 22 4 1940 26 1 1941 25 4 2 1942 27 3 1 1943 29 3 2 1944 30 3 1 1945 32 26 9...”
4

“...30 3. Rentevoet en waardeering der beleggingen. § 32. Hoewel op den balansdatum de in Nederland over het algemeen heerscheride rentevoet hooger was dan 3 %>, zijn de berekeningen naar dien rentevoet uitge- voerd, omdat sinds het einde van den oorlog in Nederland door het fonds slechts belegd kon worden tegen 3 % en in Curagao die rentevoet al gedurende den oorlog gold. § 33. De beleggingen zijn wiskundig gewaardeerd. Voor alle boven 3 #/o rentende obligaties en leeningen is gerekend, dat zij met ingang van den balansdatum tot 3 % zouden worden geconverteerd, indien boetebepalingen dit niet verhinderden. Een uitzondering is gemaakt voor de obligaties Nederlandsch-Indische Spoor, die met het oog op de onzekere toekomst tegen den laatsten beurskoers van 1944 in Amsterdam gewaardeerd zijn. De waarden van alle bezittingen en schulden in Nederland zijn in Curagao- sche guldens omgerekend door vermenigvuldiging met 0,71088. De hypotheken zijn behandeld, alsof zij alle na 2Va...”
5

“...31 mannelijke zoowel als vrouwelijke deelgenooten is berekend door vermenigvuldi- ging van de pensioengrondslagen met de pensioenfactoren 2 v V X + 1 (a + 'l>VxGx + l ( x + 1 r- 3/s) X 1 V2 \r 1 V* + 'k x + 'k Hierin is v = ,-qj (§ 32). De grootheden pa en la komen voor in de activiteitstafels (§ 29). V is het verhoogingsgetal (§ 30). P : G stelt de verhouding voor van pensioen tot middelsom der pensioen- grondslagen op het tijdstip van pensionneering (§ 31). a 3/8 is de lijfrentefactor voor de gepensionneerden. Door in den teller van de formule het verhoogingsgetal voor den leeftijd x en niet dat voor den leeftijd x. + 1 te nemen, wordt in rekening gebracht, dat over het algemeen de middelsom voor de berekening van het pensioen het gemid- delde is van de grondslagen in de twee afgeloopen jaren, zoodat de verhouding van middelsom tot grondslag vrijwel gelijk is aanV^ ; Vx+\: Op den balansdatum waren 814 mannelijke deelgenooten in dienst met teza- men f 3 668...”
6

“...32 lingen in de pensioenverordeningen opgenomen, deelgenooten zonder pensioenge- rechtigde betrekkingen dragen nooit voor weduwen- en weezenpensioen bij bij de berekeningen is er wel rekening mee gehouden, dat dit deel der deelgenooten nooit betrekkingen zullen hebben, die recht op weduwen- of weezenpensioen bezit- ten en dat de bepalingen inzake zulk pensioen en inzake de bijdragen daarvoor niet op hen van toepassing zullen zijn. Omdat de vrouwelijke ambtenaren en de onderwijzeressen in het algemeen bij huwelijk uit vasten dienst worden ontslagen, is er niet op gerekend, dat zij pen- sioengerechtigde kinderen krijgen kunnen. Wel is op lasten en baten gerekend voor 4 vrouwelijke deelgenooten, die reeds kinderen hebben (zie § 42). Hoewel p den balansdatum nog de bepaling van kracht was, dat het pen- sioen aan jongens slechts tot hun achttiende jaar werd uitgekeerd, is op grond van de terugwerkende kracht van de desbetreffende wijziging in P.B. 1945 No. 71 tot 1 Januari...”
7

“...42 Wetenschappelijke Balans per 31 Decemher 1944, indien de baten van het fonds slechts bestonden uit 10 % resp. 6 % (c.q. 4 %) van pensioengrondslag en pensioen. (In duizenden guldens) Bezittingen, vorderingen . 5 00 00 Schulden ... 148 C.w. bijdragen eigen pensioe- C.w. loopende eigen pensioenen 4 112 nen (10%) ..... 5 o 00 o C.w. loopende weduwen- en C.w. bijdragen weduwen- en weezenpensioenen . 1 534 weezenpensioenen (6 of 4 %) 1 798 C.w. toekomstige eigen pen- C.w. bijdragen bij, huwelijk 20 sioenen 20 229 Tekort . , ... 19 398 C.w. toekomstige weduwen- en weezenpensioenen 5 281 C.w. begrafenisgelden . 1 C.w. beheerskosten . . . 875 32 180 32 180 De thans gegeven verdubbeling der bijdragen maakt het tekort op de weten- schappelijke balans nog geen 3 millioen gulden kleiner. Met opzet is in deze balans geen rekening gehouden met de vergoeding der pensioenen door het Gouvernement, daar dan het inzicht in de beteekenis van het tekort vertroebeld...”
8

“...50 STAAT I. Activiteitstafel voor Mannelijke deelgenooten (Waarnemingen 1920 t/m 1944) Leeftijd in volle jaren X Kansen op Aantal in dienst a *x + V2 Aantal gevallen van Verhoo- gings- getal V + V2 Pension- neering a ** + V2 Ontslag zonder pensioen x+y2 Overlijden in dienst a qx+y2 Pension- neering 1 Ontslag zonder pensioen ux+y2 Overlijden in dienst dx+}k 18 0.100 0.001 100.000 10.000 100 28 19 0.090 0.001 89.900 8.091 90 31 20 0.075 0.001 81.719 6.129 82 34 21 0.060 0.001 75.508 4.530 76 37 22 0.045 0.001 70.902 3.190 71 41 23 0.035 0.001 67.641 2.367 68 45 24 0.028 0.001 65.206 1.826 65 49 25 0.023 0.001 63.315 1.457 63 53 26 0.020 0.001 61.795 1.236 62 58 27 0.018 0.001 60.497 1.089 60 62 28 0.017 0.002 59.348 1.009 119 67 29 0.001 0.016 0.002 58.220 58 932 116 72 30 0.001 0.015 0.002 57.114 57 857 114 77 31 0.001 0.014 0.002 56.086 56 785 112 82 32 0.002 0.013 0.002 55.133 110 717 110 86 33 0.003 0.012 0.002 54.196 163 650 108 91...”
9

“...51 STAAT II. Activiteitstafel voor Vrouwelijke deelgenooten (Waarnemingen 1937 t/m 1944) Leeftijd in volle jaren X Kansen op Aantal in dienst a 1 Aantal gevallen van Pension- neering a x +1/2 Ontslag zonder pensioen a X+Ik Overlijden in dienst V+y* Pension- neering p*+y2 Ontslag zonder pensioen ux+y2 Overlijder in dienst a d*+y2 Verhoo- gings- getal V x +}h 18 0.120 0.001 100.000 12.000 100 51 19 0.120 0.001 87.900 10.548 88 54 20 0.120 0.001 77.264 9.272 77 56 21 0.120 0.001 67.915 8.150 68 59 22 0.120 0.001 59.697 7.163 60 62 23 0.120 0.001 52.474 6.297 52 65 24 0.120 0.001 46.125 5.535 46 68 25 0.120 0.001 40.544 4.865 41 70 26 0.120 0.001 35.638 4.276 36 73 27 0.001 0.120 0.001 31.326 31 3.760 31 76 28 0.002 0.110 0.002 27.504 55 3.025 55 79 29 0.002 0.100 0.002 24.369 49 2.437 49 82 30 0.003 0.090 0.002 21.834 65 1.965 44 85 31 0.003 0.080 0.002 19.760 59 1.581 40 88 32 0.004 0.070 0.002 18.080 72 1.266 36 91 33 0.005 0.060 0.002...”
10

“... 852.197 21,652 31 0.0038 95.171 362 35,25 38.067 812.838 21,353 32 0.0039 94.809 370 34,39 36.818 774.771 21,043 33 0.0041 94.439 387 33,52 35.606 737.953 20,726 34 0.0044 94.052 414 32,65 34.427 702.347 20,401 35 0.0047 93.638 440 31,80 33.277 667.920 20,072 36 0.0050 93.198 466 30,94 32.156 634.643 19,736 37 0.0054 92.732 501 30,10 31.063 602.487 19,396 38 0.0059 92.231 544 29,26 29.996 571.424 19,050 39 0.0064 91.687 587 28,43 28.950 541.428 18,702 40 0.0070 91.100 638 27,61 27.928 512.478 18,350 41 0.0076 90.462 688 26,80 26.924 484.550 17,997 42 0.0082 89.774 736 26,00 25.941 457.626 i7,641 43 0.0089 89.038 792 25,21 24.979 431.685 17,282 44 0.0096 88.246 847 24,43 24.036 406.708 16,921 45 0.0103 87.399 900 23,67 23.112 382.670 16,558 46 0.0111 86.499 960 22,91 22.208 359.559 16,191 47 0.0119 85.539 1.018 22,16 21.321 337.351 15,822 48 0.0128 84.521 1.082 21,42 20.454 316.030 15,451 49 0.0138 83.439 1.151 20,69 19.604 295.576 15,077 50 0.0148 82.288 1.218 19,97...”
11

“...y 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 5'5 54 zigd voor de gepensionneerde leeftijdsverlaging van twee jaren RENTEVOET 3%. van de weduwen van Europeeschen landaard van de burgerlijke Ncdcrlandsch-Indi in de jaren 1920 t/m 1934). Aantal Aantal delde levenden dooden levens- duur l d o D N y y y y y 100.000 600 48,18 58.739 1.448.904 99.400 596 47,47 56.687 1.390.165 98.804 593 46,76 54.706 1.333.478 98.211 589 46,04 52.793 1.278.772 97.622 586 45,31 50.948 1.225.979 97.036 582 44,58 49.167 1.175.031 96.454 579 43,85 47.449 1.125.864 95.875 575 43,11 45.791 1.078.415 95.300 572 42,37 44.190 1.032.624 94.728 568 41,62 42.646 988.434 94.160 565 40,87 41.155 945.788 93.595 562 40,11 39,717 904.633 93.033 558 39,35 38.329 864.916 , 92.475 555 38,58 36.989 826.587 91.920 552 37,81 35.696 789.598 91.368 548 37,04 34.448 753.902 90.820 545...”
12

“...56 STAAT V. Benoodigd bijdragepercentage voor eigen pensioen MANNEN Leeftijd in volle jaren y Aantal toetredingen Aangenomen pensioengrond- slag bij toe- treding per man Pensioen- factor Contante waarde eigen pensioenen [2] X [3] X [4] Bijdrage- factor Contante waarde v/e bijdrage v. 1 % over pen- sioengrondslag [2} X [3] X [6] X 0,01 rn |2| [31 m [51 (61 [71 18 1 f 1 055 5,17', f 5 400 34,33 f 360 19 20 1 1 281 5,52 7 100 34,64 440 21 1 1 394 5,66 7 900 34,46 480 22 1 1 546 5,60 17 300 33,12 1 020 23 1 1 696 5,51 28 000 31,59 1 600 24 3 1 848 5,41 30 000 30,01 1 660 25 3 2 000 5,30 31 800 28,44 1 710 26 3 2 188 5,11 33 500 26,44 1 740 27 3 2 340 5,03 35 300 25,13 1 760 28 3 2 530 4,89 37 100 23,34 1 770 29 2 2 720 4,78 26 000 21,81 1 190 30 .2 2 909 4,69 27 300 20,42 1 190 31 2 3 100 4,61 28 600 19,12 1 180 32 2 3 253 4,60 29 900 18,11 1 180 33 2 3 442 4,55 31 400 16,93 1 160 34 2 3 593 4,55 32 600 15,99 1 150 35 1 3 782 4,51 17 000 14,92 560 36 1 3 931...”
13

“...57 STAAT V (Vervolg). Benoodigd bijdragepercentage voor eigen pensioen VROUWEN Leeftijd in volle jaren y M Aantal toetredingen 181 Aangenomen pensioengrond- slag bij toe- treding per vrouw f91 Pensioen factor HOI Contante waarde eigen pensioenen [8] X [9] X [10] mi Bijdrage- factor 1121 Contante waarde v/e bijdrage v. 1 % over pen- sioengrondslag [8] X [9] X [12] xo.01 ri3i 18 0,8 f 1 078 0,78 f 670 10,15 f 90 19 1,0 1 138 0,86 980 10,22 120 20 1.2 1 198 0,96 1 390 10,32 150 21 1,3 1 258 1,08 1 760 10.46 170 22 1,4 1 319 1,20 2 220 10,65 200 23 1,4 1 380 1,35 2 610 10,88 210 24 1,3 1 440 1,52 2 840 11,16 210 25 1,2 1 500 1,70 3 070 11,49 210 26 1,1 1 561 1,92 3 290 11,87 200 27 1,0 1 623 2,16 3 510 12,32 200 28 0,9 1 685 2,44 3 700 12,85 190 . 29 0,8 1 748 2,72 3 890 13,33 190 30' 0,7 1 811 3,01 3 820 13,73 170 31 0,6 1 875 3,29 3 710 14,04 160 32 0,5 1 939 3,57 3 460 14,24 140 33 0,4 2 003 3,83 3 070 14,33 110 34 0,3 2 067 4,07 2 520 14,30 90 35 0,2 2 131 4,28 1...”
14

“...58 STAAT V (Vervolg). Benoodigd bijdragepercentage voor Weduwen- en Weezenpensioen Leeftijd in volle jaren X m 8/g X som bezol- diging bij toetre- ding mannen 8/g X [2] X [3] (zie § 55) [Hl Pensioenfactor fa * + Vt_ (zie § 44) (15) Contante waarde weduwen- en weezenpensioen [14] X [15]- (16) Bijdragefactor (17) Contante waarde v/e bijdrage v. 1 % over pensioen- grondslag en pen- sioen [14] X [17] X 0,01 (18) 18 f 940 1,57 f 1 500 36,68 f 340 19 20 1 140 1,68 1 900 37,26 420 21 1 240 . 1,72 2 100 37,20 460 22 2 750 1,70 4 700 35,88 990 23 4 520 1,67 7 500 34,35 1 550 24 4 930 1,64 8 100 32,77 1 620 25 5 330 1,60 8 500 31,19 1 660 26 5 830 1,54 9 000 29,15 1 700 2? 6 240 1,51 9 400 27,75 1 730 28 6 750 1,46 9 800 26,02 1 760 29 4 840 1,42 6 900 24,49 1 190 30 5 170 1,38 7 100 23,10 1 190 31 5 510 1,35 7 400 21,80 1 200 32 5 780 1,33 7 700 20,83 1 200 33 6 120 1.30 8 000 19,67 1 200 34 6 390 1,29 8 200 18,78 1 200 35 3 360 1,27 4 300 17,73 600 36 3 490 1,26 4...”
15

“...STAAT IX. Wetenschappelijke Balans van het Algemeen Curagaosch Pensioenfonds naar den toestand van 31 December 1944. ACTIVA (berekend met benoodigde bijdragepercentages) PASSIVA Bezittingen en vorderingen..................... Contante waarde bijdragen : 25,21 % voor eigen pensioen.................. 6,13 %> voor weduwen- en weezenpensioenen Contante waarde extra-bijdragen b huwelijk wegens leeftijdsverschil...................... Tekort Curagaosch courant f 5 884 000 12 807 000 3 271 000 20 000 10 198 000 f 32 180 000 Schulden.............................. Contante waarde loopende eigen pensioenen Idem loopende weduwen- en weezenpensioenen Idem toekomstige eigen pensioenen .... Idem toekomstige weduwen- en weezenpen- sioenen ........................... . Idem begrafeniskosten....................... Idem beheerskosten . . . .. Curagaosch courant f 148 000 4 112 000 1 534 000 20 229 000 5 281 000 1 000 875 000 f 32 180 000...”
16

“... weezen na te laten door vrouwen en niet meer 299 000 2 540 000 gehuwde mannen 6 000 weduwen en weezen na te laten door in dienst zijnde deelgenooten 4 314 000 50 000 v idem door vrijwillige deelgenooten volgens art IQ PV 1RQQ .... 68 000 5 281 000 1 446 000 Contante waarde der begrafeniskosten . 1 400 1 000 Contante waarde der beheerskosten 875 000 2 000 1 498 000 20 000 20 000 22 238 000 f 32 180 000 f 32 180 000 1..vM S m ommat 9 AA v t C ' :>A.V...”