Your search within this document for 'agt' resulted in three matching pages.
1

“...129 Ps. 150,200.- Chabot............................... „ 150.- de vervalle boetens van de Joodse natie wegens de wagt..................................„ 420.— NB. Vermits van de Vrij Negers en moulatten geen Lijst konne becoomen hebben daar over geene Taxatie gemaakt dan stellen deselve tsaamen op..................................1,020.— Ps. 151,860.- Ingevolge, ende tot voldoeninge van VED. Achtb:re Resolutie ende Instructie inden hoofde deezes vermeld, hebben wij booven- staande Taxatie, naar onse beste vermoogen, weeten en kennisse gedaan, sonder aansien van persoon off persoonen bedraagende deselve tesaamen een Somma van Eenhondert en een en Vijftig duijsent agt honderd en sestig Stucken van Achten, houdende geresumeerd, indien eenige persoonen indeese Taxatie mogte vergeeten zijn, deselve nog daar naar te connen inbrengen. Versoekende VED. Agtb: gelieven tot voldoening vant gemeen dit naader te Examineeren, ende naar VED. Achtb: Goetvinden te dispoheeren...”
2

“...143 het afzenden van het minneraal steen met Pieter Statema, waarinne ik melde goed coper te zijn, gedurig te laten werken, dog tot dato nog geen een ader gelijk ik verwagt hadden gevonden, zijnde de koperagtige deeltjes sparsum in de steen uijtgestrekt, gelijk als in het gesondene monster, sonder tot een corpus solidum te komen, hetgeene een ader beduijd, ende die men in de kopermijnen somtijds van een arm dik vind. Daar is reeds tot op bijna agt vadem diep gewerkt, sonder dat de hoope sig ergens in heeft vermeerdert, ende indien men nog een vadem of drie dieper komt ende het mineraal niet rijker werd, zie ik ook in deesen bergh niet als verlooren arbeijd tegemoed. Maar alsoo deselve van een tamelijke uijt- gestrektheijd is ende een axioma, van de naturalesten bjj experientie de waarheid is bevonden in de Spaanse goud- en silvermijnen, dat, indien der kopermijnen aan het oosten van een plaats of berg sig ontdekken, dat men alsdan aan het westen een silvermijn sal...”
3

“..., ’t geen van boven met een schild voorzien is, omringt van kunstig loofwerk, en rustende op een Strandvogel, met half uitgebreide vleugels. Het Orgel, geplaatst boven een der por- talen, en aan de Kerk, door eenige Amsterdamsche vrienden, gulhartig, geschonken, is mede zeer keurig van snijwerk voor- zien. Twee leden, op St. Domingo woonende, hadden aan die van Curasao, zo voor den Predikstoel, als het Doophuis en de verdere Gestoeltens, een vereischten voorraat van het fijnste Mahony-hout, ten geschenke gezonden;, terwijl een milddadig Ingezetenen des Eilands, voor den Predikstoel, een folio Bijbel, met zilver beslag, en keurlijke kunstplaten, vereerde, waar voor, in Holland, vier honderd drie en veertig guldens betaald was. (a) Dit Gedenkstuk, ’t welk eerst vijf jaren daarna, namentlijk anno 1768, in de Kerk geplaatst werd, is van donker blauw, of zwart, marmor, en door den beroemden Beeld- houwer Hermanns Poggeman te Amsterdam, vervaardigd; agt voeten hoog en vijf en...”