| 1 |
 |
“.... Bovendien
woonde de man op Franschen grond onder de commissie van den
generaal van Martinique * *). Intusschen deed Stalpert ook zonder
soldaten zijn plicht. Den 28sten Februari 1720 ging hij met twee
*) Copie request d.d. St. Eustatius 11 Jan, 1720, port. no. 1 fol. 377r—380v. Jan de
Windt aan X d.d. St. Maarten 24 Mei 1720, aldaar fol. 39 lv.
*) W. Westergaard, The Danish West Indies under Company rule, New York 1917,
ch. X, The acquisition of St. Croix.
*) Vergel. Joh. Picardt, De Predigerf Zwolle 1650 biz. 89: de predikanten zijn zóó
arm, dat zij „qualijc schoe (hebben) om naer broodt te gaan....” In het jaar 1718
kwamen er van Anguilla, Tortola en de Krabbeneilanden, waar de grond was uitge-
put, sommigen naar St. Eustatius, waar de grond bijna te geef was, Pitman, a.w.
pag. 106.
4) Jac. Stalpert aan X 19 Jan. 1720 port. no. 1 fol. 365r—367v. 27 Febr.1720, aldaar
fol. 381, 382. Jan de Windt aan X d.d. St. Maarten 17 Mei 1720, aldaar fol. 389, 390....”
|
|
| 2 |
 |
“... daarvan
rapport had gedaan in zijn „Argonautica Gustaviana”, Frank-
i) Anegada, rif ach tig eilandje boven Sombrero en Anguilla, Blaeu, Atlas. Amst.
1665, 8ste stuk. Spanistown, niet de hoofdstad van Jamaica, dat te ver ligt, maar
een andere naam voor Virgin Gorda, een der Maagdeneilanden. Bryan Edwards,
The history, civil and commercial, of the Britsch West-Indies, 1819,1 499 noot: „Virgin
Gorda is likewise called Penniston and corruptly Spanish Town”. Op ditzelfde rif
bij Virgin Gorda bleef 15 Aug. 1729 de Salvator Mundi van St. Thomas naar Kopen-
hagen, Westergaard, The Danish West Indies pag. 152.
*) Journaal van het merkwaardig gepasseerde, 21-23 Oct. 8 Nov. 1731, port. no. 4
fol. 242, 243r. Raecx aan X 12 April 1732, aldaar fol. 309r.
*) Raecx aan X 16 Juni 1732, port. no. 4. fol. 338v, 339r. De naam van kapitein
en schip volgens Lijst van ingekomen vaartuigen op 11 Juni 1732, aldaar fol. 346....”
|
|
| 3 |
 |
“....
«) Ms. Hamelberg, K. Bibl, 120 B. 3, blz. 75. Opmerkelijk dat toen de dochter van
Runnels eene ijverige methodiste klasleidster op St. Eustatius was! Findlay a. w. II
156 noot.
*) Op St. Maarten had John Hodge, een vrije kleurling van Anguilla, in 1817 het
methodisme gebracht, eerst in het Fransche gedeelte, vanwaar het ook naar het Neder-
landsche kwam. Onder zendelingen als Gilgrass, Cullingford steeg het aantal gemeente-
leden er tot 409 (in 1829), onder wie ook vele blanken. Toen in 1849 de slavernij op
Fransch St. Maarten ophield, vluchtten vele slaven van het Hollandsche gedeelte daar-
heen, maar onder hen geen van de honderden methodiste negers, Findlay u.w. II170
172, 385....”
|
|
| 4 |
 |
“... gemeen
volk, arme menschen, terwijl de generaal De Champigny, de
ons reeds bekende gouverneur der Fransche bezittingen, „niet
veel aghting voor het eiland had”. Daarentegen had de heer
George Leonard, gewezen commandeur van Anguilla, zich
aangemeld, om met 60 slaven zich op Hollandsch St. Maarten te
vestigen. Doch de Heeren vonden / 15.000 een te grooten hap in
hun financiën en lieten alzoo de kans voorbijgaan, om het gan-
sche eiland onder onze vlag te brengen 1).
Reeds aanstonds rezen er moeiehjkheden met den Raad. Deze
verzette zich tegen de recognitie van alle uitgevoerde goederen,
omdat immers koopwaren, direct voor Amsterdam geladen, daar-
aan niet onderworpen waren? En daarin had de Raad gelijk.
Doch nu verzochten de ingezetenen ook ontheffing van de hoofd-
gelden, vrijdom van recognitie voor uitgevoerde landsvruchten
en vee, eindelijk verlof om hun slaven te koopen, waar zij die het
best bekomen konden. Want aan slaven was altijd gebrek. Doch
Philips wees er hen op...”
|
|
| 5 |
 |
“... aan ds. Reneman.
Voorts vindt men nog namen van predikanten, die korter of
langer op St. Eustatius waren en daar den doop bedienden of een
preekbeurt waarnamen.
Jacob Casper Metzlar V. D. M. Zie bij C. Schwiers ®).
Nicolaas Clay op Anguilla vóór 1779 l0).
*) Boekzaal 1777 I 70.
*) Doopboek S. E. no. 250 R. A. op 4 Juli 1788. Ondertrouwboek S. E. no. 254 R. A. op
10 Juli 1788. Ik ken een Petrus van Vlierden, 4 Sept. 1753 als Hattemo Gelrus phil. te
Harderwijk ingeschreven, Album Stud. Ac. Gelro Zutph. kol. 109, een anderen of den-
zoden als predt. te Varik, 30 Juni 1765 te Waardenburg en Neerrijnen, Boekzaal 1765
11 96. Vos a. w. fol. 304a heeft alleen den naam als P. V. V. Lierden.
•) Boekzaal 1750 II 133, 777.
‘) Alb. Stud. Ac. Gelro Zutph. kol. 93 a.
*) Boekzaal 1752 I 586.
*) Ds- van Essen aan classis 27 Oct. 1750, Oud cl. archief blz. 16.
’) Boekzaal 1783 I 85.
*) L. Knappert in N. Ned. Biogr. Woordbk. VII 1168.
*) Er is een Jacob Casper Metzlar Hulsta Flandrus in...”
|
|
| 6 |
 |
“..., in dezen tijd hoogleeraar te Leipzig, toen nog
niet voor kettersch gold. Dat vice-commandeur Heyliger en ou-
derling Bousjon (sic; Beaujon) Runnels ook onrechtzinnig von-
den, hield ds. Houwink voor een even krachtig getuigenis als
van twee professoren aan een onzer hoogescholen 2).
Zondag 25 September 1763 nu preekte Runnels voor zijne En-
gelsche gemeente en noemde toen de leer, dat God de auteur der
zonde is, „grouwelijk”. Deswege voor den kerkeraad gedaagd,
weigerde hij in een „impertinenten” brief te verschijnen. Maar
Heyliger, Beaujon en John Salomons Gibbes getuigden eenstem-
mig, dat hij de praedestinatie loochende, omdat men anders den
mensch tot een steen of machine zou maken en God tot een
auteur van het kwaad. De vice-commandeur voegde daar nog
bij, in later jaren, dat hij toentertijd reeds had getuigd, dat ook
ds. N. Clay van Anguilla zeide, dat Runnels de leer der H. Drie-
ëenheid weersprak en deswege ook nimmer de Drie formulieren
had willen onderteekenen...”
|
|
| 7 |
 |
“... belangrijke stijging
derhalve8).
Van versterkingen op St. Eustatius zullen wij in 1748 hooren.
Het garnizoen was daar grooter, 50 man, onder den commandant
ad interim Andries Ravené van Amsterdam en sergeant Pieter
Radewijs van Middelburg. De soldaten zijn uit den Elzas, Saxen,
Zweden, Denemarken, Ierland, in ’t kort uit alle ’s Heeren landen
en van zeer verschillenden leeftijd, J. J. Gerkes uit de Keurpaltz is
67, Hubert de Jonge uit Luxemburg 17 jaar. Als tamboers deden
meest negers dienst4). De bevolking had in dit jaar het hooge
cijfer van 2158 bereikt, onder wie 1414 slaven ®).
§ 5. Weldra zou St. Maarten overlast lijden. In het begin van
Mei 1745 kwam Arthur Hodge, de commandeur van Anguilla,
als een dief in den nacht met gewapende mannen op Nederlandsch
gebied, drong in het huis van een der burgers door, waar de gewe-
zen Fransche commandeur De Laparelle zich verscholen had en
») John Philips aan X 4 Juli 1744 port. no. 6, fol. 285 v„ 286 r. 10 April 1744 aldaar
fol. 148...”
|
|
| 8 |
 |
“...216
DE WELVAART EN HARE VIJANDEN
verklaringen, verbood toen den Nederlandschen opgezetenen het
waterhalen in het Fransche gedeelte, roofde onze slaven, slachtte
onze beesten en liet een wachthuis van ons verbranden, onder
voorgeven dat het op zijn grond stond. Toen er booze woorden
volgden, zette hij zelfs Philips zijn snaphaan op de borst. Deze
stelde den Raad voor den indringer met zijn volk gevangen te
nemen, dat zeker het verstandigst zou geweest zijn, maar dit col-
lege durfde niet verder gaan dan een schriftelijk protest. En dan de
de onverwachte ontknooping! Drie Fransche kapers overrompel-
den de Engelschen, voerden hen allen mede .... en daar lag het
Fransche deel verlaten, af en toe nog van Anguilla uit geplunderd.
Wat wonder, dat Philips toen weder voor de honderdste maal met
het oude plan voor den dag kwam. „Het behoeft u”, schreef hij
aan de Heeren, „maar één woord aan H.H. Mog. te kosten, om
thans die Fransche helft te verkrijgen, waaraan Engelschen noch...”
|
|
| 9 |
 |
“...224
DE WELVAART EN HARE VIJANDEN
eiland bespaard gebleven, terwijl de plantages hier meer beteeken-
den dan ginds en de zoutwinning eenig voordeel bracht. Laat ons
weder beginnen met de inkomende schepen.
Op St. Maarten hepen binnen: in 1735 en 1736 175 1), van 23
Juli 1737 tot 30 December 1738 96 2), in 1744 124 3), in 1747 2214 * *).
van 15 Januari 1748 tot 1 Januari 1749 255 B), over 1750 402 ®),
1 Januari 1751 tot 1 Januari 1752 210 7).
Van de bovengenoemde 175 schepen in 1735 en 1736 kwamen er
18 van Anguilla met passagiers, ballast, r
61 „ St. Eustatius „ levensmiddelen.
31 „ St. Christoffel 99 idem.
4 „ Martinique 99 passagiers, provisie.
10 „ Rhode Island 99 idem.
3 „ Barbados „ ballast.
1 „ Saalem (Mas.) 99 manufacturen.
4 „ Bermudas 99 provisie.
12 „ Antigua 99 provisie, ballast.
2 „ Cura5ao 99 passagiers.
1 „ Boston 99 planken.
4 „ Montserrat 99 passagiers.
2 „ Guadeloupe „ passagiers, ballast.
2 „ Spanish Town 99 hout.
2 „ Isle Blanco 99...”
|
|
| 10 |
 |
“....
van 16 December 1746 tot 15 Januari 1748 .. 172-1-4 6)
van 16 Januari 1748 tot 1 Januari 1749 .... 737-5-3 * *)
van 1 Januari 1750 tot 31 December 1750 ... 479-1-5 *)
van 1 Januari 1751 tot 31 December 1751 ... 777-0-2 8)
§11. Voor de kennis der welvaart dient men ook te letten op de
prijzen van plantages, huizen en inboedels. Ik laat er hier enkele
volgen, naar tijdsorde gerangschikt uit de notarieele en scabinale
acten in het archief van St. Maarten •).
19 Febr. 1749. William Gumbes Sr. van Anguilla verkoopt aan zijn
zoon Jacob op St. Maarten eene plantage bij de Groote Zoutpan
tusschen de landerij en van Laurens Westerband voor 1000 pes.10)
4 Febr. 1758 John Peter Richardson verkoopt aan John Hassell
zijn aandeel d.i. 1/32 in de nalatenschap zijner grootmoeder (Su-
sanna Haley) voor 434 pesos. De gansche nalatenschap
dus 13888 pes. “)
*) Uit Aantt. Hamelberg z. pl.
*) Port. no. 6 fol. 476 r.—481 r., 484 r. Van St. M. naar Amsterdam direct vind ik
reeds 23 Mei 1735 de...”
|
|
| 11 |
 |
“...DE WELVAART EN HARE VIJANDEN
245
want alle natiën in Amerika handelden in vredestijd liever onder
de „duytse natie” dan onder hare eigene 1). Heyliger, vernomen
hebbende, dat er te Breda een vredescongres zou geopend worden,
vroeg, smeekte bijkans, „laat het U toch niet ontglippen, het zou
zulk een kapitaal eiland worden” 2 3). Men was overtuigd, dat alle
bewoners van Anguilla er zich zouden vestigen en dat het eiland
15 è. 20000 vaten suiker zou opbrengen. De commandeur deed de
Heeren opmerken, dat zij dan ook hunne eigene aanwassende be-
volking onder hun eigen gebied zouden kunnen houden, die thans
naar de Deensche kolonies emigreerde. Hij herinnerde hen er
aan, dat de Denen ook St. Kruis van het Fransche Hof voor
164000 Rd. gekocht hadden en er nu talrijke bloeiende plantages
bezaten s). Weder het volgend jaar was het Abr. Heyliger Pzn.
van St. Maarten die om den aankoop vroeg, nog naïvelijk over-
tuigd, dat de Heeren het belang ervan stellig zouden inzien, iets...”
|
|
| 12 |
 |
“...ALGEMEEN REGISTER
Een * achter het cijfer verwijst naar de noot der bladzijde.
Abbot, Thom. 229.
Adriaanssen, Pieter, gouv. S. E. 3.
Adriaensz., Jacob, raadsl. 15.
Aerssen v. Sommelsdijk, Corn. 160.
Aertsen, A. C., vr. v. M. Dickers 191
260*.
----, Daniël 261.
----, Elisabeth, vr. v. G. Lacomb(l)é
- 195.
----, Johannes 260*.
----, Lodewijk 261.
----, Sara, vr. v. B. Tronchin 260, 261*.
Aertsz., Jan, pakhuism. 270.
Albanez, Matth., gouv. Portorico 72.
Alders, Roelof, schipper 127, 145*, 147
157.
Aleppo 13,34.
Algiers 148*,261.
Allegre, Philip 37.
Alloway, Thom., Eng. kapt. 285.
Aimers, Koenraad, secr. v. De Mepsche
43, 45, 46.
Alphen, Hiër. Simons van, predt. 13, 18.
Alvarez, Jos., priester 164, 187.
Amsterdam 271, 287.
Amsterdam, fort 130, 141, 143
213, 217*, 264, 285.
Amyot, Paul, koopm. 223, 242.
Andrew Doria 273,274.
A n e g a d a 72*.
Angola 89.
Anguilla 116*, 169, 201, 214, 216,
224, 225, 245.
Annin, David, schipper 222.
Antigua 93, 112, 113...”
|
|
| 13 |
 |
“....
----, William 123.
Heyningen, Alb. v., secret. S. M. 158,
208, 217, 243, 251, 252, 268, 270, 283,
284.
----,----jun. 270, 283.
----, G. G. van, ouderl. 177, 178.
Heyns, Paulina, vr. v. Jan Ellis sen. 156*
182.
Higgons, ...., Eng. kapitein 234.
Hillebrand, Pieter 65.
Hinlópen, Jan van Goor, kapt. 254, 263.
Hodge, Arthur, comm. Anguilla 214,215.
Hodge, John, method. 116*.
----, Robert 178*.
Hodson, Thom., scheepsj. 250*.
Hoëvell, dr. W. R. baron van 80.
Hoeven, Joh. Lamb, ter, fiskaal 283.
Hofker, Com. Jansz., schipper 284.
Hofman, Joh. Lamb. Urb. Boreel, predt.
168, 175, 176, 187.
Hofstede, Petrus, hoogl. 160.
Hogendorp, Dirk van 80.
Hogestein, Maria, vr. v. ds. Hofman 168.
Hoghson, Chr., schipper 22.
Hollandia, fort 235, 237, 238.
Holly, Eng. kapt. 286.
Holman, Sally 190.
Holmes, Robert 3.
Homberg, Chr. D. 194.
Hondius, Jac. 80.
Hood, Sir Samuel, Eng. sch. b. n. 287.
Hoogendam, Jan, schipper 89.
Hoogenheim, W. S. van, gouv. Berbice
95, 96.
Hoogh, Adr. de, schoolm...”
|
|