| 1 |
 |
“....
Veel is door dezen overgang van baten en schulden niet ver
anderd. De handel op de Oost bleef aan de Bataafsche Republiek
voorbehouden; de betrekkingen der Buitenlandsche bezittingen en
Colonin van de Bataafsche Republiek in de beide Indin tot het
Moederland, zouden op den thans nog plaats hebbenden voet blijven,
totdat de Vertegenwoordigende Vergadering op voorstel van het
Uitvoerend Bewind daaromtrent zoodanige schikkingen zoude heb
ben gemaakt, als zij ter bevordering van het algemeen belang zoude
oordeelen te behooren. Aldus de Staatsregeling.
Verder wordt alles aan de toekomst toevertrouwd. Een wet zal
de inwendige staatsinrichting en de wijze van bediening der Policie
en Justitie in elk der Aziatische Bezittingen en Etablissementen
regelen en de nieuw ingestelde Raden (1 Mei 1800 in werking ge
treden), die het bestuur zullen voeren over de Bezittingen in Asia
mitsgaders over de Colonin in Amerika en de Bezittingen op de
kust van Guinea, zullen voor hunne...”
|
|