| 1 |
 |
“... nog uitsluitend ambtenarenbestuur.
Aan Tripolitania en Cirenaica heeft een decreet-wet van 1919
„locale parlementen” geschonken, bestaande uit verkozen leden
benevens een zeker aantal ambtshalve of krachtens aanwijzing
van den gouverneur zitting nemende ambtenaren, die niet meer
dan een zesde van het aantal verkozen leden mogen uitmaken. Zij
hebben medezeggenschap in het opleggen van belastingen en in
de uitvoering van werken bekostigd uit de gewone middelen. De
begrooting stellen zij dus niet vast (alle Italiaansche koloniën ont-
vangen nog geldelijke bijdragen van het moederland). De uit-
voering dezer regeling van 1919, die op de bestaande omstandig-
heden ver vooruitliep, heeft lang op zich laten wachten. In Cice-
naica is het „parlement” metterdaad geopend: in 1923.
De bevolking van Eritrea wordt begroot op 450.000, die van
Somalia op 650.000, die van Tripolitanië en Cirenaica tezamen op
6 millioen zielen.
Literatuur: Mondaini, Hanuale di Storia e Legislazione...”
|
|