| 1 |
 |
“...
Natal een goed eind uitsteekt, in het Noorden tot de St. Luciabaai
eninhetZuidentotinPondolandreikt.Behalvedegebiedsbepaling,
is ook de naam merkwaardig; had men in 1837 bij de aanstelling
van Retief van „Hollandsche trekboeren” gesproken, hier zien
wij Pretorius een naam verkiezen die noch aan het begrip Hol-
land noch aan dat van de Kaap wordt vastgehecht, maar aan een
gansch werelddeel. Ver weg aan de Kaap mochten Engelschen ge-
bieden en Afrikaanders onder hun gezag leven, op het met zijn
bloed betaalde binnenland had enkel recht de Boer.
De leden der Maatschappij verkozen een volksraad en richtten
drie drostdijen in. Zij waren hun eigen autoriteiten niet bijster ge-
hoorzaam; de landdrost van Pietermaritzburg, Jacobus Nicolaas
Boshoff, legde er spoedig het bijltje bij neer.
Als opvolger van Sir Benjamin d’Urban was in Januari 1838
aan de Kaap een nieuwe gouverneur opgetreden, een veteraan uit
de Peninsular War, generaal Sir George Napier. Lord Glenelg,
vóór hij Napier...”
|
|