| 1 |
 |
“... Paramaribo, aan wal, en terwijl de saluutschoten van
het fort Zeelandia hun krachtigen welkoomstgroet donder-
den, verluchtte zich de warme Oranjezin van het Hollandsch
scheepsvolk, daar op een aantal ter reede liggende oorlogs-
vaartuigen aanwezig, in een daverend en eindeloos Hoezee!
Aan de Steenen Trap, der booten aanlegplaats, waar de
rijtuigen stonden te wachten, werd de Prins ontfangen door
den Goeverneur-generaal Baron van Heeckeren, den Kom-
mandant der aanwezige Nederlandsche oorlogsschepen Buys,
de leden van den Kolonialen Raad, en andere aanzienlyken,
allen in volle uniform. Bezetting en schutterij waren onder
de wapenen; het muziekkorps der laatste speelde het Wien
Nerlands bloed; de Nederlandsche kleuren wapperden
alom; aan het gejubel Leve de Koning! Leve de Prins!...”
|
|
| 2 |
 |
“...
heildronk aan Zijne Majesteit den Koning-Groothertog, met
een daverend Leve de Koning! door de gasten besloten,
en door den Prins met een Heil het Groothertogdom! be-
andwoord, herdacht d Staatsminister Baron von Bloc-
hausen de jaren van het regentschap. Hoeveel is in dien
tijd veranderd! sprak hy: Wat was ons Land vroe-
ger wat is het thands? Ieder jaar is een schrede voor-
waart geweest op den weg van vooruitgang, en aan elk
dier schreden hecht zich de naam van Zijn Koninklyke
Hoogheid. De dag van heden wijst in de jaarboeken van
Echternach en dier schreden aan. Wy hebben het aan
Prins Hendrik en aan zijne volharding te danken, dat
het grootsche werk der spoorwegen tot stand komt. Ja
overal waar Zijn Koninklyke Hoogheid gaat, zullen wy hem
met betrouwen volgen....”
|
|