| 1 |
 |
“...CUBA9AO nr 1803—1804. 55
lafhartig de vlucht, terwijl zelfs een soldaat den onzen in
handen viel.
Den 22sten Febr. viel eindelijk de beslissende slag. Op-
nieuw waagden zich de Engelschen in de richting van het
bovenkwartier. Zij vonden hun mannen, die hen verwachtten.
Tiet eerst toonden zij weer hun bedrevenheid, door de
plantage Deijn in asch te leggen. Toen begon de aanval;
van ’s morgens 9 nur tot ’s middags één uur duurde de
stryd. Yan de onzen stierf slechts een marinier, terwijl van
den vijand 2 gedood en 1 officier en 5 soldaten werden
krijgsgevangen gemaakt. In wanorde vluchtten de Engel-
schen, van schrik vielen sommigen hunner zelfs dood langs
den weg. Een peloton Eranschen zette de vervolging voort
tot aan den Rooden Weg en schoot er onderweg nog eenigen
neer, zonder dat de onzen eenige verliezen leden.
Zulk een moed en hardnekkigen tegenstand had Bligh
zeker niet verwacht. Hij gaf de hoop op.
Den 26 Eebr., Zondagsmorgens, ontruimden de Engel-
schen...”
|
|