Your search within this document for 'was' resulted in 275 matching pages.
 
1

“... Poft, met wel» ken hy bekleed is, altoos met allen emit getragr heeft “8 te bevlytigen, om de goede verftandhouding, welke tuftchen hun Hoog Mog. de Heeren Staaten Generaal en net Hof van Groot-Brittannien plaats hadde * te doen bé» ltendig blyveti en daarentegen te voorkomen alles, wat de- lelve rnaar eenigfints foude kunnen ftremmen, ten hoogften gelurpreneert was, wanneer hy uit feekere IVliffivej herti door den rrdïftdent van het Eyland Sr. Chriftop’ners, mee naame Craifter Greathead, in dato 17 December 1776 toe- gefonden, en ten deefen annex onder Num. 4, Vernam, dat defelve daar by voorwende fig verpligt té vinden , om aan den Ondergeteekenden vertogen te doen tegen de her» »n bekende aanmoediging en befcherming; welke ae lebelleerende Noord-Americaanfche Coloniften in het openbaar fouden hebben ontfangen en nog quafi daagelyks genooten in het Eyland , waar over de Ondergeteekende iet gebied voerde; met by voeging niet alleen, dat toevoer van alle foorten van...”
2

“... gelegd had dat te St. Eujlatïus was uit- gerujt) een eigen dom. was van Hollandje he Qnderdaanen ; ge* B % 1 yjfc...”
3

“... anderen ten reguarde van den Ondergeteekenden qualyk Geintentioneerden; en de Ondergeteekende vermeent te mogen vaftftellen, dat al was ’er niet anders ter fijner ver- deediging te allegeeren dan deefe fchriftelyke erkentenis van den Praefident Greathead, even daar door de illiquidi- teit der befchuldiging van den Heer Ridder York op dit fubjeft voldongen foude zyn. Ja, Edele Groot Agtbaare Heeren, Wat kan ’er tterker preuve worden geluppediteert ten betooge, dat de befchuldiging, (als of de Ondergetee- kende het uitruilen der Scheepen door de Americaanen op St. Euftatius foude hebben toegelaatenj en omtrent het equi- peeren der felven op dat Eiland conniventie foude hebben gepleegt) immers ten lafe van den Ondergeteekenden of het Gouvernementj van allen grond is gedettitueert; dafl het expres adveu van den Praefident Greathead felven, te vinden in deftelfs volgens fijn voorgeeven aan den Onder- geteekenden gelchreeven, dog by den Ondergeteekenden nimmer ontfangen Brief...”
4

“... School lag) dat hy hdelnhf flJ?er Schoolmakkers op feekeren avond in Phi- de gaan vvandelen, door eenige Perfoonen in gedwonaenS?,te^her l7?6 W'erd gePreü’ en door defelve ruft door h T t B?°Ad te gaan van etn Rrigantyn, uitge- gecomm Fa Loulres •> genaamt de Andrew \Dor ias lag op de R?” d dat ^ nen verft* ^ p°ord van het fèlve Brigantyn heep kun- 'Olivet*',dat dé 1 bet ZemeUe„a Si, was, rn ° Kléi....”
5

“...( 10 ) Klee ding en andere Noodwendigheeden in te koop en tot ge- bruik van de Americaanlche Land- Armét. Siet daar nu het eenige bewys tot juftificatie van dit uitruften der Schoepen van Americaanen op St. Euftatius; fiet daar de preuve ten betoog van de den Ondergeteekenden te lade gelegde con- niventie, ten dien opfigte; lie daar de probatie van de dagclykfche onbepaalde Commercie tuflcben de Noord-Ameri- caanen en St. Euftatius. Dan het zy den ordergeteekende gepermitteert tJ Wel- Edele Gr. Achtbaare daar omtrent te doen remarqueeren, dat Cgelyk by deefe verklaaring felve gefegt word, dat dit Brigantyn Schip, wel verre van te St. Euftatius te zyn geëquipeert, integendeel door het Land-Congres was mtge- ruft en in Noord-America wierd bemand3 en gelyk deefe verklaaring, foo fe al iets bewyfen konde, wel verre van eene daagelykfche en onbepaalde Commercie tulTchen de Noord-Americanen en St. Euftatius te kunnen aantoo- nen, flegts gewag maakt van één van weegens de...”
6

“... 1776 is ingeklaard en op den xo dito weeder naar St. Thomas is uitgeklaard, fonder iets te hebben aangegeeveh, of iets in- of uitgeb ragt te heb- ben. En vrat kan ’er van de onwaarheid der uitrufting van het gedagte Schip op St. Euftatius fterker preuve gegee- ven worden, dan die te vinden is in de Antwoorden on- der eede gegeeven door neegen Getuigen op de Interro- gatorien, hun van weegens den Ondergeteekenden voor- gelleld, fub Num. 8. i-ix. infonderheid als men daar by reguardeert, dat defelven niet alleen fpecialyk gedaan zyn ten opfigte van Abram van Bibber, die verdagt gehouden wierd van deelgenootfchap te hebben of geintereftëert te zyn in de gemelde Bark ; maar ook ingenere ten opfigte van alle Inwooners van St. Euftatius fonder onderfcheid? Terwyl nogtans uit alle de refpeéiive Antwoorden eon- fteeren fal, dat, evengelyk hun onbewuft was, dat Abram van Bibber in de gemelde Bafk eenige portie, aandeel of intereft was hebbende, foo ook by hun volftrekt was on...”
7

“...( is ) bekent, dat een eenig Inwooner van het Eiland St. Èujla* ttus ïn eenig Vaartuig, met Commiflie van Noord-Ameri- ca vaarende, eenige portie of aandeel had. hoe feer Robert Boyd by Num. 8. v. I. Art r. av°ueert,dat twee Matroofen verteld hadden, dat de Doc- f°r van de Sloep, die de Brigantyn genoomen hadde, fou- de geiegt hebben, dat de helft van de gemelde Sloep op ket Eiland St. Euftatius toebehoorde, ioo fal het geene adüruftie nodig hebben om U Wel-Edele Gr. Agtbaare Je doen fien, dat die vertelling der Matroofen geene pro* batie kan opleeveren; foo, om dat die Matroofen* als zyn* de van de Equipagie van de genoómen Brigantyn, geen- lints geconfidei eert kunnen worden neutraal te zyn, als ooi dat die vertelling beruft op het hooren /eggen van den Doo tor die daar van meege geéne de minfte reede van feeker• hetd alle geert j eene vertelling in vago en fonder eenige be- paalde defïonatiebuiten en behalven dat, al was het waar gewceft gat ^ hejfte dier Sloep...”
8

“...knhnén waar rhaaken : Dog infiênde fijne Antwoorden op de Interrogatorien fub Mum. 8. i. I. en wel Art. i. en z. lullen U Wel-Kdele Gr. Agtbaare ontwaar worden, dat, gèlyk hy daar by onder eede advoueert niet te weeten dat ’er eenig Ingezéeten van Sr. Euttatius direct of indirect eenig deel of portie heeft in eenig Vaartuig, met Com- milde van Noord-America vaarende; foo ook door heni met eede beveiligt word* dat hem onbekend isdat eenig Inwoonder van dat Eiland portie of deel had in de Baltimore Hero. En dus i's uit dit laatfte evident* dat hy George Scott ten uiterilen temerair gehandeld hadde, wanneer hy eeni- gen tyd te voren praetexeerde, dat ’er foodanige meenigté Vyanden van fijne Groot-Brittannifche Majelleit op hec voornoemde Eiland was, en dat Abram van Bibber, eert Ingezeeten van het felve, Eigenaar foude zyn van de ge- melde Bark; trouwens dit is geen wonder, als men re- guardeerr, dat deefe George Scott felve onder eede er- kent fig te meermaalen aan...”
9

“...■gebragt, en al was fe der waarheid allefrnts conform, eg- ter niets ongepermitteerts, niets nadeeligs ten reguarde van den Ondergeteekenden in fig behelfcht. De belchuldiging, foodanig als fe by de Memorie van den Heer Ridder Yorkis ter needev geüeld, beÜaat hier in, dat de Ondergetcekende fóude hebben tocgelaaten de nee- muig van een Engelfch Schip door eenen Americaanfchen Zeerover {niet onder het Gefchut, mitar) presqjj'a La portée du Canon de fon Isle j het geen en na den aart der laaie, en na de verklaaring van hun Hoog Mog. fel ven by hoogll der felver Refolutie in dato it February 1777, niets anders kan te kennen geeven, dan dat deefe neeming gele hied was byna onder het bereik van het Gefchut van Jen Eilandj en dus niet onder het daadelyk bereik felve. En dan wil de Ondergeteekende wel eens geVraagc heb- ben, hoe en op welke wyfe hy met mogelykheid, daar men door de klagte en der felver Voorltel felve advoueerr, dat fijn Gefchut den Americaanfchen Zeerover...”
10

“...( ïó ) biet ‘wéét; dat eéft van die tWèe voornoemde Vreemdelin- gen hem en het Gefelfchap aan Boofd informeerde, dat hy een Noord-Americaan was; &c. verklaafende die Mat- thews Murray verders, dat by hun aankomii op de Rhee» de van St. Eufiatius, en komende aan de zyde van een Sloep, aldaar ten Anker liggende, het Volk van gemelde Sloep quam toeloopen, en met den bovengemelde Vreem- deling fpraaken, welke daar op overluid aan den Depofant en fijne NB. twee Meede-Tajfagiers toeriep: Nu moogt gy allen weeten, wie ik ben. Ik ben Konfiapel van deefe Sloep > fy is een Amertcaanfche Kaper 3 genaamt de Baltimore He- ro> en is die geene, welke e enige daagen gelee den op deefe hoogte het lerfche Brigt genoomen heeft 3 (3c. Dog U Wel-Edele Gr. Agtbaare gelieven te remarquee-' ren dat deefe Bylaagen lub Num. n. al Weederom niets opereéren kan ter probatie van dit tweede Poind van be- fchuldiging ten lafie van den Ondergeteekenden, als men in aanfchouw neemt. a. Dat deefe...”
11

“...-, daft dera 01i Seheimhouding van hunne naamen den On- tr 8eteekenden te beletten en te praevenieeren* om con- r ar,e. Prfuve re kunnen inwinnen en produceeren; ja dee- valsheid der Verklaaring van Murray, iiraalt in de twee- J plaats te helder door, als men infier de plaats daar dee- fC ^l0et(^r|ie Americaanfe Konftapel fijne toeroeping gedaatt made bebben* en den voorgewenden inhoud dier excla- plaats was de Rheede van St. Euftatius, tér plaatfe de Baltimore Hero ten Anker lag, en in gevolge dè exclamatie felve; hier in (onder anderen) beftaande* dat ,e<"e yl°ëp de Baltimore Hero het Irfche Brigantyn op ,le ■ hoogte , dat is, op de hoogte der Rheede van St. Ëü- 1 êenoomen ioude hebben; fou deefe neeming ge^ c .zVn op de hoogte der Rheede van St. Eu'tatiue. k *s bet niét alleen, foo de Ondergeteekende vertrouwtj en noogtten onwaarfchynelyk, dat de Baltimore Hero het gewaagt foude hebben om het Engelfch Schip de Brigan- lVn > aan je klampen en te rteemen op de h'oogte der...”
12

“...!aaten, dat de Americaanfche Zeerover het Engelfch Schip foude hebben genomen byna onder het bereik van het Gcfihut van St. Euftatius word ten llerkften geconfirmeerc door de beëedigde Verklaaring van Thomas Waters, Ca- pitein van de Bark the Baltimore Hero, in dato i De- cember 1776, ten deefen annex onder Num. 6> nademaal defelve daar by adtefteerr, dat hy het meergemelde Bri- gantyn, het geen door hem genomen en na Maryland op- gewonden was, ontmoet hadde op de hoogte van omtrent drié Engeljche mylen, meer of min, van het Eyland St. Chriftof- fel. Immers wanneer men in aanfchouw neemt, dat St. Euftatius en St. Chriftoffel van elkanderen zyn leggende een diftantie van drie Engelfche Leags of neegen Engelfche mylen (ieder Engelfche Leag bevat in fig drie Engelfche mylen) en dat die ontmoeting van den Americaan met het Engelfch Schip is gefchied drie Engelfche mylen of daar omtrent van St. Chriftoffel, foo als uit die beëedigde Ver- klaaring van den voornoemde Capitein...”
13

“...( io ) Hoög Mog. en het Hof Van Groot-Brittar.nien fubfi(leer- de, te dremmen, en, foo mogelyk, te verbreeken. En hier tegen fal niets kunnen doen het i'chryven va® den Prafident Greathead aan Lord George Germain, in dato St. Chriftophers 31 December 1776, waar by hy të kennen geeft aan dien Lord, dat de neerning van de Bri- gantyn ‘dan het Eyland St. Chriftophers 'aas gefien ; want ( om niet flegts te remaaqueeren, dat dit fchryven alleenlyk be- ïuft op het voorgeeven van dien Heer Prsefident , fondet dat het felve door eenig het minde bewys is gecorrobeerr» en fonder dat men felfs de naamen, laat (laan dan de getui- genden der geenen, die foo fcherp frende geweed waaren, durft opgeven, foo dat om alle die reedenen op dat fchry- ven Van dien Praefident geen het minite reguard behoord te worden genomen) foo behoeft men geen Argus te zyn» om feer duidelyk te kunnen fien en ovenuigt te worden, dat al was de neerning van de Brigantyn van het Eyland St. Chriltophers...”
14

“... van het Noord-Ame.rïcaanfche Congresis gedeeltelyk aan elkander contrarieerende, en gedeehelyk op cenen feer lollen en onfeekeren grond is bei uitende: Immers de Verklaaring van [jambs Traftnj John tDean en John Spier brengt meede, dat deefe Getuigen duidelyk konden f:en; d,at het gemelde Schip voerde neegentten Af- [uit-Kanonnen of daar omtrent, dog by de Depolilie van u°hn Trottman „ die voorgeeft lelve aan Boord van dat Schip geweelt te zyn, word verklaard, dat het felve ge- tnonteert was met veertien dubbelde oefortificeerde vier Ton- tiers en veertien of fjütn ‘DraaybaJJen ; Her geen dus, ge- lyk het felve onderling variert, foo ook aantoonr, dat, of de eene of de andere der Getuigen de waaheid ten dien opiigte is voorby gegaan, of dat ten minüe hun getuigenis ls '’olllrekt onleeker. Even foodanig is het ook gefield met de begrooting der Equipagewaar meede men tal meede, loo het Ichynt, ten betoge, dat de Ondergeteeke datSchip loude hebben moeten kennen voor eene...”
15

“... falueert; nademaal daar by word ge* eruticeerr, dat op den 16 November 1776 het Bfigantyn- , CJJ!P» genaamt de Andrew ‘Dorïa , gevoert door Schipper J o Ui an Robin 1’on van Philadelphia op de Rheede var, St. ü-uitatius ten Anker gekomen zynde, het Fortrefte Orange met elf Schooten heeft gefaiueert \ dat daar op aan den On* . erget teken den door den Depofant is ge vraagt, of het Con- ra balut, ioo als aldaar gebruikelyk was, foude worden gerctourneert, en dat de Ondergeteekende als toen wel fo d g"geeven heeft, dat het Contra Salut uit het Fort uae vvurden gedaan, dan egter wel expreflelyk heeft be- 5 c'at iulks alleen in cene particuliere betrekking, foo als „!n te St. Euftatius. aan Koopvaardyvaarders fonder onder- Jchsid gewoon was te doen, dat is met twee Schooten min- / /R 1 Joude geichieden; met verdere by voeging, dat het F Ve dan ook poinhlneehk is geobferveert geworden , en de- bankt ^rigaivt^n met twee Schooten, minder wierd be- v ^at ondertuftchen dat Contra-Salut...”
16

“...Koopvaardy[chip té contra-falueeren, en daar omtrent 'të venigten dat geene, het welk, ais eene ordinaire voellee- vendheid ten opfigte van alle Commercie va a rders pleegt ge- obferveert te worden? Ja fou de Ondergeteekende door 1 u!ks te weigeren, in cas fubjeft, daar hem foodanig ge- hoon Contra-Salut te geeven nergens geinterdiceei t was geworden , lig niet hebben geadregeert eene magt, die al- leen aan lijne Heeren en Meehers competeerende was, en ronde hy lig daar door niet, op eene verregaande w'yfe, ielfs tegen hun Hoog Mog. hebben vergreepen? De On- dergeteekende vertrouwt van ja ; infonderheid daar het, uitfondering alleen van den uitvoer van Ammunitie vatl Oorlog na de Noord-Sïmericaanjche Colonien van fijne Ma- feit van Groot-Brilt annien ^ aan die van St. Kuil a tins vry- hond om met de Noord Americaanen, foo wel als met an- dere Natiën, Commercie te dryven en te negotieeren ; foo f‘s lulks niet alleen, indien al niet exprelfelyk ten minlten rmplicite...”
17

“...( ts-} gëns dë foigneufe forge, met welke hy tegen den uit voer van üörlogs-Ammunitie naar de Nöord-Americaanfche Co- lonien gevigileert heeft hunne dankbaare erkentenifl'e fchrif- telyke hebben toegebragt. Is het dan nu feeker, gelyk hét is, dat aan die van St. Euilatius de Commercie met de Noord-Americaanfche Co- lonien van lijne Brittannifche Majelteit, met uïtfondering alleen van den uitvoer van Ammunitiè van Oorlog, nergens is geinterdiceert, maar in tegendeel is open- en vrygelaa- ten; dan moet het, foo men vermeent, niet minder ieeker zyn, dat de Ondergeteekende niet alleen vermogt, maar lelfs verpligt was, om van fijne zyde te contribueeren al- les, wat ltrekken konde om die geoorloofde Commercie ie bevorderen, en alfoo meede te permitteeren alle fooda- nige middelen, waar door die Handel ten meeften voor- deele en nutte der Opgezeetenen van St. Euilatius konde worden gedreeven. En dus moeit hy de Scheepen der Noord-Americaanen niet alleen admitteeren op de...”
18

“...Veraint Staaten; want om nu niet blotelyk te remarqueë- ren, dat fou dit argument eenigen fchyn hebben, men dafi vooraf van de zyde der Engelfchen foude moeten demon- ftreeren, dat het ren tyde, wanneer de Andrew Doria in de maand November 1776 opdeRheede van St. Euftatius ten Anker quam, aldaar reeds bekend was, dat de Scheepen,doof het Congres in Noord-America uitgeruft of door het fel- ve in Commiftie gebeld, een Vlag met dertien Streepen voerden, en dat de Ondergeteekende daar van reeds ter dier tyd kennifte hadde; foo vervalt deefe objeéïie van fel- ve> als men reguardeert, dat by het laatftgemelde Certi- ficaat en uit de berigten der Engelfchen felven confteertj dat het Contra-falut op expreffe laf van den Onjtergeteeken- den is gedaan in eene particuliere betrekking 3 foo als meti op Sr. Euftatius aan alle Koopvaar dyv aar der s fonder ónder- fcheid doet, dat is met twee Jchaoten minder als een Koop- vaarder j die aldaar dagelyks ter Rheede koomen met ver...”
19

“... een Schip, voerende de Vlag van het Congres; dan dat het op des Ondergeteekendens bevel was, dat het Salut door het Hollandfche Fort was beant- woord geworden; nademaal, gelyk hier uit in allen gevalle nog niet voortvloeit, dat « al was het eene waarheid, dat deefe Engelfche Heer en Schippers de Brigantvn voor een Americaanfche Kaaper gehouden hadden) de Ondergetee- kende daarom meede eenige de minlte weeienfchap gehad foude hebben, dat dit Schip was een Americaanfche Kapef of Vaartuig van Oorloge door het Congres mtgerult of van het felve in Commtjfte gefield$ te meer daar het felve aan hem flegts Was opgegeeven en bekent gemaakt als een Schip of Bngantyn voerende een Vlag met dertien Streepen, en hy het felve met genoegfaamen grond konde en mogte houden voor een Koopvaardyfchip (ioo als de Ondergetee- ken te het felve ook daar voor waarlyk en in der daad ge- houden heeft) foo ook de Ondergeteekende te vooren in JaElo betoogt heeft, dat het Contra-Salut, foodanig als...”
20

“..., ( *9 ) Ï22??n*.en geïlouden gedrag voor hun Hoog MoÉ, e ^eggep> foo oordeelt de Öndergeteekende; hpr r>m aan c^'.t P°’nt volleedig en na behooren te voldoen) oognoodig een eenvoudig narré, Journaalfche wyfe als Oh WaIe’ ƒ5 geeven, van al het merkwaardige, dat tus- cnen den Ondergeteekenden het Groot-Bfittannifche Gou*> tC ^nt’gua &c. het onderwerp van weederzyd- ene Nationaale correspondentie van tyd tot tyd geweeft is $ en eenigfmts betrekking heeft rot den Handel of Vaart der Americaanen op St. Euftatius; fullende hy het gemelde narie verfierken met de Copien der weederzydfche Brie- ven en der felver Bylaagen, ten dien einde voor hun Hoog log. de gantfche gemelde Correspondentie link voor ttuk open leggende, waar uit hun Hoog Mog. duidelyk fulletn kunnen fien, dat niet alleen de Öndergeteekende getragt neert, loo veel in fijn vermoogen was, de wettige reede- nen van Nationaale klagten of voor te komen of uit den te ruimen, en altoos bereid is geweelt, mits...”