Your search within this document for 'na' resulted in 195 matching pages.
 
1

“...■jBlSSCït- SEBïïi. isn®*1 j&lDE®; TT ff oog Mogende Heer en, F) tir ^°®54ödeur van de Eylanden van St. Euftatius, St.Mar- f en Saba > Johannes de Graaf, ter voldoening aan U rVr f«i °°n r ^eer gerefpeéfeerde Ordres , vervat by hoogft- deer rver “efolutien, van den zi Maarten 6 October 1777, fig na in T an”n hebbende begeeven, en alhier zvnde gearriveert 7 July des gepafleerden jaars 1778, ten einde, conform - & ,dei felver Beveelens, volleedige informatie te geevefi, om- 7Vnt,, waafheid der fayten, waar uit fchynen gerefulteert te ^yn ae klagten tegen gemelde Commandeur, vervat in de Me- rj°i\e van«l?en Heer Ridder Yorke, den zi February 1777 aan noog Mogende overgeleevert, als meede van al het geen ge- uurende fijn Commandement op het Eyland St. Euftatius , met e ane tot de Aroericaanfche Colonien , en der felver Scheepen oude nu)gen zyn gepafleert, en ter fijner kennifle gekomen, fijne omtrent: U ^draS v°or U Hoog Mog. open te leggen , en waar den «on D HooS Mog...”
2

“...Ëygendommen van fijne MLjeiteits vreedfaame en getrouwe Onderdanen; maar ook dat hy kan goedvinden, om by de gemelde Miffive pretenfelyk op de autenticqfte berigten, die hy voorgaf in handen te hebben, foo met relatie tot het laaten neemen van een Engelfch Vaartuig by na onder het bereik van het Gefchnt van St. Euftatïus> als met be- trekking tot het falueeren der Americaanfche Vlaggen, en het laaten inneemen van eene Laading' Buskruit en andere Oorlogsbehoeftens ten gebruike van de Americaanfche Ar- mée, te avanceeren foodanige befchuldigingen, welken den Ondergeteekenden meer van naby en in fijn Perfoon en Charafter concerneerden en beleedigden; Soo is de Ondergeteekende althans met geene mindere bevreemding aangedaan geweeft, wanneer hem uit het Ex- traét der Refolutien van hun Hoog Mogende, het welk U Wel-Edele Groot Agtb. hem hebben gelieven te doen toe- komen, mitsgaders uit de Copie der Memorie van den Heer Ridder York, in dato u February 1777, te vooren quam...”
3

“...aan hun Hoog Mog. rapport te doen, en om voorts den ön* dergeteekenden te requireeren, om ten fpoediglten en fon- der dilay herwaarts over te komen, om behoorlyke infor- matie te geeven van al het geen geduurende lijn Gomman* mandement op het Eyland St. Euttadus, met relatie tot de Americaanfche Colonien en der fel ver Scheepen 1'oude mo- gen zyn gepaffeert en ter fijner kenniife gekomen, en fijn gehouden gedrag voor hun Hoog Mog. open te leggen. Ter voldoeninge aan die Aanfchryvinge van hun Hoog Mog., welke aan den Ondergeteekenden per U Wel-Edele Groot Agtb. Miffive, in dato 2? Maart 1777 is meedege- deeld, is dan ook den Ondergeteekende, na dat hy de no- dige ordres hadde getteld op fijn Commandement , her- waards overgekomen; en hem zyn vervolgens, met en be- neevens Copien der Bylaagen* welken aan de Memorie van klagten van den Heer Ridder York zyn gevoegt ge- weelt en in fig fouden moeten bevatten die foogenaamde autentuqde berigten , waar op lig de hier...”
4

“...- pen /ouden hebben uit geruft. Men neeme den Ondergeteekenden (die opgronden van eene gefonde redeneerkunde, overeenkomllig met de eerfte principe van het regt en de billykheid, vermeent te moo- gen beweeren, dat iemand, die iets fteld, fijn gepofeerde bewylen moet, vooral dan, wanneer daar by een ander be- ïchuldigel tyord van ongeoorloofde en ftrafbaare handelin- gen, handelingen van dien aart, dat fe, met de waarheid conform bevonden wordende, des-Befchuldigdens totale of gedeeltelyk ruïne dikwerf fouden kunnen na fig ïleepen, en dat niemand, wie hy ook zy, of in welken rang ge- plaattt, van die verpligting tot bewys gedispenfeert behoord a Zv2’ r°° men n*et W^’ ^at a^e feekerheid van elk lid der Menfchelyke Maatfchappye op loffe fchroeven gefteld worde, en een ieder in fijne eer, Goederen, ja felfs leeven, ial dependeeren van de capricieufe infimulatien van den «enen 01 anderen quaadaartigen of vcrkeerdelyk geinfor- meer-...”
5

“...( 8 ) lyk meede, dat hy geen bewys had weegens de eigentlyke na- tuur der toevoerj die hy egter voorwende dat NB. dage- lyks van St. Euftatius na Noord-America foude gefonden wordm. En dus blykt, foo de Ondergeteekende vertrouwt» uit dit expres en apert adveu van dien Praefident (die de eerrte Delateur dier befchuldigingen ten latte van den On- dergeteekenden geweett is, en die, indien dat equipeeren en uitruilen Joo daagelyks en openbaar gefchied, en die ge- pretendeerde ad fitten tie aan de Noord-Americaanenyëtf&wr- blykelyk ware als hy voorwend, daar van feer ligtelyk van elders bewyfen foude hebben kunnen inwinnen en te voor- fchyn brengen) dat dit pratens uitrujien van Scheepen3 doof de Americaanen op St. Euftatius foo wel, als het ttuk van de quafi dagelyksche onbepaalde Commercie tuilchen de Noord-Americaanen en St. Euftatius een louter figment, gedettitueert van alle liquide en voldoende bewys, en al- leenlyk beruftende op het voorgeeven van den eenen of...”
6

“... School lag) dat hy hdelnhf flJ?er Schoolmakkers op feekeren avond in Phi- de gaan vvandelen, door eenige Perfoonen in gedwonaenS?,te^her l7?6 W'erd gePreü’ en door defelve ruft door h T t B?°Ad te gaan van etn Rrigantyn, uitge- gecomm Fa Loulres •> genaamt de Andrew \Dor ias lag op de R?” dna ber I776yarnveer A St‘- Jlullanus’ en aldaar m half Novem- foö wéegens feekerV" ^ dat h7 een detail gedaan hecfc êeeven |a]ut, als *"*!?* gantyn vneor die ! J" v!ugt van de gelegde Bri- uït het\een%v aaJfiF J°g % è,^eIy£ nog by> dat ^ nen verft* ^ p°ord van het fèlve Brigantyn heep kun- 'Olivet*',dat dé 1 bet ZemeUe„a Si, was, rn ° Kléi....”
7

“..., ten deefen annex fub Num. 9. n. !°:> blykt by eene beëedigde Verklaaringe van Michiet ■uykers in dato u December 1776, dat de gemelde Geor- |e eenigen tyd re voren gekomen zynde in het vakhuis van hem Dykers,en aldaar vindende den Capitein fe'v CePaquetboot van Engeland naar Jamaica, tegen den *!n «adde gefegt: Myn Heer, hier zyn in dit Land eené fi™te rneenJgte Vyanden van fijn Groot- Brittannifche Maie- jteity?n de Verklaaring van JVilliam Tatterfon, in dato 10 December en beëedigt December 1776, toont aan, v .rd!e o • (jeorge Scott des daags na het neemen der ei tche Brigantyn door de Americaanfche Bark, the Bal* \vZ°rej Hero,_ v°orgaf, dat niet alleen het eene fchande wrtrj. at de Burgeren van Sc. Euftatius fouden getolereert ,orn Vaartu,8^ te eigenen en Kapers uit te ruften, . °ok dat hy openly k ft aan de hield, dat Abram van Bib» er Jn e voornoemde Bark als Eigenaar Was geintere(feert n MJcwe had uit geruft; met by voeging, dat hy fniks foude I> kun-...”
8

“...■gebragt, en al was fe der waarheid allefrnts conform, eg- ter niets ongepermitteerts, niets nadeeligs ten reguarde van den Ondergeteekenden in fig behelfcht. De belchuldiging, foodanig als fe by de Memorie van den Heer Ridder Yorkis ter needev geüeld, beÜaat hier in, dat de Ondergetcekende fóude hebben tocgelaaten de nee- muig van een Engelfch Schip door eenen Americaanfchen Zeerover {niet onder het Gefchut, mitar) presqjj'a La portée du Canon de fon Isle j het geen en na den aart der laaie, en na de verklaaring van hun Hoog Mog. fel ven by hoogll der felver Refolutie in dato it February 1777, niets anders kan te kennen geeven, dan dat deefe neeming gele hied was byna onder het bereik van het Gefchut van Jen Eilandj en dus niet onder het daadelyk bereik felve. En dan wil de Ondergeteekende wel eens geVraagc heb- ben, hoe en op welke wyfe hy met mogelykheid, daar men door de klagte en der felver Voorltel felve advoueerr, dat fijn Gefchut den Americaanfchen Zeerover...”
9

“...( i9 ) confequentiam, fd kunnen confteeren , dat die neeming by na onder het Gefchut van St. Euliatius gefchied foude xyn; maar dat het daarenboven, loo al niet feeker, im- mers aHerwaarfehynelykft is, dat, by aldien die neeming geichied waare byna onder het bereik van het Gefchut van dat Eiland, en dus in die nabyhcid en op foodanigen tyd en plaats, dat men defelve van dat Eiland foude hebben kun- nen beichouwen (het geen onderfteld moet worden mo- gelyk geweeft te zyn, indien men den Ondergeteekenden met eenigen fchyn befchuldigen wil) dan ook de een of ander dier getuigen wel iets van deefe neeming gefien fou- de hebben; dan het welk ter deefen geen plaats heeft ge- had en door hen allen onder eede word ontkend, felfs ook door die geenen, welken erkennen eenige Scheepen van de Wal gefien te hebben. En de waarheid en goede trouw van deefe onkentenis, foo wel als de volftrelue onwaarheid en quaade trouw van het voorgeeven, dat de Ondergeteekende fouden hebben toege...”
10

“...( x* ) fig niet breedvoerig fal inlaaten in een betoog, foO van de onfeekerheid, waar in de Depofanten, welke ten bewyfe quafi van deefe klagten zyn geproduceert geworden * voor “g ielven ten opligte van het door hun gedeponeerde ver- meren, als van de daar in gevonden wordende tegenftry- digheid 1 egter niet afzyn en pafiant te remarqueeren, dat Wanneer U Ed. Groot Agtb. gelieven na te gaan de Ver- k.aaring van James Frafen en der fel ver confirmatie, door John Dean en John Spier gegeeven, in dato 16 December ten deelen annex fob Mum. it.* en daar meede te confronteeren de Verklaaring van John Trottmans* te vin- den fub Num. y., U Wel-Edele Groot Agtb. alsdan fullen bevinden, dat fpecialyk dat gedeelte dier Verklaaringen, waar uit men tegen den Ondergeteekenden een argument fal willen haaien, als of hy geweeten [oude hebben 3 dat het Schip de Andrew 'Dona> aan welke het Contra-Salut foude zyn gegeeven, een Kaper of Bark waare ooriogswyfc uil ge- ruft en in dienft...”
11

“...C ü ) dat het Schip de Andrew T)oriaj waar aan het gegeeven Salut geretourneert is geworden, door desfelfs uiieilyke gedaante by den Ondergeteekenden, ten tyde van het Con- tra-Salut bekend foude zyn geweeft voor eenen A nericaan* fchen Kaper, het geen egter de grondflag uitmaakt der be- fchuldiging, dat de. Ondergeteekende het Salut f’óude heb- ben^ weederom gegeeven aan de Americaaniche Vlag. Gaat men voorts na het gedepofeerde van die respective Getuigen, ten opfigte van het Salut en Contra- Salut, l'oo van als aan het gemelde Schip gedaan, ook daar omtrent fal weederom, loo al niet eene variëteit, ten minüen eene on- leekerheid der Getuigen oborieeren; wanneer men reguar- deert, dat daar James Fr af en John i'Dean en John Spier verklaaren, dat het Salut door den Americaan 'gefchiedde met elf Schooten > daarentegen John Trottman met eede beveiligt heeft, dat het Americaanfche Schip het Forc Orange heeft gefalueert met dertien Schooten. Wel is waar, dat men hier op...”
12

“... ^ r ( 23 ) . , . jJea” eJ J°hn Spiers word gefeid, dat daar het BrigaritVn; 'Dori& J Im hün befte geheugen elf Schooien q J er daarentegen maar nee gen Kanonnen van het Fort ïipnT^e 1^ aderden, waar na het gemelde Brigantyn nog opm ^h°c ^eetl: Jóbn'trottmèiii die gefegt word op het g melde Schip in eigen perloon geweeft te zyn, en by fijne epoline verklaart, dat het 4elve het Fort Oranje met der- ^VAihchooten heeft gefalueerr, erkent meede, dat, na eenige us cnenpofing, het bal ut door het voornoemde Fort is be- antwoord met NEEG EN Of ELF Schoot 6 tl. Fn ften U VVel-Fdele Groot Agtbaare in het Certificaat aoor Abraham Ravené, Commandant der Fortrefle en Mi- ute van St. Euftatiüs, op den eed by den aanvang fijner nediening gegeeven, in dato primo July 1777, ten deefen annex iub Num. 13., foo lullen defelve daar uit geconvin- yec-it moeten zyn, dat het Contra-Salut is gedaan met twee ocbooten minder, dan waar meede het Schip de Andrew T)o- la F°rt hadde ge...”
13

“...Koopvaardy[chip té contra-falueeren, en daar omtrent 'të venigten dat geene, het welk, ais eene ordinaire voellee- vendheid ten opfigte van alle Commercie va a rders pleegt ge- obferveert te worden? Ja fou de Ondergeteekende door 1 u!ks te weigeren, in cas fubjeft, daar hem foodanig ge- hoon Contra-Salut te geeven nergens geinterdiceei t was geworden , lig niet hebben geadregeert eene magt, die al- leen aan lijne Heeren en Meehers competeerende was, en ronde hy lig daar door niet, op eene verregaande w'yfe, ielfs tegen hun Hoog Mog. hebben vergreepen? De On- dergeteekende vertrouwt van ja ; infonderheid daar het, uitfondering alleen van den uitvoer van Ammunitie vatl Oorlog na de Noord-Sïmericaanjche Colonien van fijne Ma- feit van Groot-Brilt annien ^ aan die van St. Kuil a tins vry- hond om met de Noord Americaanen, foo wel als met an- dere Natiën, Commercie te dryven en te negotieeren ; foo f‘s lulks niet alleen, indien al niet exprelfelyk ten minlten rmplicite...”
14

“..., ( *9 ) Ï22??n*.en geïlouden gedrag voor hun Hoog MoÉ, e ^eggep> foo oordeelt de Öndergeteekende; hpr r>m aan c^'.t P°’nt volleedig en na behooren te voldoen) oognoodig een eenvoudig narré, Journaalfche wyfe als Oh WaIe’ ƒ5 geeven, van al het merkwaardige, dat tus- cnen den Ondergeteekenden het Groot-Bfittannifche Gou*> tC ^nt’gua &c. het onderwerp van weederzyd- ene Nationaale correspondentie van tyd tot tyd geweeft is $ en eenigfmts betrekking heeft rot den Handel of Vaart der Americaanen op St. Euftatius; fullende hy het gemelde narie verfierken met de Copien der weederzydfche Brie- ven en der felver Bylaagen, ten dien einde voor hun Hoog log. de gantfche gemelde Correspondentie link voor ttuk open leggende, waar uit hun Hoog Mog. duidelyk fulletn kunnen fien, dat niet alleen de Öndergeteekende getragt neert, loo veel in fijn vermoogen was, de wettige reede- nen van Nationaale klagten of voor te komen of uit den te ruimen, en altoos bereid is geweelt, mits...”
15

“... weederom Copie hier annex, Bylaage fub Num. 16.; dan ’er gebeurde eg" ter één geval, waar in de Ondergeteekende fig genoot- faakt vond een formeele klagte aan gemelde Admiraal te doen. Het geval beflond hier in: Twee Zweeuwfche Scheepen (het eene genaamd de Watergeus, gevoerd door Adriaaii Chatelain, toebehoorende aan de Commercie-Compagnie in Zeeland; het andere genaamd de Hoop, gevoerd door Maninus Bruide Hoogerzeil, toebehoorende aan de Hee- ren Snouek Hurgronje en A. Louyflen te Vliffingen) van St. Euftatius naar Zeeland gedeftineert, wierden kort na hun vertrek van gemelde Eiland door een Engelfch Oor- logfchip, genaamd de Seaford, en gevoerd door Capitein John Colprys, genoomen en te Antegua opgebragt. De Kooplieden te St. Euftatius, aan wien gemelde Schee- pen waren geaddreffeert geweelt, vervoegden fig terfiond by den Ondergetenkenden, met verfoek van defeive te re- clameeren; waar op de Ondergeteekende goedvond met éen Parlamentaire een Brief aan meergemelde Heer...”
16

“...vc'vgoedinge van fchaaden , door gemelde Capture Ander- lints op gemelde Eigenaars gebragt, wierd toegelegt. , gemelde Antwoord van gedagte Heer Admiraal be- neisde ten befluite in fig eene klagte tegens den Perfoon v^n Abraham van Bibber; als óf del’elve aan feekeren Geor- ge Rails (gevoerd hebbende een klein gearmeerd Ame- ricamfch Vaartuig genaamd de Jenny ) eenig Manfchap van andere Americaanfche Vaartuigen, ter felver tyd met ge- joelde Rails te St. Euftatius op de Rheêde liggende , ter bemanning van genlelde Vaartuig foude gefourheert heb- nen, en als óf hy gemelden Rails uit de Rheede gefonden loude hebben, oni een Bark, toebehoorende aan het Eiland Antiqua, welke uit gemelde Rheede gezeild was, in Zee te volgen en te neemen; met byvoeging, dat fulks foude °pentlyk en fonder eenige verhinderinge van het Gouver- nement van St. Euftatius gefchied Zyn, en dat de gemelde Rails na het neemen van gemelde Bark (welke egter toen l?y is geraakt óf ten minilen hernoomen...”
17

“...( 32- ) reekenden daar van eenig taal of teeken toe te fen- den. Wyders ftaat hier ook aan te merken, dat de captuure van meergemelde Bark van Antigua (waar op hy Rails voorgaf dat hy op ordres van gemelde van Bibber, foude uk de Rheede van St. Euftatius gefonden zyn) niet eerder dan byna omtrent drie uuren sseylens van gemelde Rheede is gefchied volgens het opgeeven van gemelde Rails felfs; gevolgelyk, foo als ligtelyk na te gaan is, is fulks weeder- om buiten het bereik van het Gejjehut van des Ondergetee- kendens Commandement gefchied, en by gevolg onmoge- lyk geweeft door den Ondergeteekende te verhinderen of voor te komen. Niettegenftaande deefe bedenkingen , als meede dat de Verklaaringe van gemelde Rails ten beften genoomen, maar ftngulier is; foo vond egter de Ondergeteekende goed, om het geallegeerde, voor foo verre het tegen gemelde van Bibber ingerigt was, naar behooren te onderfoeken. De Ondergeteekende meld hier vooraf, ter beetere op- helderinge niet...”
18

“.... v j j * ' \ t • : .. n j hand, Too als te voeren gebleeken is, de Admiraal Young ln fijn laatflgemelde Brief, Bylaage No. 18., opgaf, dat de- ielve te Antigua, waar na toe defelve gedefiineert was, jiiuis hoorde, Waar van de Ondergeteekende ignoreert hoe laatüe foude kunnen plaats hebben) met verfoek om de 'ecuiiteic of borg van gemelde Rails, zynde de gemelde Van Bibber, daar over te onderhouden tot goedmaakinge van foodanige fchaaden, als door gemelden capture of des- ielfs nadeelige confequentien mogten veroorfaakt worden. Vv aar op de Ondergeteekende en de Raaden, de gemel- de A. van Bibber in hunne Vergaderinge ten voorenge- tnelde einde verfcheenen zynde, goedvonden hem van Bib- ber, die van voorneemen was om een reife na de Deen- fche Eilanden te doen, te ordonneeren, niet te vertrekken, alvoorens hy van Bibber eene fufficante cautie in fijne plaats ten voorfz, einde gefield foude hebben, tot dat deefe faak finaal opgeheldert was, foo als blykt uit Bylaage No...”
19

“...t ^4 ) fpofctend Adres, welk gemelde Heer Admiraal góedvónd aan fijn voor 1 ge Miffive den Ondergeteekenden, ten ant- woorde op de reclame vati voorengemelde Zeeuwfiche Schee- pen toegefonden, re hegten, met den Ondergeteekenden te tituleeren in het Engelfch: his Excellency Myn Heer de Graaf, en dat nret alleen onder in den Brief i lie Bylaagè No. i«.) maar felfs in het Adres op het Couvert; kunnen- de de Ondergeteekende niet tïalaaten op een beleefde wyf'e fig daar over geindigneert te roonen, wei weelende dat men iulks gewoon is in de Engelfche Ta.de by weeee’ van rediculireering en befpottinge aan de Hollandfche Natie re doem; maar teffens te regt denkende, dat ioodanige laaee en disrefpeélueufe befpottinge in Brieven van foo een fe* rieufe aard, als die over Nationaale faaken gefchreeven wor- den, en onder de Oogen van iouveraine Mogendheedeö •kunnen of moeten koomen, gantich niet te pas koomen; iweemende eerder na exprefiien* die in Theatrifche inter- ludes...”
20

“... wifl te vinden , om des nachts uit bet Fort te echapeeren en van het Eiland te vlugten ; hoe- pel de Ondergetekende R. O. des morgens terÜond, wan- neer daar van rapport gedaan wierd, rond liet trommelen een verbod, om hem van het Eiland te voeren of te her- bergen, op de poene van iooo Ps., en verdere Üraflen na bevind van faaken, foo als blykt uit Bylaage No. 14. Dit dilay van -gemelde Admiraal, hoe men het ook en- vilageert, heeft tot fijne vlugt gëcontribüeert; alhoewel naderhand het gerugt was, dat de opleeveringe van fijn Perfoon (welke den Heer Generaal Burt, een weinig tyds te voren in die qualiteit over de Britfche Charaibifche Ey- landén aangeiteld zynde, twee dagèn na fijn vlugt van den Ondergetekende vorderde, en van welke men zeide dat hy intimatie foude gehad hebben, dat gemelde Generaal doen foude ) hem tot die Hap (dat het eenigtte is dat dé Ondergetekende onder corredie denkt van al het geen tee- gen hem is ingebragt geworden, het welk ichyn van fllfpi...”