| 1 |
 |
“... weeten te vinden om te vlugcen; fon-
der verders fig in te laten in eenig onderfoek nopens
de bevoegdheid of onbevoegdheid Van fijne Excellenties
Eifch van opleevering van fijn Perfoon; alhoewel den On-
dergetekende, ondercorreéiie, denkt, dat, indien volleedig
teegen gemelde van Bibber had kunnen beweefen worden,
dat hy fig aan het geallegeerde teegens hem hadde lchul-
dig gemaakt, fijne misdaden teegens den Staat, onder
wiens Jurisdictie hy voor eenigen tyd gewoond hadde,
moeiten gereekent begaan geweetl te zyn, en dat hy der-
hal ven, in geval van volkoonien bewys teegens hem, op
Sr. Euftatius, daar hy refideerde, moeite geftraft ge weeft
zyn.
De Ondergetekende beklaagde fig voorts in deefen Brief
aan den gemelden Heer Generaal over de niet nakoomin-
ge van des Admiraals Young beloften van namelyk de be-
hoorlyke Bewyfen teegens meergemelde van Bibber ten
fpoedigften te fenden, om den Ondergetekenden dus in
ftaat te ftellen om die faak, fonder delay, te profequeeren...”
|
|
| 2 |
 |
“...-
Ggg i hal-...”
|
|