| 1 |
 |
“...( 3 )
D Ë D Ü C T ï Ë, mitsgaders
Memorie van Inför mat ie n > gedaan maa-
ken 3 eti aan de Edele Groot Ngtbaare
Heer en Reprxfentant van fijne \'Boor-
lugtige Hoogheid en Bewindhebberen van
de IV ejiindifche- Compagnie ter Kamere
Amfterdam > overige even uit den r.aam
van Johannes de Graaf j Commandeur
van de Ey landen St. ' Eufiatius * fge.
JoO in fpecie ten opfigte der klagten
welken by feekece Memorie3 door den
Heer Ridder Tork, extraordinarii Am*
bajfadeur en Blompot ent iar is van fijne
JViaiefteit den Koning van Groot- Brit-
tannien j aan de Hoog Mogende He eren
Staat en Generaal der vereenigde Neder-
landen ^ 'overgeleevert in dato 21 Fe-
bruary 1777 j tegen hem zyn ingebraot;
als in genere van het gunt j geduurende
zyn Commandement op het voonoemde
Eyland St. Eftatius, met relatie tot de
Slmericaanfchc Colonien en der [elver
Scheepen is gepajjeert en ter fijner ken-
niffe gekomen.
Edele en Groot Agtbarè Heer en!
QElyk de Ondergetekende, die in den...”
|
|
| 2 |
 |
“... pointen van beklag > hier vooren opgegee-
ven, en by ieder der felven aantoonen, dar, gelyk fe zyn
onbeweefen, en de Bylaagen, die quafi ten betooge der
felven by de Memorie van den Heer Ridder York aan hun
Hoog Mog. zyn overgeleevert geworden, zyn illiquide,
onvoldoende en irrelevant, foo ook de onwaarheid van die
refpeétive klagten ten overvloede confteert uit foodanige li-
quide Documenten, als in handen van den Ondergeteeken-
den berulten en door hem aan U Edele Groot Agtbaare
fullen worden gefuppediteert.
Sullende de Ondergeteekende wyders in de tweede plaats
aan U Edele Groot Agtbaare geeven die informatien wel-
ken door nun Hoog Mog. ten opjigte van fijn gehouden ge-
drag geduurende fijn Qommandement op het Eiland St. Eu-
ftatius, zyn gevordert geworden.
A. Betreffende de pointen van beklag door den Heer
Ridder York tegen den Ondergeceekenden ingebragt, en
wel
1. ^Dat de Ondergeteekende oogluikende foude héblen toe-
gelaaten dat de Americaanen op St. Euflatius Schee...”
|
|
| 3 |
 |
“...( 10 )
Klee ding en andere Noodwendigheeden in te koop en tot ge-
bruik van de Americaanlche Land- Armét. Siet daar nu het
eenige bewys tot juftificatie van dit uitruften der Schoepen
van Americaanen op St. Euftatius; fiet daar de preuve ten
betoog van de den Ondergeteekenden te lade gelegde con-
niventie, ten dien opfigte; lie daar de probatie van de
dagclykfche onbepaalde Commercie tuflcben de Noord-Ameri-
caanen en St. Euftatius.
Dan het zy den ordergeteekende gepermitteert tJ Wel-
Edele Gr. Achtbaare daar omtrent te doen remarqueeren,
dat Cgelyk by deefe verklaaring felve gefegt word, dat
dit Brigantyn Schip, wel verre van te St. Euftatius te zyn
geëquipeert, integendeel door het Land-Congres was mtge-
ruft en in Noord-America wierd bemand3 en gelyk deefe
verklaaring, foo fe al iets bewyfen konde, wel verre van
eene daagelykfche en onbepaalde Commercie tulTchen de
Noord-Americanen en St. Euftatius te kunnen aantoo-
nen, flegts gewag maakt van één van weegens de...”
|
|
| 4 |
 |
“...■gebragt, en al was fe der waarheid allefrnts conform, eg-
ter niets ongepermitteerts, niets nadeeligs ten reguarde van
den Ondergeteekenden in fig behelfcht.
De belchuldiging, foodanig als fe by de Memorie van
den Heer Ridder Yorkis ter needev geüeld, beÜaat hier in,
dat de Ondergetcekende fóude hebben tocgelaaten de nee-
muig van een Engelfch Schip door eenen Americaanfchen
Zeerover {niet onder het Gefchut, mitar) presqjj'a La
portée du Canon de fon Isle j het geen en na den aart der
laaie, en na de verklaaring van hun Hoog Mog. fel ven
by hoogll der felver Refolutie in dato it February 1777,
niets anders kan te kennen geeven, dan dat deefe neeming
gele hied was byna onder het bereik van het Gefchut van
Jen Eilandj en dus niet onder het daadelyk bereik felve.
En dan wil de Ondergeteekende wel eens geVraagc heb-
ben, hoe en op welke wyfe hy met mogelykheid, daar
men door de klagte en der felver Voorltel felve advoueerr,
dat fijn Gefchut den Americaanfchen Zeerover...”
|
|
| 5 |
 |
“... de Americaanfche
Brigantyn met twee Schooten minder is bedankt , gelyk een
Koopvaarder j die op St. Etijlatius dagelyks ter Rheede komen
met verfcheïdene Vlaggen„ fóo als fy fulks beft ver kief en Uit
al het welke dan ook, volgens het begrip van den Onder-
geteekenden, per fe voortvloet, dat de Ondergeteekende
door het geeven van dit Contra-Salut, in eene particuliere
betrekking j volgens de Conti ante praïïycq} ten opfigte van de
Koopvaardyfcheepen fonder onderfcheidgebrmkelyk^ geene daad
of eerbewylinge heeft gepleegt of gedaan, waar uit op eene
wettige wyfe geinfereert loude kunnen worden, dat by de
independents of Souveraiuiteit der Americaanfche Colonien
van fijne Groot-Brittannifche Majefteit foude hebben wil-
len erkennen, of daadelyk foude hebben erkend.
En foude het niet (verbeeld fig de Ondergeteekende met
regt te moogen vraagen) foude het niet ten hoogften on-
gerymd en onbetamelyk geweelt zyn, indien hy, op eene
honnette wyfe gefalueert wordende door de...”
|
|
| 6 |
 |
“...t ^4 )
fpofctend Adres, welk gemelde Heer Admiraal góedvónd
aan fijn voor 1 ge Miffive den Ondergeteekenden, ten ant-
woorde op de reclame vati voorengemelde Zeeuwfiche Schee-
pen toegefonden, re hegten, met den Ondergeteekenden te
tituleeren in het Engelfch: his Excellency Myn Heer de
Graaf, en dat nret alleen onder in den Brief i lie Bylaagè
No. i«.) maar felfs in het Adres op het Couvert; kunnen-
de de Ondergeteekende niet tïalaaten op een beleefde wyf'e
fig daar over geindigneert te roonen, wei weelende dat
men iulks gewoon is in de Engelfche Ta.de by weeee’ van
rediculireering en befpottinge aan de Hollandfche Natie re
doem; maar teffens te regt denkende, dat ioodanige laaee
en disrefpeélueufe befpottinge in Brieven van foo een fe*
rieufe aard, als die over Nationaale faaken gefchreeven wor-
den, en onder de Oogen van iouveraine Mogendheedeö
•kunnen of moeten koomen, gantich niet te pas koomen;
iweemende eerder na exprefiien* die in Theatrifche inter-
ludes...”
|
|
| 7 |
 |
“...08)
morie en klagten van fijne Excellentie den Heer AmbafTa-
deur York, en weegens de Refolutie en Ordres van hun
Hoog Mog. ten opfigte van den Ondergeteekende, om felfs
in Perioon oyer te komen, terj fine verantwoording wee-
gens gemelde klagten en verflag van fijn gehouden gedrag
te doen. onder de Bylaagen, welke gemelde Aanfchryving
en Refolutie vergefelden, vond den Ondergeteekende Trans-
laat van de Copie van feekeren Brief,! welke den Heer
Cr ai fier Greathead, Prtefident van het Eyland St. Chriltof-
fel , in pro tempore ^ Commandant en Chef van fijn Groot-
Brittannifche Majefieits beneeden Charaibifche Eylanden,
aan den Ondergeteeken, in dato den i6 December 1776
ten deefen Annex fub Nutn. 3, foude gefchreeven hebben*
ten Replicque op des Ondergeteekendens Antwoord van den
Z3 der fe ver maand, ten deefen annex fub Nura. aan
den gemelden Heer toegefonden.
Hier over was de Ondergeteekende niet weinig verwon-
dert, alfoo by na waarheid kan verklaaren de gemelde...”
|
|
| 8 |
 |
“... als
blykt uit Copie daar van met deflelfs Responfiven en Ex-
traft uit het Regifler der Notulen, Bylaagen No. 49. enyo.
Waar uit volkoomen blykt, dat het geen hy voor den
Ondergeteekenden in praefentie van gemelde Heer Salo-
mons, tot elucidatie van lijn meergemelde befchuldiging ge-
geeven hadde, het lubllantieele van fijn Responfiven uit-
maakte, praetendeerende hy fulks te hebben van hoor en feg-
gen, en een Perfoon noemende, met wien hy wilt dat hy
toen niet kon geconfronteert worden, en repeteerende dat
hy niets pojitïefs gefwooren hadde, fonder ’er egter by te
voegen, dat mert hem gedreigr hadde en dat hy uit vree-
fe hadde gefwooren; het geen hy uit eigen beweeging aan
het Huis van den Ondergeteekenden bekent hadde; waar
omtrent de Ondergeteekende niet raadfaam oordeelde om
hem eenige vraag in judicia te doen, vermits foodanlg eene
vraag foude konnen aangemerkt worden als disrefpetfueus
voor het Gerigtshof te Antigua, waar voor die Elendeling
fijn eed gedaan...”
|
|
| 9 |
 |
“...C ss )
lenn conflrf^,elJen Rofs AP &***«* foftie ‘hebben tt’ih
recan.ee, "g^ere1 °m i,J"e a,Èegcevene Ve.kia.ir ngc te
t.e Xfime if„Je henrOEI'en: dan hoe feer deele inlifnula-
kende Har r* ^,e?s.‘ f°° ver'roUu' egter de Ohderge.ee-
Kende, dat fe fig felve weederlegt; want één van tweén
Gérég«aa,e s^ln °f de Nkotulen *" ReSi « by den uitkomlt apocryph gewor-
dusdanige praevancatien vergefeld, dat’er geen
laat op te maaken is; dog welke van deefe twee te con-
cludeeren is, laat de Ondergeteekende over aan de decïfié
van alle onbevooroordeelde Menlchen: en fal maar al leert
nier by voegen» dat, indien de Heer Generaal Burt wil heb-
^ dat mert geloof fd flaan...”
|
|
| 10 |
 |
“...) door
eenige Perfoonen van de Equipagie van een gearroeerde
Americaanfche Bark, genaamt de Peggy, gevoert door eene»
Thomas Cheney, en geëigend te Charlestown in Zuid-Ca-
rolina, welke ter felver tyd in de Rheede van St. Eulta-
tius om aldaar Handel te dry ven lag, op een Piratifche wy'
fe uit gemelde Rheede gevoert, met intentie om defelve
Brigantyn, als een quafi Prys, na Noord-America weg te
voeren, (foo als naderhand confieerde) waar in fy egtef
belet wierden, door dien de Brigantyn, in Zee zynde,
5sdaags daar aan door een Engelfche Kaper hemoomen efl
te Tortola ingebragt wierd, foo als blyken fal.
Hier op de gemelde Engelfche Kooplieden lig des ande-
rendaags ’smorgens, foo dra het geval bekent was, aan de11
Ondergeteekenden addrefleerende, vervaardigde de Onder-
geteekende een Brief in dato den 29 July 1777 aan
Heer Abraham Chalwell, Vice-Commandeur of Praefiden*
van het Eiland Tortola, om fijn Edele kenniffe te geeven
van de gemelde Piraterye; met verfoek, indien...”
|
|
| 11 |
 |
“...( «8 )
vrye onafhankelyfcheid van de Havens van den Staat, op
^ rr fcni8e ^ationaale faaken aan te neemen als doo*
het Kanaal van de Ondergcteekenden, als Opperhoofd dd
eelulter metteScnftaande ^Iks aan fijn EdP nooit doo*
eemge Gouverneurs van vreemde Mogendheeden te vo0'
ren gevveigeit was, foo als nader blykc uit gemelde Byla»'
Hier op oordeelde de Ondergeteekende nodig fom wC'
derom een onnodige dispuit over de formaliteit en eticiuet'
re met gemelde Heer Generaal te vermyden) om fe\k %
faak in handen te neemen, en fchreef ten dien einde aan
he? ?eer, Gener,aa Burt» 1 j dato den 4 December 17771
het geval ampel genoeg detailleerende, en verfoekenctf
relbtuue van gemelde Schoener en behoorlyke
voor deefe veriche blyk van de herhaalde infultes en in'
igniteiten, door de Engelfche Commiflievaarders aan de
a§ Cn i3(Juverain'teit van de Havens van hun Hoog Mo'
Num£ 8teP Cegt ’ &C’ l0° ah nader blykt uit B^laage
Waar by den Ondergeteekende voegde behoorlvke Ver...”
|
|
| 12 |
 |
“... een-
faame Plaats onder de Jurisdidie van den Heer Comman-
deur Heyliger, eenigen van fijn Manfchap op den 3 Fe-
bruary 1778 des nagts aan de Wal te fetten, welken ge-
wapenderhand het Detachement van de Burgerwagt, dat
aan het Battarytje in gemelde Simfons Baay de Wagt had-
de, na den Schildwagt die hen toeriep Vriend geantwoord,
en daar op fchielyk hem overvallende gedesarmeert en hem
met hunne Houwers geflaagen en het Wagthuisje befet te
hebben, overvielen en met geweld attaqueerden; verplig-
tende hen met hun Gewoer in het Wagthuisje te blyven,
tot dat een gedeelte van deefe heldhaftige Bende het Ge-
fchut van de Batterye vernagelde; neemende by hun Af-
togt een Canoe en insgelyks eenig Geweer van de Wagt
met hen mee: w’anneer de Wagt op hun retraite uitkoo-
mende het Gefchut vernaageld vond, en het refteerende
van dien nagt het Gefchut weeder tragtede fchutbaar te
maaken, en vindende dat d^s morgens daar aan by het op-
luiken van den dag, de gemelde Kaper nog...”
|
|
| 13 |
 |
“...C 76 '
het veel meer dan waarfchynelyk was; als meede hoe on-
bevoegt fijn Excellentie goedgevonden had den Onderge-
tekenden een en anderma'alen in defielfs Antwoorden te
behandelen, dat mogelyk op fijn tyd door onfe rcfpedtive
Heeren en Meefiers loude onderfogt en gedecideert wor-
den.
Dat wat aanging fijn Excellenties beklag over het nier
regardeeren en beantwoorden, fuiks ongegrond was; ver-
mits de Ondergeteekende fijne Depeches ten antwoorde
over de faak van Pregent en de klagte tegens den Gom-
mandeur en Secretaris van St. Martin reeds den 5- Fe-
bruary 1773 met een vertrouwd Perfoon hadde verfonden,
foo dat het lupraenant was, dat het Pacquet nog niet ter
hand gekoomen was; maar dat thans de Ondergeteekende
Copien van alle de gefondene Stukken met betrekking toe
die laak infloot aan fijn Excellentie, om alle die favorabe-
le gedagten, van in-attentie of weigering van het nodige
op klagten van die natuur tegens den Ondergeteekende
voor te komen en weg’te...”
|
|
| 14 |
 |
“... criminee-
lyk het regt der Volkeren beweefen is gefchonden te heb-
ben, word alleen geftraft met het wegneemen van fijn Com-
miftie: Waar uit blykt, hoe gefundeert des Ondergeteeken-
dens bovengemelde obfervatien, op deefe geinfligeerdeftraf-
fe zyn.
Syn Excellentie befluit deefen Brief van den 23 Maart
177B (Bylaage No. 12.6.) met een foort van een replique
op het eerfte gedeelte van des Ondergeteekendens Brief
van den n February 1778 (Bylaage No. 114.) waar in de
Ondergeteekende fijn Excellentie toonde, op welke een
Onbevoegde en met fcurriliteiten vervulde manier van fchry-
ven de Ondergeteekende door fijn Excellentie behandelt
wierd; maar foo als te fien is, in plaats van het te beete-
ren, maakt fijne Excellentie het hier in deefen Brief nog
erger; dingen meldende, die allefints drift en paflïe too-
nen.
EindelykjOm een ftaaltje te geeven van de burlesque wy-
fe, waar op fijn Excellemie den Ondergeteekenden geftaa-
dig repliceerde in Brieven van foo een ferieufe en...”
|
|
| 15 |
 |
“..., een partialiteit in faveur van dee-
fe Rebellen, en een openbaare hoon fijn Majefteits
Vlag aangedaan ,of de Rebelle Brigantyn dertien of elf
Eerfchooten heeft gedaan, en of die Eerefchooten
met een gelyk of minder getal beantwoord zyn, fal
denkelyk ik niet envalcedeeren,de weefentlyke grond
van myne klagten in dit opfigt, nog vind ik in 0
Ed. Blief niets het minfte dat eene betrekking heeft
tot eene loochening en ontkenning van de expreffe
inhoud van dat fait. In deefe om handigheid raakt
myne Remonftrantie in der daad direft het Holland-
fche Gouvernement, en gelyk U E. U gedrag refe-
reert aan Uwe Heeren en Meefters, foo wel als ten
opfigte der befchuldiging van een Handel en Nav'f
gat ie 3 welke gy ver/eekert zyt j dat haar Hoog Mog■...”
|
|
| 16 |
 |
“... September 1776. En ge-
teekent, John Hancock Praefident, verders verklaard
de Comparant, dat hy de Yerfche Brigantyn, ge'
naamt de May, Schipper Taylor, welke hy op den
ii laatftleeden genoomen heeft, niet eerder heeft ge'
noomen, als des anderendaags daags na dat hy uit dee-
fe Haven vertrokken was j en dat hy gemelde Bri'
gantyn ontmoete op de hoogte van omtrent drie En'
gelfche mylen meer of min van het Eiland St. Chris-
toffel. En dat hy gemelde Brigantyn niet in dit Ei'
land heeft ingebragt, maar direft na Maryland ge'
depecheert heeft, en de Equipagie de Chaloup ge'
geeven heeft om fig te fauveeren waar het hun goed
dagte, hier op en by folemneelyk perfifteerende*
Soo waarlyk moe ft hem Comparant God Almagtif,
helpen. Des te oirkonde dus door ons Raaden en
Secretaris eigenhandig onderteekend, en met he£
het gewoone ’s Lands Zeegel beveiligt.
(L. S.) Aélum St. Euftatius den z Dcc. 177^
Was geteekent,
Johannes Heiliger. Oliv. Oyen.
Laager Hond,
In kennifte van my...”
|
|
| 17 |
 |
“... deefes Eilands,
en ter fuivering vart fijn
eigene Caraéier, door dee-
fe Hifiorie, die hem door
het algemeen gerugt té
lafte gelegr was, en niet
tot de minite fatisfafiié
van de Heer Foriier M.
Connell.
Deefe Voofenflaande Vraagen en Antwoorden ten
overitaan van Raaden gedaan zynde, foo heeft defl
Gemterrogeerden hier op en by geperfifieert.
hOo Waarlyk tnoefi hem T)epofant
ï _ God Almagtig helpen.
Des^ t’oirkonde deefes door ons Raaden en Secre-
taris eigenhandig onderteekent.
Aftum Sr. Eufiatius in het Fort Orange dén <3
December i77ö. °
W as geteekent,
Johannes Beyligef.
Tteter Runnels.
Oliv. Oyen.
‘Dirck G. Salomons.
Jacobus Seys. Ög 'i Qa«
Nuffl. 8.
ix 1**...”
|
|
| 18 |
 |
“...( 129 )
daan te hebben op de heilige Ëvangeliften van God
Almagtig, deponeert en fegt, dat op of omtrent
den feftiende dag van November, nu jongfilèeden hy
Deponent in Gefelfchap van Gapitein John Dean en
Capitein John Spier [Schippers van Scheepen, nu ’ten
Anker leggende op de Rheede van Ballet er re in dit
Dvland) zynde aan Boord van een Sloep op de
Rheede van St. Euftatius, en liende een Brigfntyn
met waayende Vlag en Wimpels vond de Windzy-
de van het gemelde Eyland opkomen, aan fijn voorfz
Compagnons deed obferveeren, dat er een OorlcG-
Ichip, SP.Te/^rGaanquam, waarop de gemelde Ca-
pitein Dean ^ volgens des Deponents befte geheugen)
antwoorde, ” neen by God is het een Ameritaanfche
” KaPÉr f wmt M gy niet de Vlag van het Congres,
” niet dertien Streef en m het feiVeV Of hem in
diergelyke woorden in luhftantie uirdruktc' En fe^t
den Deponent wyders, dat de voótfz Brigantyn kort
daar op ten Anker quam op de Rheede van St
Euftatius, aan de Bakboordzyde van de...”
|
|
| 19 |
 |
“... Gouvernement aan Ros
toegelaaten had uit Antigua te éehappeeren en hier
te verfchynen, ik my van die geleegentheid bedient
heb om hem voor den Raad te doen examineeren»
in hoope, dat in ftaat fou zyn eenige collaterale
omftandigheid aan te toonen, waar door de waar-
heid mogt aan den dag komen; maar ik laat aan
L) Excellentie over om te oordeelen hoe groot myn
verwondering en te leurftelling moet geweeft zyn
van te vinden, dat fijne gepretendeerde kennis van
de faak geheelyk ingebeeld, en op fcyn beft gegrond
was op gealleguenrde gefegdens van Perfoonen met wie°
hy wift dat hy niet geconfronteert kon worden,
dat onder anderen hy peremtoir infifteerde om toe-
gelaaten te worden der eed te doen, op antwoor-
den wyd en breed verfchillende van die, welke hy
gedaan had op de Interrogatorien te Antigua. De£'
fe voorflag verwierp ik egter met de verontwaardi-
ging die fy verdiende, en fou feekerlyk overgegaan
zyn om hem te ftraffen over dit fchandelyk proid'
tueeren van de heiligheid...”
|
|
| 20 |
 |
“... feedei'£
myn aankomft ia dit uitgeftrekt Gouvernement.
neetelig, foo meenigvuldig, en foo gevarieert zy11
de beefigheeden van myn poft in deefe verward2
tyden, dat ik begin te wanhoepen de minfte ruft rö
genieten, tot dat wy een einde fien van de onn3*
tuurlyke rebellie thans in Noord-America
tchende.
Ik ben met behoorlyke eerbied,
Uw Edelens gehoorfaam-
Antigua den fte onderdaniglie Die-
XS Decemb. naar.
J777* Was geteekent,
Wtliiam Mathew Burt’
Copie van een circulair^
Brief van den Gouverneur Burt
aan alle de Vice-Admiraliteit
Hoven binnen Jijn Gouverncwert’
Myn Heer >
failleren heb ik klagte van den Gouverneur de
Graaf ontfangen, dat de Schoener de Entrepri'
fe, Abraham Stevens Schipper, thuis hoorende in b£t
Eiland Tortola, op den 30 laatftleeden Zeeroverl)’^
genoomen heeft de Schoener Liddy, Thomas Bun-
ker, Schipper, toen ten Anker leggende onder de
befcherming van hun Hoog Mogende Forteres van
Great-Bay, in het Eiland St. Martin; en dat by*
mettegenftaande...”
|
|