Your search within this document for 'Un,di,kos' resulted in twelve matching pages.
1

“... Excellen- tie; het geen aantnerkelyk is; fchoon fijn Excellentie leg , den gemelde Brief van den * o September met eer *1® 17 Otdober óntfangen te hebben, dat feer te verwonderen is vermits gemelde Brief van den io September terttond doof den Ondergeteekènden is gedepecheert geworden, en tufichen Antigua en St. Euftatius ’er. maar drie daagen ieylens is. Maar om hier niet op te blyven liaan, de Un- de, geteèkende rappelleerde fig dat eene S.!eP|en/pS’ Capuein van de Engelfche Kaper, welke de Bark Chris- tiana hadde genoomen ën te Antigua opgebragt, in de maand September 1777 op St. Euftatius zynd,e, fig na e- hooren aan het Gouvernement hadde aangediend, en toen ter tyd de Ondergetekende met den gemelde^PW- lips, 7.ynde insgelyks van Antigua,, eenig gefprek n gehad over de gemelde Bark Ghriftiana, en de befcbulf1- ging van de meergemelde Ros; en denkende, d^t mo e- Ivk die Galt de licentie foude gehad hebben, om den Un- dergeteekendert van deefe onwaarheid te betigten, altoo^...”
2

“... deChriftiana, gedeftineei't na een gedeelte van Noord-Carolina, en laatft genO' men door Stephan Philip, voerende de Sloep Ran- ger, en in de Haven van St. John opgebragt. moet U Excellentie permiffie verfoeken in antwoord te moogen obferveeren, dat my niemand bekent is voerende de narim van Tertellier, of eenige daar na lykende benaaming in dit Eiland; dat verfcheide de naam van Godet voerende, Inboorlingen en Burger5 van het felve zyn, en dat de aangevoerde Heef Letter een Burger is, die alhier feedert een langeI1 Num. 44. Aan Jijn Excellentie Wil- liam Matthew Burt Esq. 3 Ca- pitein Generaal 3 Gouverneur en Chef in en over alle fijne Groot- Brittannifche Majefteits Lee- ward Charibbée Eilanden, Can- celler , Vice-Admiraal en or di- nar is van de felve 3 &c. &c. &t‘ St. Eu/iatius den 31 July 1777. Myn Heer,...”
3

“...I Num. 55. ( 190 ) miraal Young de byfonderheeden van dir vuil dryf te melden, vermits eenige der Oorlogfcheepeh onder fijn bevel, anders de Daaders daar van fout?? kunnen te gemoet komen, fonder van hun misdaad le weeten, en derhalven hun des te eer permitteeren ie öntvlugten. Ik heb de eer niet alle mogelyke deferentie en re- fpeft te zyn, Myn Heer j Uw Excellenties gehoorfaam- fie en onderdanigfie Die- naar. _____ Monfieur Claufen, G outer- neur General des Isles cDanoifes & St. Croix. St. Enfiatius le 2,9 Jut liet 1777* Monfieur T Ai l’honneur de vous prevenir que la nuit du 16 au 17 de ce mois il a été enlevé de dedans la Kade ue cette He, un Brigantin Anglais, nommé le Mar- quis de Rockingham Cap. Morris Stack, par hurt Hommes apartenants au Batteau la Peggy de Char- les Town Cap. Thomas Cheney, qui etoit aum mouille, dans cette Rade, Lesquels couperent 1® Cable, du dit Brigantin le Marquis de Rockingnam* Etant effentiel pour le bien a la fureté du...”
4

“...( 19* ) . V', ,n Monfieur de Mehïlle, NufiL Commandant a St. Thomas. <5V. Euftache le ig Quillet 1777» 6 Monfu leur . ..... 4.. >,, . •.. f T’Ai 1’honneur de vous prevenir que la nut du 1 '6 J au 17 de ce mois il a été enlevë de dedans la Rade de eet te Isle un Brigantin Anglais; nomtnë le Marquis de Rockingham Cap. Morris Stack, par- h.u-it Hommes apartenants au Bateau la Peggy dé Charles Town Cap. Thomas Cheney, qui étoit auflï mouillé dans cette Rade, lesquels couperent le Ca- ble du dit Brigantin le Marquis de Rockmgham. 5 , Comme ces malheureux, dont j’ai 1’honneur de vous envoyez la Lille des Noms, pourraient s’être rendus dans le Port de Saint Thomas & que le bieb & la fureté du Commerce exigent de prevenir; par une punition exemplaire, des pareils ades de Pira- terie, je m’emprefie, Monfieur, de vous donner avis de eet enlevement, avec priere fi ce Brigantin eft dans le Port de Saint Thomas de vouloir en faire prendre pofleffion a loin, de faire mettre...”
5

“... ik, is na Holland vertrok- ken; dog Uw Excellentie kan hem gemakkelyk uit- vinden. Ik heb de eer te zyn, Myn Heer j Onder ftond, Uw Excellenties gèhoorfaam- Antigua fte en onderdanig!! Die- den 18 Aug. naar, 1777. Geteekent; ÏVilliam Mattew Buft’ Num. 67* Aan Jijn Excellentie de Heer Johannes de Graafj te St. Eujlatius. Myn Heer, TÏC ben geinformeert dat Uw Excellentie een wit*c Vlag na Tortola afgefonden heeft, met bevel on* op te eiffehen de ongelukkige Manfchappen , di® i-eeroverlyk de Brigantyn de Marquis van Rocking" ham, toehoorehde aan Onderdaanen van den Konin# myn Meeflér, weggevoert hebben van de Rheede van St. Euflatius, Uw Excellenties Gouvernement’ én dat Gy gerefolveert en beefig zyt toebereidfel6** te maaken om defelve exemplair te firaffen. misdaad is feekerlyk groot; maar dus is de finneloo* ^ geettdryverye of enthoufiasmus van de misleyde in' ierieure Onderdaanen van myn Meefler; en fchoo^ fy door hunne rebellie fijne proteétie verbeurt hen...”
6

“... niet louden hebben, welke gy reede had daar van te verwagten, fend ik hier neevens Copien Van my- ne Brieven aan de Heer Cbalwil, en aan den Gol- ledeur van fijn Majeiteits Douane te Tortola, uit welke Uw Ed. myne bereidwilligheid en volllrekté beveelen lult fien. Vermits de Sloep Welcome aan- geklaagt was geweeft, di&eerende onfe Wetten de Proceduures tot haare reguliere decharge. Het is de particuliere pligt van fijn Majeiteits Geregts-Of- ficieren, deefe Proceduures te reguleeren; en deefe beval ik den Procureur Generaal na Tortola te ver- vaardigen door een geleegentheid die lig toen aan- bood. Den dag van myn te rugkomlt alhier vetfee- kerde my den Procureur Generaal dat defelve ge- depecheert waaren. Ik moet my felve verleegen bekennen eenige Wel- gegronde reprefentatie of klagte uit te denken, welke my van weegens Onderdanen van hun Hoog Mog. toegekomen zyn, die niet na vereifch geredrelTeert zyn geweeft. Ik fou my gelukkig agten te kunnen feggen, dat dé klagten...”
7

“...Num. 79* Tranüaat- ( ii» ) 'de Edele Abt. Chd- iWillj EsqOmm an de erende Ojfi* r/cT /di* *■■■■ re&ien van de Heer Procureur Generaal , no- pens het reftitüeeren van de Sloep Welcome en haaf Laading, vry van alle korten, het welk my flattee- ren, dat door een onmiddelyke nakoming fal gevolgt worden, vermits ik Brenger deefer, Abraham Hey* ger, Esq., expres heb afgefonden om defelve te ont' fangen. Ik heb de eer met veel eeerbied te zyn, Myn Heer i Onder ftond> U Edelens gehoorfaatnfte en onderdaniglte Dienaar. Nutn. 80. Tranflaat. Aan fijn Excellentie Gou- verneur de Gsaaf. Tortola den 2 6 Nov. 1777* Myn Heer, fp'Er gehoorfaaming aan de begeerte van fijn cellentie den Generaal Burt, en in conformity van het advis en de direöien van de Edele Procureur Generaal, is de Sloep Welcome en haa Laading overgegeeven aan Abraham Heyliger, ES(U welke Heer door fijn...”
8

“... deefe, natuur, is ten uiterüe fmertelyk voor my: maar al^ pligt defelve di&eert blyft niets voor my over dan te gehoörfaamen. Ik heb de eer te zyn, &c. ' i' •> Foor de Ed. Johannes de Num. 83. Graaf j Esq. Gouverneur over de Eilanden St . Eujtatius „ Saba en St, Martin, &c. &c. &c. TTEede zyn de den tweeden dag van December, •*-A in het jaar 1777, compareerde, in Perfoon ,A1- bertus Swain, Stuurman, en Job Coffin en Stephen Paddack, Matroofen , laat.lt behoord hebbende tot de Schoener Liddy, gecommandeert door Salomon Bunker, van en uit het Eiland van Nantuckit, wel- ke, na refpedivelyk den fighamelyken eed behoor- lyk afgelegr te hebben, declareerden. Dat op Sondag den dertigllen dag van November, laatllleeden, tulichen de klokke tien en elf uuren voor de middag, dë voörnoemde Schoener Liddy, (die toén over de Barr [Sluitboom] en binnen de Haven van Great Bay in het Eiland St. Martin was, en niettegenllaande het Gefchut van het Fort Am- iterdam drie Kogels een...”
9

“... de Haven te blyven, die foo goed was hem fijn Baggagie en wat hem aan Boord toebehoorden te rug te willen geeven, dog nu te laat was om het nog dien avond aan Land te krygen ; waar in de Gouverneur bewilligt had, dog den Officier van de Brig gelatte met Sonnen opgang den volgenden ogtend te vertrekken, of dat hy op de Brig fou dóen fchieten en in de grond booren ; en verder declareert deefe Deponent, dat Ailoway hem feide dat hy den Gouverneur aan den Kanonnier Jofeph Wyeth de orders had hooren geeven, om na het kort te gaan om op de Brig te fchieten en haar in de grond te booren, en dat de gemelde Ailoway declareerde, dat hy al de fatisfaéiie ontfangen had, di^hy van den Gouverneur kon vervVagten. En ver- der legt deefen Deponent niets. W as geteekent, Jacob Diaz Delgado. Bèëedigt in onfe pre- fentie den 23 January 1778. Geteekent, The o dor us Ketter ling. ( L. S.) John Salomons Gibbes. St, Eultatius. PToor de Ed. Johannes de Num. 109 Graaf j Esq. Gouverneur...”
10

“...■ ■ ,, •, . XU6 ) . v, I fijn Wel-Ed. Geftrenge fulks bemerkende, terftona den Conftabel van het Fortres by fijn Wel-Ed. Ge- ftrenge liet koomen, en hem ordonneerde Tonder di- lay Op gemelde Americaanfche Kaaper te vfturen, dat daar op het Fortres hadde beginnen te vuuren, en na dat het tweede Schoot op haar gedaan was» tóaaktede fy Seyn van zeylen, en binnen de twintig minuten waren Ty onder zeyl, geduurende welke tyd het Fortres op haar continued vuurde. Verders ver- klaart den Comparant dat hy verfcheidene Kogels heeft fien vallen kort voort en by de gemelde Ame- ricaanfche Kaaper; alle het welk voortfz ftaat ver- klaart den Comparant de fuivere en opregte waar- heid te zyn, daar op en by folemneelyk perfifteeren- de. • Soo warrlyk tnoeft hem ‘Depofant God Almagtïg helpen. ^ Des t’oirkonde deefes door ons Gouverheur en Secretaris eigenhandig onderteekènt en mét het ge~ woone ’s Lands Zeegel beveiligt. St. Euftatius den 30 January 1778. Was geteekent...”
11

“... voornoemt by fijne komile tot het Gouvernement, voor my fond, en my dan eed van fruftUaTngn?d behe!fende ik geen Bus- k ut aan niemand, hoe ook genaamt, foude aflee- veren, om van het Eyland vervoerd te worden ten dL?LneH00ndD Wie-rd een beëediSde Declaratoir door den Heer Requirant geteekent, en met Com- f;fheebbee:g8térvof;?t,gt- H?t weik ik puna“- Aélum St. Euilatius den ly IVdey 1778. Was geteekent, C. M. Schultz. Tranflaat. Aan de Edele Johannes Num.iC2. de Graaf j Gouverneur van St. Euftatius. Myn Heer, I^\x?MrdieriA/f 3un de ordres van fijn Excellentie William Matthew Burt, Captein Generaal van fknteha^aJe kln tferrd Charibbée Eylanden, geef ik thans aan U Ed. kennis, dat ik overeen gekomen ben iet de Heer Webbe Hodfol°B^*di!3£ Kkkk z om...”
12

“... verrigting gefchie- de in prefentie van een groot getal Aanfchouwers, die lig op den Berg van St. Eultatius vergaderden; — foo digt aan het voorfz Eiland was het, dat de Matroofen maar een uur en een half roeyens werk hadden om het Strand te bereiken in een groote Lon^-Boat; — en vermits de voorfz Bendal en Kos- ter M. Connell eenige informatie hebben dat dit Zeeroverlyk Vaartuig te St. Eultatius uitgeruit was, en gedeeltelyk toehoorde aan Perfoonen aldaar die Commiffien van het Congres hebben tot het uitrus- ten van fulke Vaartuigen, fmeeken fy lijn Excellen- cie om hun met een Brief voor den Gouverneur van St. Eultatius te voorfien, door welk middel fy milTchien in Haat fullen zyn vergoeding te bekomen voor de fchaade die fy en hunne Vrienden geleeden hebben, en welke, ten laaglte genoomen, een fom van L. 1800 Cour. voor de Laading en L. 800 Cpur. voor het Schip beloopt, en Vermits deefe ful- ke capitaale lommen zyn, waar van het gemis de ■ Geinterefleerdens feer fou...”