| 1 |
 |
“...28
wordt gewag gemaakt *), blijkt het echter dat er zich
een in bevond en dit den 10den April van hetzelfde jaar
is ingewijd, terwijl de persoon die tot hiertoe als voor-
zanger en voorlezer had gefungeerd, tot organist werd
aangesteld voor 200 p. 's jaars (zie bladz. 2 in de noot);
een ander werd in zijne plaats benoemd voor 125 p. De
verrekening van alle gemaakte onkosten voor het bouwen
der kétk, krijgt niet zeer spoedig haar beslag; eerst 23
jaren daarna! ’t Is wel vreemd. In de notulen toch van
5 February 1787 leest men: //door den heer c. l. ger-
ding verantwoording gedaan van de collecte en het bou-
wen der kerk, en alles goedgekeurd.” Aan het kerkgebouw
zoowel als aan de pastorie moesten in 1801 aanmerke-
lijke herstellingen geschieden, waartoe eene som van
2,000 p. door den kerkeraad, bij obligatie,-wordt opge-
nomen. De reden was niet zoozeer de ouderdom of de
bouwvalligheid der gebouwen, als wel: //de droevige om-
standigheden des oorlogs” met de Franschen...”
|
|