Your search within this document for 'resultante' resulted in nine matching pages.
1

“... om de aarde of liever van beide om haar gemeenschappelijk zwaartepunt, ontstaat een centrifugaalkracht, die gelijk en tegen- gesteld is aan de onderlinge aantrekking van beide hemellichamen in hun geheel. Deze centrifugaalkracht over alle deeltjes van de aarde verdeeld, zal niet voor elk deeltje gelijk zijn, omdat de naar de maan toegekeerde deelen sterker worden aangetrokken dan de van de maan afgekeerde. In Fig. 1 isgeschetst, volgens Darwm, hoe de resultante, van centrifugaalkracht en aantrekking, over het aardoppervlak verdeeld en ongeveer gericht is. Het is alleen de kracht volgens de raaklijn aan het oppervlak gericht, welke beweging van de waterdeelen ten gevolge kan hebben. De feitelijke getijverwekkende kracht is dus nul onder het hemellichaam en in die punten, welke 90 en 180 daarvan verwijderd liggen en het grootst op de plaatsen die 45 en 135 van het punt, dat het hemellichaam in het zenith heeft, verwijderd liggen. De aantrekking, welke twee hemellichamen...”
2

“...HYDROGRAPHISGHE GEGEVENS. 81 De grootste versnelling, die dus een watermassa aan de oppervlakte der aarde kan krijgen ten opzichte van de vaste aardkorst is Ir' Ir* a a ~ 80 x (Rr)* X g 8 X R x a* a = _ _£* v v | 1 1 ) r* 2R rr> 80 g | (Rr)* R* | 80 g (Rr)> x R> woeden ^e*n *s ^en P**c^e van R (R = 60r) kan bij benadering hiervoor gezet r* 2R r r* 2r a*a* 80 X g XRTx R. = 80 X g X R. 2r* 2 l a' a 80 R* X g ~80 X 60* g = 8 460 000 g Beschouwt men een equatoriaal kanaal (Fig. 2), draaiende volgens den aangeduiden pijl, dan zal in een punt tusschen G en D de aantrekkingskracht een grootere tangen- Fig. 1, tiaal ontbondene geven dan de afgekeerde centrifugaalkracht. Het verschil is een kracht gericht volgens de raaklijn naar lijn A G M toe. Tusschen de punten A en D ontstaat ook een tangentiale resultante naar de lijn ACM toe. In het kwadrant B C (of D A) werkt dan op een water- deel, komende van B (of D), eensteeds toenemende versnellende kracht tot op 45, deze...”
3

“...Mechanica. Litteratuur. F. J. Vaes. Graphostatica. Deel I. Samenstellen en Ontbinden van krachten. ,, II. Zwaartepunten. ,, III. Vastheidsleer. IV. Wrijving. ,, V. Traagheidsmomenten. Statica. Samenstelling en ontbinding van krachten. De resultante van twee krachten groot P, en P, (fig. 1) wordt in grootte en in richting voorgesteld door de diagonaal van het paral- lellogram door de krachten P, en P2 als zijden gevormd en heeft de waarde : Fig. 1. R V Pi* + P. + 2 P,P, co* waarin de hoek tusschen beide krachten. De krachten P,. P, en R laten zich tot Fig. 2. een krachtendriehoek (fig. 2) samenstellen, waarin de zijden a b en b c in grootte en richting gelijk aan de krachten P, en P, worden voorgesteld en de derde zijde in grootte en tegengestelde richting de resultante R der beide krachten aangeeft. De resultante van meerdere in n punt werkende krachten (fig. 3) wordt in richting en grootte voorgesteld door de verbindingslijn van het aangrijpingspunt met...”
4

“...268 MECHANICA. De grootte van de resultante van evenwijdige krachten is gelijk aan de alge- brasche som der krachten (fig. 5). De ligging van het aangrijpingspuntvindt men uit: Pi ij + Pj a -4- P3 a 4" - P, + P, + P, + - s Pa £ Pa TP~ TT" u Pibi + Pb, + Presultante R der evenwijdige krachten. - at------- Fig- 6. Twee evenwijdige, gelijk- en tegengestelde krachten P vormen en krachtenpaar, waarvan het moment gelijk is aan P a, waarin a = de loodrechte afstand van beide krachten. Willekeurige krachten kan men gezamenlijk naar n aangrijpingspunt...”
5

“... de cordinaten der aangrijpings- punten der krachten voorstellen. Graphisch wordt het evenwicht van krachten door de volgende voorwaarden bepaald (zie ook fig. 4) : Verschillende krachten met eenzelfde aangrijpingspunt zijn in evenwicht, wanneer deze krachten een gesloten krachtenveelhoek vormen. Elk der zijden van dezen krachtenveelhoek kan dan worden beschouwd als de resultante van de andere krachten; evenwel is de richting dezer resultante omgekeerd. Verschillende evenwijdige krachten zijn in evenwicht, wanneer de uit deze krachten geconstrueerde stangenveelhoek (fig. 6) sluit. Zwaartepunt. Zijn x, y en z de cordinaten van het gezochte zwaartepunt van een willekeurig systeem van stoffelijke punten met de cordinaten x, y, z,, x, y, z enz. en met de massas mh m8, m8, enz. zoo vindt men het zwaartepunt der massas uit: £ m x £ m smy £ m £ m z Is mi Zwaartepunt van lijnen. Beschouwt men een willekeurige lijn, bestaande uit een aaneenschakeling van elementen ds met de...”
6

“... ten gevolge van de aanwezigheid van zes onbekende steunpuntsreac- ties drievoudig statisch onbepaald. Bogen met scharnierende opleggingen kunnen eenvoudiger worden berekend en hebben het voordeel, dat temperatuursveranderingen en zettingen geringeren invloed hebben op de spanningen. De statisch onbepaalde boogliggers kunnen in het alge- meen het eenvoudigst worden berekend met behulp van de stelling van Castigliano. Zijn Va, Ha en Ma b.v. de onbekende steunpunts- reacties in een bevestigingspunt, dan zullen volgens bovengenoemde stelling dA dA Fig. 43. Fig. 45. 0 en uva uua Is in het algemeen (fig. 46) voor het links van een doorsnede X gelegen gedeelte van den boog- ligger de resultante van alle vertikaalkrachten =V en die van alle horizontaalkrachten = H, dan zal voor het evenwicht de som der ontbondenen dezer resultanten in de richting van de normaalkracht N gelijk aan deze normaalkracht moeten zijn, of daar dA dMa 0 moeten zijn. sin

7

“... worden in den krachtenveelhoek in dezelfde volg- tude uitgezet als waarin zij elkaar aan den om trek van het vakwerk opvolgen (b.v. volgens wijzers van een uurwerk). b. De krachtenveelhoeken voor de staafkrachten in een knooppunt worden weer uitgezet in dezelfde volgorde als waarin de uitwendige krachten zijn ge- nomen, de in de knooppunten werkende uitwendige krachten vallen in deze krachtenveelhoeken steeds samen met die in den onder a genoemden veelhoek. Fig. 54 geeft de graphiek volgens Cremona voor het onder 2 berekende kap- spant. r 5. Graphische bepaling volgens Culmann. Volgens deze methode worden de krachten in drie doorgesneden staven van een vakwerk (fig. 56) gevonden door de resultante Rj van de op het linkerdeel werkende uitwendige krachten te ontbinden volgens de assen der 3 .staven. Deze drie ontbondenen maken evenwicht met de resultante Rr op het rechter- deel werkende en zijn dus de gevraagde staafkrachten. De resultante Rj wordt nu eerst ontbonden volgens...”
8

“...372 WRIJVING EN WEERSTAND. Slepende wrijving. De wrijving is volgens de wetten van Coulomb recht evenredig aan den normalen druk, die twee wrijvende oppervlakken op elkaar uitoefenen, en onafhankelijk van de grootte dier oppervlakken en de snelheid van beweging. Volgens de nieuwe onderzoekingen van Bochet neemt de wrijving bij toenemende snelheid langzaam af en verandert zij een weinig met de specifieke drukking, d. i. de drukking per vlakte-eenheid. De wrijving der rust is grooter dan die der beweging, doch het verschil wordt kleiner, hoe harder de oppervlakken zijn. De draaiende wrijving b.v. om een spil of pen, is kleiner dan de glijdende en grooter dan de rollende. Is N de normale druk van een lichaam tegen zijn steunvlak, dan is een kracht I* N noodig om den weerstand te overwinnen, die tegen de beweging van het li- chaam gesteld wordt. De cofficint y heet wrijvingscofficint en is gelijk aan de tangens van den wrijvingshoek y welken de resultante van den normalen...”
9

“... drie op elkaar volgende uitslagen en. neemt men van deze aflezingen de resultante ai + 2 a, + a, 4 Opmeting van terreinen ven kleinen omvang. De opmeting van terreinen van kleinen omvang geschiedt door het uitzetten van meetlijnen, welke in het eenvoudigste geval de zijden van een driehoek of vier- hoek uitmaken. Bij grooteren omvang wordt op het terrein een aaneengesloten driehoeksnet vastgelegd, terwijl bij bedekt en langgerekt terrein van een veel- hoek wordt gebruik gemaakt. Bij groote veelhoeksmetmgen en driehoeksnetten zal men zuivere hoekmeetinstrumenten moeten bezigen ; bij kleinere veelhoeks- meting kan men van een boussole gebruik maken. In het laatste geval kieze men zoo mogelijk een groot aantal korte zijden. . , .. ^ Zijn de hoekpunten dezer driehoeken of veelhoeken in hun ligging bepaald, dan kan het vastleggen van andere punten van het terrein aan de meetlijnen geschieden volgens de volgende methoden : , , 1. De cordinatenmethode, tevens de gemakkelijkste...”