|
|
|
|
|
| 1 |
 |
“... echter niet op te zwaren kleigrond.
Op steen- en kalkachtige gronden de haagbeuk en berk (Betula verrucosa, B. pubes-
cens), op dorre zandgronden alleen berk en dennen (grove den of Pinus sylvestns en
fijne spar of Picea excelsa). Vruchtboomen maken te groote kruin en vormen te laag...”
|
|
|