| 1 |
 |
“...245
GROOTHEDEN BIJ VLAKKEN EN LICHAMEN.
3) Methode van Tchebycheff.
Wenscht men b.v. het oppervlak te be-
palen van de figuur A B D C, begrensd door
de kromme en de ordinaten A C en B D, dan
zet men uit het midden O van de basis A B
de abseissen Oa = Ob, Oc = Od, Oe =
O f, enz. uit, waarvoor men de bijbehoorende
ordinaten aa1, bb', cc1 en dd1 opmeet. Het
arithmetisch gemiddelde dezer ordinaten, ver-
mmiigvuldigd met de lengte van de basis
AJ3, geeft dan het oppervlak. De grootte] der
uit te zetten stukken O a = O b,0 c = O d
enz. bedraagt bij berekening met
0,577 35 O A
( 0
0,707 107
2 ordinaten
Alzoo bij 4 ordinaten F
( 0,187 592
| 0,794 654
t 0
0,374 541
I 0,832 498
[ 0,268 635
0,422 519
' 0,866 247
( 0
) 0,323 912
) 0,529 657
\ 0,883 862
( 0,167 906
J 0,528 762
) 0,601 019
( 6,911 589
aa' -j- bb/ -|- cc' -j- dd'
4
Lichamen.
Kubus.
1 -ia? R = Jal/^ 3
0 = 6a* r = |a
waarin a de ribbe.
Seheefafgesneden driezijdig prisma.
1 =T
|
|
| 2 |
 |
“... den stand van dit snijpunt bij oneindig kleine verplaatsing van het
drijvend voorwerp heet het metacentrum.
Is J het traagheidsmoment van de op den waterspiegel liggende doorsnede van
hot drijvend lichaam in toestand van evenwicht ten opzichte van een as door het
zwaartepunt dezer doorsnede en zijnde de snijlijn der beide doorsneden op de water-
lijn bij evenwicht en kleine verplaatsing (bij een symmetrisch gevormd lichaam alzoo
evenwijdig aan de lengteas van het
lichaam) dan is, wanneer V de inhoud
der ondergedompelde doorsnede voor-
stelt, de afstand van het metacentrum
tot het drukmiddelpunt of (fig. 1).
MO = i
Bijv. een drijvend vierkant prisma
(fig. 1) is in den aangegeven stand in
evenwicht, wanneer
MC1 = ^ grooter is dan CG1 =
yt a % z
en V = a z
>
12 z
Fig. 1.
of daar
moet
2...”
|
|
| 3 |
 |
“...HYDROMECHANICA.
375
of £ < %
of het soortelijk gewicht
of>*(1 + /8)
f= yan het prisma < 0,212 of >
0,788.
Hydrodynamica.
Algemeene vergelijking geldende voor elk soort van beweging van een volmaakte
vloeistof, waarbij men geen rekening heeft te houden met wrijvingen of geldende
voor een natuurlijke vloeistof, indien de wrijvingen in de kracht-componenten
X, Y en Z zijn opgenomen:
(dp-E dt) = X dx + Y dy + Z dz U dU..................(1)
waarin t de tijd en U de snelheid in het beschouwde punt.
Permanente beweging.
De beweging van een vloeistof heet permanent, wanneer de moleculen, die elkaar
in een willekeurig punt opvolgen, zich bewegen met dezelfde snelheid in grootte
en richting en onderworpen zijn aan dezelfde drukking, terwijl de dichtheid de-
zelfde blijft.
Hierbij zijn dus U, p en p onafhankelijk van den tijd en hangen slechts af van
de cordinaten der verschillende punten.
De algemeene formule (1) wordt in dit geval:
(X dx + Y dy + Z dz) + U dU = 0...”
|
|
| 4 |
 |
“...Gronddruk
Steunmuren.
Gronddruk tegen bekleedingsmuren.
Wordt oen aardmassa onder grooteren hoek dan den natuurlijken hellingshoek
opgezet en door een steunmuur tegengehouden, dan oefent deze massa op dien
muur een druk uit. Tengevolge van het zetten van dien ryand zal de grond volgens
een zeker vlak afschuiven, dat niet met het vlak van den natuurlijken hellingshoek
overeenkomt maar steiler is, daar het door den grootsten druk op den wand wordt
bepaald. De meer rationeele theoiie voor den gronddruk, welke op het inwendig
evenwicht der grondmassa berust, levert voor de practijk nog geen algemeen bruik-
bare uitkomsten, zoodat. algemeen van de theorie van het afschuivend prisma wordt
gebruik gemaakt. Slechts in het geval van een vlakke bovenbegrenzing van het
aardlichaam, is het afschuivingsvlak een plat vlak. In dit geval kan men dus aan-
nemen, dat zich bij zetten van den steunwand een prisma afschuift, door een vlak
glijdvlak begrensd. Deze berekeningsmethode heeft...”
|
|
| 5 |
 |
“... gronddruk kan men nu ook grafisch als volgt bepalen :
Maak EG = EF, dan stelt EFG het grondvlak van een prisma voor,waarvan het
gewicht met de hoogte als eenheid de grootte van den gronddruk aangeeft, waarbij
de breedte van het vlak AB tevens als eenheid is aangenomen.
Steunmuren.
Steunmuren van losgestapelde steen.
Deze past men bij niet al te steile opzetting van aardmassas vanaf een talud van
1 op 1 toe; gewoonlijk bij 3 op 2, waarbij dan de hoogte tot 10 M kan worden.
Bij steilere Selling wordt de hoogte kleiner, terwijl men meestal tot aan de kruin
der aardmassa gaat of hoogstens 1 Meter daaronder blijft. Het achtervlak maakt
men vertikaal of flauw hellend tot de gewassen grond is bereikt van welk punt af
dan de helling van het voorvlak kan worden gevolgd.
Bij de Brennerbaan te Zwitserland werd bij talud van 2 op 1 voor de kruinbreedte
genomen voor muren ter hoogte h:
b = 1 + -g Meter
en bij 1 Meter onder het oppervlak:
b = 1 -f- 'v- Meter.
Z77Z...”
|
|
| 6 |
 |
“...).
Alle lichtstralen, welke op
een rechthoekszijde van een
gelijkbeenig rechthoekig pris-
ma vallen en welke tweemaal
gebroken en inwendig n-
maal teruggeworpen worden,
treden zoodanig uit de an-
dere rechthoekszijde, alsof
zij geheel niet gebroken en
Fig. 4.
slechts door het hypotenusavlak eenvoudig worden teruggeworpen.
Worden de lichtstralen inwendig twee-
maal gebroken en tweemaal teruggewor- tP
pen, dan maken zij bij het uittreden *
met de oorspronkelijke
rechten hoek.
richting een
I
Geen afwijking in richting zal de
lichtstraal vertoonen, wanneer deze
evenwijdig loopt aan het hypotenusa-
vlak. In deze richting zal men dus
twee voorwerpen zien samenvallen,
wanneer men het prisma in de ver-
bindingslijn van deze voorwerpen houdt.
Moet met behulp van het prisma in
het punt D (fig. 4) een loodlijn op de
lijn ABC worden uitgezet, dan geeft
men aan het prisma n der standen a
of b. In stand a zoeke men het beeld
van A dicht bij het hoekpunt van den
Fig. 5....”
|
|
| 7 |
 |
“...463
HULPMIDDELEN BIJ HET RICHTEN EN METEN.
scherpen hoek in stand b daarentegen dichter bij dat van den rechten hoek.
Om te weten, of het prisma in de lijn AB is gelegen, moet men nagaan, of de beelden
van A en B elkaar dekken of boven elkaar gelegen zijn. De baak P plaatst men nu
zoo, dat zij met de punten A en B in dezelfde vertikaal komt te staan.
Moet met behulp van het prismakruis in het punt D een loodlijn op de lijn A B
worden uitgezet, dan wordt het instrument gesteld in den in figuur 5 aangegeven
stand. Om te weten, of het prismakruis in de lijn A B is gelegen, moeten de beelden
van A en B in dezelfde vertikaal liggen. Hebben de beelden in de prismas gezien
ten opzichte van elkaar een anderen stand dan de gegeven voorwerpen A en B. dan
moet men voorwaarts gaan, om de rechte lijn te bereiken, in het omgekeerde geval
achterwaarts.
Het vertikaal stellen of aflooden.
. Met het schietlood.
Het horizontaal stellen van een lijn of vlak.
Met libel of waterpas.
Het...”
|
|
| 8 |
 |
“... behulp van den pyknometer.
Meten en bepalen van hoeken bij figuren of voorwerpen.
a. Met behulp van den graadboog al of niet ingericht tot hoekmeter.
b. Met behulp van een zwei- of zwei-transporteur (fig. 18).
slSiiii
Fig. 18.
Meten van richtingshoeken.
Horizontale richtingshoeken op het veld. (Zie ook bij Landmeten.)
Met behulp van:
a. Landmeterskruis of equerre (fig. 19).
b. Spiegelkruis of hoekspiegel.
c. Prisma en prismakruis voor hoeken van 90 en 180 (fig. 20).
d. Theodoliet voor nauwkeurige waarnemingen, (fig. 21 en 22).
Dit instrument bezit een,
op een onderstel met hori-
zontalen cirkelrand (limbus),
draaibaren bovenbouw met
kijker. Bezit de laatste te-
vens een vertikalen cirkel-
rand zooals regel is, dan heet
de theodoliet tevens univer-
saalinstrument. Naar gelang
de nauwkeurigheid bij het
aflezen bij den eersten of den
tweeden rand grooter is, be-
zigt men het instrument voor
o---------- astronomische waarnemengen. Het vaste ,
onderstel bevat...”
|
|
| 9 |
 |
“... gaan door in het punt C, dat gevonden is, den rand 180 te ver-
plaatsen en den kijker om te slaan, waardoor deze weder op B moet zijn gericht.
Is dit niet zoo, dan vindt men een tweede punt C en ligt het juiste punt midden
tusschen de beide gevonden punten C in.
Uitzetten van evenwijdige lijnen.
Door een gegeven punt een parallel aan een
gegeven lijn uit te zetten.
Ie oplossing: De lengte van de loodlijn CE
(fig. 11) wordt in het punt F loodrecht op AB
uitgezet. CD is dan parallel aan AB.
2e oplossing: Men richt uit een willekeurig
punt D der lijn AB naar het punt C onder een
hoek a met A B, daarna van uit C onder denzelf-
den hoek met CD.
Uitzetten van hoeken.
. Gereedschap: jalons, meetband of ketting, querre voor rechte of andere hoeken;
hoekspiegel, prisma en prismakruis met hoeken van 45 en 90.
a. Uitzetten van rechte hoeken.
1. Met meetband of ketting.
Geval: Uit een gegeven punt C een loodlijn neer te laten op een lijn AB. (fig. 12).
Verbindt C met twee punten D...”
|
|
| 10 |
 |
“... oplossing: (fig. 16).
Neem E op + 10 M afstand van C, en bepaal M
door het spannen van de kettinghelften, waarvan
de einden in E en C vastgehouden zijn.
Beweegt men zich dan met het eind C van den
ketting naar D, zoodanig, dat dit punt in de
richting EM gelegen is, dan is DC de loodlijn in
C op AB.
Is punt C op de rechte lijn AB ontoegankelijk,
(fig. 17), dan kan men de loodlijn AE oprichten.
In de lijn EC is dan eenpunt F p te zoeken, dat
behoort tot de loodlijn AF op EC.
De lengte FD
en daar
is dan
AF
X CF
EF
AF x AF
zoo is
AF*
FD = ~aW we**le lengte dus op
AF is uit te zetten.
2. Uitzetten van rechte hoeken met prisma,
enz. voor loodlijnen niet langer dan 50 Meter
(fig. 12).
Men gaat met het prisma tusschen A en B staan
en tracht het punt F te vinden, waarop men de
punten A en C en B en C onder 90 ziet.
Bevindt zich een belemmering tusschen C en het voetpunt der loodlijn, dan gaat
men als volgt te werk: (fig. 18).
Richt in A een loodlijn AE op en halveer den...”
|
|
| 11 |
 |
“... ............................................................* 27,90
Stalen meetbanden 2028 mM breed met verdeeling van koperen plaatjes
met pennen en draagringen: .
lang 10 Meter, prijs per stuk..............................f 23, tot f 25,
[ II 20 ,, ,, ,, - 30, a 35,
Afstandslijnen van gevlochten gegalvaniseerd staaldraad met
leertjes om den meter vanaf f 9, per 100 Meter
Haspels voor afstandslijnen met palinrichting, enz.
: van ijzer prijs.....................................f 65, tot f 80,
: eikenhout ........................................... 5o, 60,
Ijzeren gierrol voor afstandslijnen met 2 handvatten f 6,.
Jalons beschilderd en met punten van gehard staal (rond, prisma-
vorm achthoekig)
33 mM diameter lang 2 M prijs per stuk....................................f 3,50
2* ,.........................................4,50
O ni 3 5,50
3'i ii ii 4 ,, .............................................. lo
40 ,i 5 ..................................... 12,
Hoekmeetinstrumenten.
A. Eenvoudige hoekmeetinstrumenten...”
|
|
| 12 |
 |
“.............................552
Basismethode..........................490
Bassins v. zwembadhuizen..............975
B aster dvijlen.......................748
Bataviasche ton. .....................109
Bataviatijd........................... 15
Batavo autopersgaslamp...............1151
Bath-metaal...........................580
---- Stone .........................543
Batok.................................109
Batsen................................745
Battings, maten v.....................521
Bauernfeind, prisma v. .... 467751
Bauschinger, onderzoek v..............703
Bauxiet............................. 574
Bawanghout............................529
Bazin, berekening volgens 384385, 398
---- formule v.............. 382383, 390
---- vergelijking v...................389
Be................................... 13
Beaufort, schaal van.................. 60
Beaver, snij-ijzers...................746
Bebouwing v. terreinen .... 955957
Bedden, afmetingen v..................992
Bedrijfskosten v. centrale verw...”
|
|
| 13 |
 |
“....
Glans verf, schilderen in...........1053
Glas..........................10181020
---- deuren.........................1006
---- in koperen roeden..........1019
---- in lood....................1019
---- mikrometer..................466
---- prisma v. Bauernfeind .... 467
----roeden......................1016
----tegels......................'1117
Glauberiet..........................449
Glaukoniet.......................72, 448
Glazen dakpannen................1019
---- deurplaten.................1019
---- vat, inwendig volume van een. . 472
---- voorwerpen..........10191020
Gletschersteen................... 69
Glijdingsmodulus.............. 305308
Glimmer..........................448
Glimmerleisteen................. 68, 451
Glimmerschiefer.................. 75
Gloeikopmotoren, olieverbruik v. . 891
Gloeilamp, oppervlaktehelderheid v. 1145
Gloeilampen...................11561158
Gloeilicht, alcohol..............H46
Gloeilichtbranders..............1151
Gloeilicht, gasoline...”
|
|
| 14 |
 |
“..........................114
Praecambriscbe formatie . . . 68
Praecessie der equinoxen. ..... 3
Pracisionsgusz. . ...................582
Preanger, patok in de..................108
Precisie gietmetaal....................582
---- pantografen.......................754
------ staafplanimeter.................754
---- meter .......................... 939 .
Predazzo graniet.......................547
Premieloon............................ 734
Primitieve methode.................... 492
----periode............................ 68
Prise deau...........................1126
Prisma.................................475
---- cirkel ...........................478
---- kruis........................ 475485
Prismas glas-.........................467
Prisma, scheef afgesneden driezijdig. 245
Prismas v. Bauernfeind................751
Prismatode.................... 246, 255
Prismode..............................246
Privaatinrichtingen...................1099
---- putten...........................1100
----trechters...”
|
|
| 15 |
 |
“...1200
ALFABETISCH REGISTER
Saturnus ....................
Sangga.......................
Saurirs.....................
Savonnires, kalksteen. . .
Scandinavisch dilivlum. . .
Scapoliet....................
Schaal van Beaufort..........
----- van Koeppen . .
Schaatsen, snelheden op . .
Schachtkolen, Limburgsche. .
Schakelaars, teekens v.......
Schakeling v. elementen . .
----- v. weerstanden.........
Schalen v. hardheid v. water
Blz.
1,2
. . 110
. . 68
. . 543
. . 73
. . 448
. . 60
. . 60
. . 38
. . 587
. 277278
. . 443
. . 928
. . 1130
----, vervaardigen van .... 257258
Schalmen v. kettingen...... 667668
Scharding graniet.....................547
Scharen...............................745
Scharnieren............ 10101012
Scharnierliggers, Gerbersche. . . 324325
Scharnierverbinding..................1062
Schaumkalksteen.......................542
Schaven...............................745
Scheefafgesneden driezijdig prisma. . 245
Scheepsbrief...”
|
|