Your search within this document for 'as' resulted in one matching pages.
1

“...aS DE MARQUIS DE BGUILLÉ, Men triomfeere of fneev’! dit zweeren wij. A L LE DE OVERIGEN. 6 Ja! FLORIS. Wij zweeren ’t anderwerf voor uwe en ’s Hemels oogen. ERNESTUS. Hoe ben ik om uw deugd, mijn vrienden, opgetogen ! (Tegen Floris.) Welaan, men fpoede zich naar onze burgerij. Wij beiden volgen u, en zijn itraks aan uw zij’. (Fredcrik, Floris, en de burgers vertrekken.') ZESDE T O O N E E L. ERNESTOS, KAREL. ERNESTUS. Mijn waarde vriend! vervoeg u bij de bondgenooten; Gelei hen midlerwijl, naar ’t plan door ons befloten. *k Volg u op 5t oogenblik, gefpoord door eedlec moed. ’t Is noodig dat ik eerst de vrouwenfchaar* begroet?. (_Hij vertrekt.) KAREL. 6 Hemel! op wiens hulp we in onze zaak vertrouwen, Doe mij de nederlaag der Britten haast aanfchouwen! Einde van het eerlle bedrijf. TWEE-...”