| 1 |
 |
“... dat land regten hadden ont-
vangen , wier hezit de mensch hooger schat dan
het leven! Wie echter zal uit het gebeurde van
vroegere tijden het gevolg trekken, dat zij het-
zelfde zullen doen, ook na dat hun die regten
ontnomen zijn ? — In sommige dezer koloniën
heerscht eene verbittering, welke zich lucht geeft
in » Curses not loud but deep!” — in anderen
is het volk in doffe moedeloosheid verzonken; in
alle heerscht haat tegen het Nederlandsche gezag,
welke bestendig gevoed wordt door de afpersing...”
|
|
| 2 |
 |
“...11
wier schepen hunne stukken met meel zullen
laden! — Slechts eenige weinige kleine oorlogs-
vaartuigen, boven winds van onze eilanden gepos-
teerd , zijn genoegzaam, . om allen toevoer van
provisie af te snijden; — en ziedaar een alles
afdoend middel, om dezelve te dwingen, zich het
eene na het andere, of alle te gelijk, in weerwil
van forten en batterijen, zonder slag of stoot, aan
den vijand over te geven!
Men bedenke zich dus tweemaal alvorens de
dwaasheid te herhalen, die in 1825 aan Nederland
ettelijke millioenen heeft gekost, om Curapao on-
voltooide Fortificatiën te geven. — Wat gedaan
is, is niet te herroepen, doch men neme zich in
acht voor het vervolg. — De geschiedenis onzer
overzeesche bezittingen en die van vreemde natiën
over het tijdvak van 1780—1813 bevat eenen
schat van heilzame lessen op dit onderwerp. —
Zij leert ons bovenal, dat zonder eene talrijke
en door de innigste banden aan het moederland
gehechte bevolking, elke kolonie in weerwil van...”
|
|
| 3 |
 |
“... Hooftgelt jaerlijcks en
twee en een half pro cento van de waarde van
alle goederen dewelcke van daer na dese landen
sullen worden versonden; ten waere uyt noot ende
tegelijckelijk met vry en liber consent van den
Gouverneur en den politycquen Raet aldaer, de-
welcke mede ten dien eynde door de coloniers
selve, ende uyt de beste onder haer geformeert
sal werden.
» Dat de compagnie niet en sal vermogen ten...”
|
|
| 4 |
 |
“...18
eilanden den handel deed bloeijen, beide in eene
mate, welke de bewondering en de afgunst van
den nabuur opwekte. — Vrijheid om te gaan en
te komen, om handel te drijven of gronden te
ontginnen, vrijstelling van belasting voor den tijd
van tien jaren en zekerheid, dat hem ook na dien
tijd niet meer dan een matig bedrag onder dien
naam zou worden opgelegd. *— Dit waren de echte
middelen om kolonisatie te bevorderen, de bevol-
king wies dan ook met elk jaar, zonder dat het
Gouvernement zich met de leiding van vereeni-
gingen behoefde in te laten, — wildernissen ver-
anderden in bloeijende velden, naakte rotsen werden
rijke stapelplaatsen, en in stede van het Moederland
subsidien te kosten, bragten zij niet weinig toe, tot
vermeerdering van den nationalen rijkdom.
Met het jaar 1816 sloeg men een geheel ver-
schillenden weg in van die, welke men vroeger
bewandeld had; — men koos het stelsel van Gou-
vernements inmenging in alle handelingen van den
onderdaan en de...”
|
|
| 5 |
 |
“...20
bestuur van Curapao, geheel vervuld met het
denkbeeld, dat de bevolking, om uit den staat
van volslagen apathie, waarin het gedompeld lag,
te ontwaken, niets dan die soort van aanmoediging
behoefde, welke men gewoon is aan vadsige en
lustelooze kinderen te geven; doch de knellende
banden, welke de willekeur en drieste heersch-
zucht van onwaardige menschen het hadden aan-
gelegd, werden niet geslaakt. Met inzigt, om de
bevolking in de bekostiging van het bestuur te
gemoet te komen en het een voorbeeld tot
navolging te geven, ging de Baron van gouver-
nementswege den landbouw beoefenen en landhuis-
houdkundige proeven nemen, die de eene na de
andere mislukten; eene zoutpan aanleggen, die
men reeds vooraf wist, dat nimmer zout kon geven;
(NB. deze alleen kostte ƒ36,000) en eene artesische
put graven in een koraalrif op slechts weinige
voeten afstand van de zee. Welke vruchten heb-
ben deze werkzaamheden gedragen? Na twaalf
jaren proefnemingen is de subsidie...”
|
|
| 6 |
 |
“...21
kultures eenen sluijer, welke, ofschoon eenigzins
doorschijnend voor de ingezetenen van Curapao,
echter geheel ondoordringbaar is voor het Neder-
landsche volk, en die men ongelukkiger wijs niet
kan ondernemen op te ligten, zonder een bijen-
zwerm te verstoren. — Ik noem Bonaire, en
men zal mij in dat eiland zoo wel als te Cu-
rapao verstaan. — Met betrekking tot de bewe-
ring van het plaatselijke bestuur, dat het Gou-
vernement met het op Curapao, ‘ Bonaire en
jiruba ingevoerde stelsel van kuituur voordeel
behaalt of kans heeft voordeel te behalen, dient
men eens vooral in het oog te houden, dat eerst
en voor en aleer iets daarvan aan te nemen, er
eene volledige rekening van alle daaraan bestede
gelden en gemaakte kosten, zoo wel als van die
van het jaarlijks onderhoud dient te worden over-,
gelegd, of openbaar gemaakt en dat na de goed-
making van de eerstgemelden, men er op zal
behooren te kunnen rekenen, dat uit die kui-
tuur jaarlijks eene zuivere...”
|
|
| 7 |
 |
“...30
wel als het voorbeeld harer Engelsche naburen,
het verlangen naar een werkdadig aandeel in de
wetgeving levendig houdt, te wachten tot dat de
zucht naar verlossing uit haren onlijdelijken toe-
stand de banden, waarin het Gouvernement het
gekneld houdt, verbreekt. —- De vrije gekleurde
bevolking van Curasao vooral heeft zich meer-
malen doen kennen als naijverig op het behoud,
en dapper in de verdediging van hetgeen het als
deszelfs regten beschouwt. — Slechts weinige maan-
den geleden verzette zich de schutterij van dat
eiland, welke bijkans geheel uit die volksklasse is
zamengesteld, tegen het bevel, om de militairen-
gevangenis te bewaken, en het bestuur zag zich
na te veigeefs al het mogelijke beproefd te hebben,
om hen tot gehoorzaamheid te brengen, genood-
zaakt, het bevel daartoe in te trekken. — Bij die
gelegenheid bleek het volstrekt ongenoegzame, het
nadeelige zelfs van het plan, hetwelk het Gouver-
nement gedurende 24 jaren gevolgd heeft, van
alle...”
|
|
| 8 |
 |
“...37
Englischman abhorre to see, so I am confi-
dent you detest to have them: This is so
cleare that I shall not need to enforce it with
argument, neither enter upon particulars for
the good of this place !
Het Engelsch Gouvernement oordeelde het be-
ter , de koloniën elk een eigen wetgevend lig-
chaam te geven, boven dat van koloniale ver-
tegenwoordigers in bet Parlement op te nemen,
een maatregel, welke met bet gelukkigste gevolg
bekroond werd. — Wetten passend voor de maat-
schappelijke behoeften, werden in de kolonie ont-
worpen , belastingen geheven, onafhankelijk van
den Gouverneur en van bet moederland en de
verordeningen van plaatselijke aangelegenheid, ter
bevestiging toegezonden aan den Koning, en ein-
delijk na veeljarige ondervinding ontvangen wij
de gewigtige verklaring dat » Colonies posses-
sing local legislative assemblies are not only
no drain on the British exchequer but a
very great support to it (1).”
Thans herhaalt een Nederlander, vele jaren...”
|
|