| 1 |
 |
“...ACCUKSEN,
5%
vermengd; ten ware de aard der fabrikaadje eene andere,
alsdan door het Hoofdbeduur voor te fchrijvene, vermen*
ging noodwendig moge vereifchen.
Wijders zal geene quitantie van betaalden accijns benoodigd zijn
voor het ter mólén zenden van roggezemelen door koekebakkers,
of van veraccijnsd meel door fabrikanten van vermicellie en fe-
mouille, om aldaar te worden hermalen.
De ftijfielmakers zullen teruggave genieten van den door hen
betaalden accijns, in evenredigheid van het itijffel door hen ver-
vaardigd; de noodige bepalingen dezer teruggave zullen nader door
de Administratie* worden vastgefteld.
TWEEDE AFDEELING.
Aangifte van het graan, uitgifte der biljetten
en deszelfs aan- of af voer van den molen.
Art. 4. Een ieder, die graan wil doen malen, zal, ten kanto-
re van den ontvanger over de gemeente zijner woonplaats, opge-
ven de foort van het graan, de hoeveelheid in gewigt van het be-
laste-, en in maat van het onbelaste , het getal en de merken...”
|
|