| 1 |
 |
“... de gedichten te Gerit, voor beider kunne, nog onder-
fcheidene plaatfen open zijn, en er nog meerdere ruimte gemaakt
zoude worden, indien het getal der aanvragen, om opneming,
zulks noodzakelijk mogt maken.
Daar nu het niet in die gedichten uitbededen van zoo vele on-
gelukkigen , als er zich nog bijna overal in dit Rijk bevinden,
welligt grootendeels het gevolg is van de onbekendheid dergenen ,
die voor hen moeten zorgen, met de gelegenheid, om dezelve in
de bedaande gedichten opgenomen te krijgen, zoo verzoek ik
UEd. Gr. Achtb., om aan de hierboven vermelde omdandighe-
den de vereischte ruchtbaarheid te geven, ten einde de bewuste
uitbededing in de gedichten te bevorderen.
De bekendmaking daarvan is de eenige maatregel, welke door
de administratie genomen kan worden ten aanzien, derzulken, die,
uit hunne eigene middelen, of voor rekening van derzelver nabe-
daanden, worden verzorgd, en niet in de termen vallen, om ten
koste van eenige publieke administratie opgevoed te...”
|
|