| 1 |
 |
“...220
HANDEL.
omstandigheid, dat in deze industrie de planten-oliën en vetten bij de fabri-
cage van margarine een meer en meer overwegende rol gingen spelen.
Een voordeel voor den Nederlandschen handel in dierlijke vetten was, dat
na den oorlog de Amerikanen bij hun handel in reuzel en spek met onze
oostelijke buren van de Nederlandsche markt een ruim gebruik maakten,
hetgeen o. a. blijkt uit de navolgende cijfers over 1920 (in tons):
Invoer -j- Uitvoer (uit het Doorvoer Doorvoer
Soorten. opslag in vr(je verkeer en met over- zonder over-
eptrepöt. uit entrepot). lading. lading.
Neutral lard 2168 196
Pure „ 8564 11468
Comp. „ 2122 608
Talk en technische vetten 12 452 3 350
Gesmolten rundvet (premier- jus) 11202 3107 68445 17 256
Gesmolten schapenvet (mut- ton-jus) 477 26
Oleomargarine 8021 676 4 585 234
De invoer had hoofdzakelijk plaats uit de Vereenigde Staten van Amerika,
Groot Brittannië en Argentinië, de uitvoer naar Duitschland, Oostenrijk en...”
|
|