| 1 |
 |
“...299
genoemde rijtjes, ten geschenke werd gegeven. Ze om-
vatten te zamen het gebied der beneden-Pane en Bila
(zie p. 277), welke met eenen breeden mond in zee
stroomen. Eene krachtige vloedgolf gaat tot Laboen Ba-
toe de Pane op. In de laatstgenoemde plaats woont een
controleur.
f. Asahan, het gebied der beneden-Asahan, de af-
vloeiing van bet Toba meer (zie p. 279). Met ver van
den mond ligt Tandjoeng Balei, waar de Chineezen
veel handel drijven; hier woont ook de controleur. Asa-
han, verder naar binnen, is de gewone verblijfplaats van
den vorst, in wiens gebied reeds verschillende contracten
van landbouwondernemingen zijn aangegaan.
In het noorden der afdeeling ligt het landschap Batoe
Bara, met de gelijknamige rivier en hoofdplaats.
g. D e 1 i. Hiertoe behooren, behalve het gebied van
den sultan van Deli, die van de vorsten van Ser-
dang en Langkat, benevens het gouvernements-
gebied Tamiang, ons in 1878 door den laatstgenoem-
den vorst, met toestemming van den...”
|
|
| 2 |
 |
“... bestuur over de Inlanders
uitoefenen.
II. een deel der residentie Ternate, n.1. de
rijkjes Banggaai, Tomboekoe en Tomori, welker
vorsten onderhoorig zijn of heeten te zijn aan den sul-
tan van Ternate, terwijl het Nederlandsche Gouver-
nement er te Soasio eenen posthouder heeft.
lil, het gouvernement van Celebes en Onder-
hoorigheden, bevattende al het overige, benevens het
eiland Soembawa en het westen van ï’lores (zie
p. 469 en 470), te zamen 2149.9 C mijlen. In dit gou-
vernement moet men, wat Celebes betreft, onderscheiden.
a. Gouvernementslanden, en wel vijf afdee-
lingen, n.1. Makasser met Tallo, de Hoorder-,
Zuider- en Oosterdistricten, elk onder eenen ad-
sistent-resident, respectievelijk gevestigd te Makas-
ser, Maros, Bonthain en Balang Nipa, en Saley-
er, staande onder eenen controleur. Aan den gou-...”
|
|
| 3 |
 |
“... schiereilanden verbindt, is gedeeltelijk
met rhizophoren bedekt. Het westelijkè, grootere schier-
eiland heet Hitoe, het lagere oostelijke Leitimor; de
beide overgebleven deelen der oude zeestraat zijn thans
twee golven, van welke de zuidelijkste, de baai van
Ambon, het verst naar binnen dringt en door de reeds
genoemde landengte van Bagoeala van de baai
van Bagoeala is gescheiden; vooral met het oog op
het verkeer met Ceram is er reeds herhaaldelijk aan eene
doorgraving der landengte gedacht.
Beide schiereilanden zijn bijna geheel bergland, dat
zich op Leitimor tot + 600 M., in het noorden van
Hitoe, in den Salhoetoe, tot 1225 M. verheft. Het
grondgebergte is graniet, gedeeltelijk door serpent ij n
bedekt. Daartegen ligt een conglomeraat, bestaande
uit kalksteen met veel vreemde steenbrokken, o. a. ser-
pentijn, dat als puin op het grondgebergte ligt; het con-
glomeraat kan niet ouder zijn dan tertiair en wordt...”
|
|