| 1 |
 |
“...; de fossielen zijn nauw verwant aan de miocene
fauna van Malta. Jonge koraalvormigen ziet men
hier niet veel en alleen aan de zijde van den passaat en
den aequatorialen stroom, welke, zooals we reeds zagen
(ยง 128), den bouw van riffen in hooge mate bevorderen.
Vulkanisme is hier onbekend; alleen voelt men nu en
dan, vooral tijdens het woeden der beruchte West-
Indische cyclonen, lichte schokken van aardbe-
vingen. Waarschijnlijk verkeert het eiland in eene
periode van daling.
De noordoostpassaat van St. Martin is in December
en Januari een koele, stevige oostenwind; in de maanden
Augustus, September en October ligt het eiland, nog meer
dan Saba en St. Eustatius, op den weg der reeds genoemde
kringstormen. Van het oosten komend, gaan ze meestal
noordwestwaarts, om daarna tot op + 30 N.B. noordoost-
waarts hunnen vernielenden loop vervolgen; 88 % dezer...”
|
|