| 1 |
 |
“...481
no. 164) worden de vrijgemaakte slaven beschouwd als ingezetenen
der kolonie, en treden zij, wanneer zij ontslagen zijn van het
staatstoezicht, waaraan zij volgens artt. 18 en 19 dier wet onder-
worpen zijn, m het volle genot van het burgerrecht1). Zijn zij
indien zij uit ouders geboren zijn, die in de kolonie gevestigd
waren, benoembaar volgens art. 7 van het regeerings-reglement ?
Wij zouden niet weten op welken grond zij geweerd kunnen wor-
den. Het reglement toch spreekt algemeen. Voor het overige kan
' df benoembaarheid tot andere betrekkingen, dan die door den Ho-
ning worden begeven, door eene koloniale verordening geregeld
worden.
II. Curacao en oiiderhoorig heden.
Het grondgebied dezer kolonie omvat de eilanden: Oura^ao,
Bonaire, Aruba, St. Martin, (voor zooveel dit aan Nederland be-
hoort), St. Eustatius en Saba met hunne onderhQorigheden a).
Bij dezelfde dagteekening als het reglement op het beleid der
regeering voor de kolonie Suriname, is een...”
|
|
| 2 |
 |
“... Koloniale Raad, die de plaat-
selijke keuren vaststelt voor Curasao; zie art. 135, reg.-regl.
4) Het Kon' besL Tan 1 Mei 1869 (Stbl. no. 74) regelt de vereisch-
ten tot benoembaarheid voor de rechterlijke ambtenaren op Curasao.
5) Behalve het hof is er een raad van justitie op St. Martin, en zijn
-er zes kantongerechten, nl. op Curasao, Bonaire, Aruba, St. Martin St
Eustatius en Saba....”
|
|