| 1 |
 |
“...89
§ 35. In § 3 zijn reeds verschillende woorden genoemd
waarin de r op ’t eind is weggevallen (alga, fo, ma, ma); in
’t midden van het woord komt die uitlating voor in jalues
(jaloers, G. D. blz. 34), kakelak (kakkerlak, G. D. blz. 40,
maar T. P. blz. 135 kakerlaker), flekon x) (vlerk, Zeeuws vleke,
Verschuur § 203 , 3).
§ 36. Met de klankwaarde van de v hebben de vertalers niet
goed raad geweten, gelijk reeds blijkt uit het omtrent de
spelling van de v in § 1 uit de G. D. aangehaalde. Bij het
daar gezegde kan hier nog het volgende gevoegd worden. De
Deense vertalers begaan verschillende inkonsekwenties, zodat
zij b. v. vlyveel (fluweel, G. D. blz. 79), vout (fout, N. T.
Luc. 20, 26) en zelfs vutbaj (Eng. foot-boy, loopjongen, G. D.
blz. 53) schrijven. De Duitsers zijn ook ongelijk in hun spelling;
liefe en geloofig spellen zij met f, maar in sommige woorden,
b. v. in begrafen, wordt de f in de corrigenda achter het N. T.
in v veranderd. Op ’t eind van een woord...”
|
|