Your search within this document for 'lat' resulted in five matching pages.
1

“... dan 1“n.modelIen en schrijven wienporsch (wijnpers) enz. Sommige afwijkingen van t Hollands spelgebruik zijn te verklaren uit de Duitse nationaliteit der vertalers; in gesloten lettergrepen wordt soms één klinker geschreven in plaats van twee; bewegt (beweegt), lat (laat), slot (sloot), strom (stroom). Dit is Duitse orthografie van Nederlandse woorden; ook in de Deense teksten vindt men ’t zelfde verschijnsel, doch niet zo dikwels. Fouten in omgekeerde richting, waarbij Duitse en Deense uitspraak (want ook in de Deense teksten leest men enkele zulke onregelmatigheden) van door het schrift bekend geworden Nederlandse woorden schijnt voor den dag te komen, zijn tal- rijker; men leest hooi, loof, stoof, streek voor hol, lof, stof, strek. Zeker heeft men hier voor een deel inderdaad met onvastheid in de spelling te doen; dat mag men, dunkt me, opmaken uit de Errata van het N. T. H., waarin enkele van deze fouten verbeterd worden. Doch ik geloof niet dat men op die wijze al...”
2

“... jender trek die Onkruit uit. 30. Lat alltwee groey malkan- der, tee na die Krop; en na die Krop-Tid mi will see na die Maajers: Vergaader voor- eerst die Onkruit, en bind die in Bondels, vor bran die op; maar die Weit vergaader voor mi nabinne mi Magazinen. 31. Een ander Gliknis Em a steil voor na sender, en a see: Die Koningrik van die Hemel ben glik as een Mostert-Saad, die een Mensch a neem, en a saay die na si Veld. 32. Deese ben die Kleenste van allemaal Saad; maar wan- neer die groey op, soo die ben die Grootste onder allemaal Soort van Kool, en word een Boom, dat die Vogels na onder die Hemel kom, en woon na onder sie Takkies. 33. Een ander Gliknis Em a spreek na sender: Die Koning- rik van die Hemel ben glik as een Suurdeeg, die een Vrouw a neem, en a mingel die orider drie Skepels Meel, tee die a kom geheel doorgesuurt. 34. Al deese Dingen Jesus a spreek door Gliknissen na die Volk; en sonder Gliknis- sen Em no a spreek na sender. 35. Voor dat die...”
3

“...269 a see: Liefe Mans! jender weet, dat ons hab ons Welvaart van deese Handel. 26. En jender kik en hoor, dat niet alleen na Ephesus, maar ook meest na geheel Asien deese Paulus keer af veel Volk, bepraat sender, en see: Die no ben Goden die ka maak met Handen. 27. Noe niet alleen ons Handel sal loop Risiko, vor kom veracht; maar selv die Tempel van die groot Godinne Diana, no sal word geëstimeert meer, en si Majesteit sal onder- gaan, na die doch geheel Asien en die Werld bewies Gods-Dienst. 28. Toen sender hoor die, soo sender a kom voll van Toorn, a roep en a see: Groot ben die Diana van die Ephesers! 29. En die geheele Stadt a kom voll met Oproer, en a kom malkander met een Geraas, na die Skouw-Plaats, eenmoedig, en a vass Gajus en Aristarchus van Macedonien, die a wees Paulus si Companie op die Reis. 30. Toen noe Paulus a will loop onder die Volk: da die Jungers no a lat em die toe. 31. Som van die Oversten na Asien ookal, die a wees goeje...”
4

“...270 bab ja Dagen vor hou Recht, en Land-Voogten ben da, lat sender verklaag sender onder malkander. 39. Maar as jender will han- del van ander Saaken, soo die moet word afgemaakt na een ordentlik Vergaadering van die Gemeente. 40. Want ons loop Risiko ookal, dat ons sal kan word verklaagt, over die Oproer, die ka geskied van Dag, en ons no sal hab Excus, die ons kan maak, voor deese Oproer. En Aster em a ka see die, soo em a latstaan die Gemeente loop. F. Uit het Psalm-Boek der Herrnhutters (Ps.). N°. IQ. Vom Himmel hoch da komm ich her. Van Hemel hoog da mi le kom, En mi breng goeje Nieuws na jen; Die heel fraai Nieuws soo veel mi breng, Van die mi will praat noe, en sing. Voor jend’r die skoon Jongvrouw Marie Van Dag een Kindje ka parri, Een Kindje mooi en soet, da die Sal maak jend’r Hert goe moeschi bli. Em ben die Heer Christus, ons God, Em will draag jend’r ut allmaal Nood, Em selv, die Heiland ben noe hie, Voor maak jend’r van die Sondo vri. Em...”
5

“...) overgenomen. Internationaal woord, ook in ’t Latijn bekend (Archiv. f. lat. Lexikographie X1TI, 1903, blz. 154). teeri wellustig, wekelik, N. T. H. 1. Cor. 6, 9, Ps. blz. 229. Nederl. teder ? tek ontmoeten, T. P. blz. 135 (Eng. to tack hechten, vastmaken, intransit. gebruikt?). tekké paarlhoen, T. P. blz. 135. Negereng. toké. Caraïbies woord? tete (giev) zogen, N. T. D. Luci 21, 23. Nederl. tiet; op de Antillen gekomen uit Pap. Sp. teta. tingel verstrikken, N. T. 2 Petr. 2, 20; vertingel zich wikkelen, N- T. 2 Tim. 2, 4 (Eng. to tangle). tjomp zie jump. tjook verstikken, N. T. D. Mth. 12, 7 (Eng. to choke). toe bedekken, toedoen, N. T. Luc. 4. 20. torka ruilen, Ps. blz. 36 (Sp. trocar). traan, zelfst. naamw. en werkw. (schreien), N. T. H. Mth. 2, 18; 11, 17....”