| 1 |
 |
“...123
taten dan het Maleis-Portugees, dat zo sterke invloed op onze
taal in Zuid-Afrika heeft geoefend. Van dit laatste zijn eigen-
aardige verschillen het gevolg die op de wijze, door Adam
eenzijdig toegepast, verklaard moeten worden.
Men ziet dus dat de beide bovengenoemde theorieën ieder
een deel waarheid bevatten en alleen verwerpelik worden wan-
neer zij, gelijk door Coelho en Adam geschied is, worden voor-
gedragen als de oplossing gevend van ’t gehele vraagstuk, als
lopers op alle sloten.
Er zijn nog altijd — hoewel niet in Nederland, voor zover
ik weet — enkele geleerden die aan een „spontane” overgang
van Nederlands tot Afrikaans geloven 1). Hoe dat mogelik is
voor iemand die dergelijke vraagstukken bestudeerd heeft, ver-
klaar ik niet te begrijpen. Wil men zich vóór Ogen stellen
hoe de taal wordt van een volkplanting die los raakt van ’t
moederland, een taal dus die z.g. aan zich zelf is overgelatenr
dan beschouwe men het Frans van Canada. Langer dan onze...”
|
|
| 2 |
 |
“... het Maleis-Portugees voor de vervorming van
onze taal in Zuid-Afrika, evenmin hun ogen zullen sluiten voor
de zo scherp zich aftekënende punten van overeenstemming.
Daarom meen ik in deze studie de bevestiging te mogen zien
van t geen ik indertijd aangaande het Afrikaans bedoelde te
bewijzen.
‘) Zie Réveillaud, Histoire du Canada, Parijs, 1884, blz. 521—543. Ver-
moedelik spreken de z.g. „Bois-Brulés”, de afstammelingen der oude
„Coureurs des Bois” bij Indiaanse vrouwen, wel een sterk afwijkende taal,
doch daarover ontbreken mij alle gegevens. Mocht mijn onderstelling juist
zijn, dan zou ze tot staving van mijn theorie kunnen strekken....”
|
|