| 1 |
 |
“.... Zie ook: De opkomst
van het Nederlandsch Gezag in Oost-Indië, dl. I, blz. 153 vlg.
*) Een bijdrage tot de verklaring van de namen Suriname en Paramaribo, door Fred.
Oudschans Dentz. Eigen Volk, Louwmaand en Lentemaand 1929.
*) Beschrijving van Guiana of de Wilde Kust in Zuid-Amerika, Hartsinck 1770, dl. I,
blz. 133. De inbezitneming had plaats op 23 April 1593....”
|
|
| 2 |
 |
“...32
DE BENEDEN- EN BOVENWINDSCHE EILANDEN
op Cura?ao. Zij moesten zich evenwel spoedig overgeven; de huisonder-
wijzer op Klein Sta Martha was in brooddronkenheid gedood, terwijl de
imping van het oproer aan den kant van het gezag aan drie personen
het leven had gekost. Bijzonder verdienstelijk had zich de pastoor
Schinck gemaakt, die met groote onverschrokkenheid met de negers in
hun kamp onderhandelingen had gevoerd. Het oproer eindigde met een
algemeen pardon, maar niet dan nadat een dertigtal muiters waren ter
dood gebracht.
Het is onder den Gouverneur van Raders geweest dat voor het laatst
ernstige pogingen zijn aangewend om naast die van oranje-appelen en
pinda, resp. dagteekenend uit de XVIIe en de XVIIIe eeuw, anderen
cultures — pita, katoen, aloë, cochenille — tot ontwikkeling te brengen.
Ook het sigarenmaken en het vlechten van stroohoeden werd onder het
bestuur van genoemden bewindsman ter hand genomen. Het hoeden-
vlechten kwam onder Rammelman Elsevier tot...”
|
|