| 1 |
 |
“...
sedert door niemand bezet, van Frankrijk gekocht; de eerste Deensche
Gouverneur en een aantal kolonisten kwamen in 1734 op het tot een
wildernis geworden eiland aan. Verder had in 1733 St. John te lijden on-
der een oproer onder de slaven, ontevreden geworden vooral door ge-
brek aan voedsel na droogte en misoogst. Tevoren waren geen ernstige
ongeregeldheden onder de slaven voorgekomen; een samenzwering op
St. Thomas van 1691 was tijdig ontdekt geworden. In het algemeen
verschilt de geschiedenis der slavernij op de Deensche eilanden in we-
zen niet van die in onze Nederlandsche landbouwkoloniƫn op het vaste-
land. Desertie kwam ook bij de slaven der Denen voor; de wegloopers
trokken zich in de bosschen terug, of vluchtten naar Spaansch Sto.
Domingo, wat tot voortdurende en vruchtelooze diplomatieke vertoo-
gen aanleiding gaf. De Spanjaarden leverden niet uit en het merkwaar-
dige was dat desertie in omgekeerde richting nagenoeg niet voorkwam.
Van bijzonder belang was de komst...”
|
|