| 1 |
 |
“... vrijbuiterij en smokkelarij gewoon, voor geen klein ge-
ruchtje vervaard waren, trok toen tegen de Franschen op
en viel hen zoo dapper aan, dat zij weldra het ingenomen
terrein verlieten, naar hunne schepen vluglten en ijlings van
wal staken, om dood en gevangenschap te ontgaan.
Nog voor dat de vrede tusschen Nederland en Frankrijk
in 1678 gesloten was, wenschte bodewijk xiv den hoon,
die zijnen wapenen op Curasao aangedaan was, bloedig te
wreken. De vloot, welke uitgerust werd om dit te volvoe-
ren, mag wel groot heeten, in vergelijking van de weinige
strijdkrachten, welke Curasao haar tegenover kon stellen;
20 oorlogschepen namelijk verlieten in het begin van ge-
noemd jaar de haven van Brest, onder bevel van den Graaf
d’estrées, die echter nog in last had, om eerst naar St. Do-
mingo te stevenen, en daar alle manschappen, die konden
gemist worden, aan boord der schepen te verdeelen, ten
einde eene landing op verscheidene punten te bewerkstelli-
gen. Bovendien hadden zich, als...”
|
|