Your search within this document for 'dak' resulted in five matching pages.
1

“... met jaloeziën voor den doortogt van den wind, dat ons aankomelingen nog vrij onaangenaam is. Meestal is voor aan het huis, hetzij beneden- of bovenhuis, een galerij binnen het dak van het huis zelve, dan volgt eene groote...”
2

“...DE STAD. Wonderlijk vreemd is voor een’ Europeaan de eerste in- druk, welke de eenige slad, die op het eiland Curasao is, op hem maakt, daar alles wat Europeesch, ten minste Hollandsch is, in geene vergelijking er mede kan gebragt worden, behalve misschien dat er buizen zijn en in die huizen menschen wonen, en dat boven die huizen schoor- steenen uitsteken, of wel niet uitsteken, maar ver beneden het dak blijven. Maar ook ten aanzien van die schoorstee- nen is er met die in Holland een groot verschil, waarover wij wel nader gelegenheid zullen hebben te spreken, en ze zoowel in- als uitwendig te beschrijven, vooral ook, omdat, indien mijne schets naauwkeurig zal zijn, ik dan toch zal dienen te melden, dat er huizen zijn, die ze heb- ben, ten minste één, (twee zou te weelderig wezen, of- schoon er geen belasting van behoeft betaald te worden), en huizen die ze niet hebben, welke huizen namelijk dus zelve tot schoorsteenen dienen, terwijl er niet eens een gat in het dak...”
3

“...76 klippen, soms wel bergen, een vaandeltje wapperen, dat bij een’ seinpost is opgerigt en uwe aankomst naar de stad spoe- dig moet berigten, om de loodsboot gereed te houden, die u de haven binnen moet brengen. Gij bemerkt bij dien sein- post een klein, geheel afzonderlijk gelegen huisje, dat gij nog niet genoegzaam kunt onderscheiden, en dan wat ver- der gezeild, een gebouw, in eene laagte hier en daar aan de helling van eene klip, zoo gij meent met eenige hoo- rnen omgeven, van welke u de stuurman of een of ander matroos, die misschien op Curasao woont, met eene zekere zelfvoldoening zegt, dat het plantaadjes zijn. Gij krijgt dan al voortzeilende, steeds door Oost, Noord- of Zuidoosten wind begunstigd, de verdedigingswerken van Curasao spoedig te zien, de huizen die er bij slaan, of zich er boven ver- heffen , en het torentje van de kerk met haar verheven dak worden duidelijker; gij gaapt dit aan, om den wonderlij- ken en voor u zoo vreemden vorm en voor gij het...”
4

“... beide water kunnen be- vatten. Op Curasao gelijken het volkomen naar vierkanten huis- jes, die men zou meenen schuurtjes te zijn, met een schuinsch of plat dak. Het water van het huis, dat op den muur ge- metselde goten heeft, wordt er, meermalen langs onziglbare kanalen, die door bogen gemaskeerd zijn, heengeleid. De reden, waarom men de regenbakken gelijkvloers maakt, is wegens de hardheid van den grond, daar het veel moeite en kosten zou veroorzaken, om die tot eene aanmerkelijke diepte uit te houwen. Nu veroorzaakt het ook wel kosten en moeite, om een van binnen met tras goed voorzien en van dikke muren opgetrokken gebouw boven den grond te ma- ken , maar er zal toch altijd in het een en ander groot verschil bestaan. Die regenbakken zijn soms zeer groot en wijd, om ze zooveel water mogelijk te doen bevatten, daar het maar zelden regent, ook dan dikwijls niet als het regentijd heet; zoodat hij die in zijnen bak voor 7 of meer maanden water kan opvangen, die een...”
5

“... bespeeld wordt, met groene nederhangende gordijnen voor de stof bedekt. Daar tegenover is ecne gaanderij, ook op twee pilaren rustende, waarop gewoonlijk de manschappen der zich hier bevindende oorlog- schepen eene plaats vinden; de militairen van de landmagl hebben beneden hunne plaatsen; afzonderlijke zitbanken zijn voor hoofd- en andere officieren en onderofficieren ingerigt. Juist over den predikstoel is de eenigzins verheven bank voor den Gouverneur, met een eenvoudig bewerkten hemel, en vóór die bank de zitplaats voor zijne familie, in den vorm van eene canapé. Al de banken zijn van bruin, glad hout, de stoelen der vrouwen insgelijks met houten zittingen, hel dak der kerk, verwulfdsgewijze in het midden en groen ge- verwd, zooals ook de ramen, is vrij hoog opgetrokken en rust op vier steenen pilaren; in het midden van het dak is eene uurwijzerplaat, natuurlijk corresponderende mei het uurwerk, dat zich in het kleine torentje bevindt, dat midden op hel dak staat, en...”