1 |
|
“...schaduwrijk plekje neervleit, waar hij een oogje kan houden
op zijn grijze kudde; — heeft een der meest treffende illustraties
aanschouwd van: «mijn leeren is spelen». Hoé zachtkens eri met
welk een teederheid behandelen zij de moeder-aarde. Hoedanig-
heden die hen volkomen in den steek lieten toen zij moeder de
de vrouw, met dén houwer vermoordden. Hoe zorgen zij voor-
beeldig dat houweel en schop geen letsel bekomen door te krachtig
gebruik! Neèn, voor deze lieden is in materieelen zin althans
« straf geen kwaad» — zóó weinig, dat geen hunner poogt té
ontvluchten aan de glimmende knoopen, en allen in toom kunnen
gehouden worden door die eene groene parapluie, die troüwens...”
|
|
2 |
|
“...navolgende
waaruit men ziet dat men een slaaf wettig met een wreede straf kon
laten boeten voor een gering verzuim van den meester.
Bij notificatie van 14 Maart 1781 was bepaald dat geen slaaf na 9 uur
’s avonds zich op straat mocht bevinden zonder lantaarn en een door zijn
meester geteekend billet, «zullende bij faute van dien slaven door de burger-
patrouille gerencontreerd wordende, illico geapprehendeerd en naar de For-
tresse worden gebracht; vanwaar dezelve door hunne meesters zullen kunnen
worden gelost, mits betalende eene boete van zes gulden voor iedere slaaf
en de voorz. lossinge gedaan wordende, voor negen uuren van den volgen-
den morgen: zullende anders de gevangen slaaff off slaaven worden gestraft
met een zoogenaamde Spaanschen Bok en aan den meester worden gezonden
teegen betaling van een gulden aan den Provoost per ijder slaaff.” Ordon-
nantie van 13 Juni 1808. De Spaansche Bok was een zeer wreede straf....”
|
|
3 |
|
“...van Engeland het recht tot het invoeren van
Britsch-Indische koelies verkreeg. De planter kon nu tegen be-
taling van een betrekkelijk geringe som, plus minus f 150 of
ongeveer s/6 van de onkosten —twee vijfden betaalt het emi-
gratiefonds— voor den tijd van vijf jaren koelies in dienst krijgen.
Nu voldoet de koelie wel niet in alle opzichten aan de eischen,
die men aan een goed werkman zou stellen, en is hij in den
regel vrij lui, onbetrouwbaar, onverschillig, leugenachtig, onge-
voelig voor straf of belooning, en vaak zóo spaarzaam, dat hij
zich niet voldoende voedt en daardoor niet in staat is om zijn
werk te verrichten en in het hospitaal op kosten van den planter
met wijn, vleesch en eieren — dieet no. 2, dat schrikbeeld voor
den directeur! — weer moet wordén opgekweekt. Ook jaagt hij
den planter in de eerste tijden, vóór dat hij zijn werk verstaat
en niettemin gevoed moet worden, nog al op onkosten; maar
toch hij werkt, — ongeveer 170 werktaken in het jaar — en
waar men niet anders...”
|
|
4 |
|
“...76
te gaan inbrengen bij den districts-commissaris en de weegschaal
van vrouw Justitia hangt in de kolonie niet over ten voordeele
van den planter.
Verdriet het hem te gaan werken, dan blijft hij in huis of
gaat in het hospitaal. Want de planter heeft wel het recht om
hem aan te klagen wegens werk-verzuim, maar doet dit alleen
wanneer dit è.1 te vaak voorkomt, want bij de straf die opgelegd
wordt, lijdt de planter meer dan de koelie. De koelie gaat een
dag of wat logeer en —kan men wel zeggen— bij den dis-
tricts-commissaris , waar hij gevoed wordt en in huis of in den tuin
met wat lichten arbeid wordt bezig gehouden. De planter echter
is zijn arbeider, die gedurende dien tijd mogelijk wèl had willen
werken, voorloopig kwijt. Daarenboven om het werk-verzuim
te bewijzen, moeten er andere koelies als getuigen verschij-
nen, die op den dag der terechtzitting natuurlijk ook weer niet
werken.
Zoodanige terechtzitting woonde ik eenmaal bij. Er wer-
den verscheidene werk-verzuimen geconstateerd...”
|
|