Your search within this document for 'Cuba' resulted in seven matching pages.
1

“...21 gevuld en de rekeningen gesloten, en liet ik op Woensdag den 13n stoom maken en het anker ligten. Op aanwijzing van denzelfden loods, die de Vesuvius hier gebragt had, was ik spoedig te Port Royal op een der boeijen gemeerd, en begaf ik mij naar den Commodore, om Z. H. Ed. G. van mijn vertrek kennis te geven, voor de verleende adsistentie te bedanken, en mijne diensten aan te bieden voor Havanna of Cuba. Eene ongesteldheid belette dien Vlag-Officier om mij in persoon te ontvangen, zoodat zijn Adjudant mijn bezoek aannam. Aan boord terug gekeerd, ontving ik een oogen- blik later den Kapitein ter zee mobrisu , Kommandant van het vlaggeschip Imaum, en deze vertrokken zijnde, liet ik de boei los en stuurde door het zuidkanaal naar zee. Een loods heeft men ook in dit vaarwater, niet minder dan in het oostelijke, noodig, aangezien zelfs bij een open wind, de geleidemerken in de beschrijving opgegeven, onmogelijk voor iemand, die daar onbekend is, in hel zigt te krijgen zijn. Toen de loods...”
2

“...22 liet ik dien koers sturen, om zigt van den vuurtoren op kaap St. Antonio, westhoek van Cuba, te krijgen. In den P. V. van Maandag den 18“, werd laag land van top en weldra van het dek gezien, tot in het N. W.t.W., en toen wij W. N. W. gingen sturen, had ik juist met zons-ondergang den vooruitstekenden hoek N., waarop ik over laag begroeid land den vuurtoren, en een oogenblik later het draailicht van kaap St. Antonio zag. Ik had intusschen stoom laten opmaken, en met de langscheepsche zeilen bij liep ik om de W. t. N. 7 mijlen door, om vrij te zijn van Sancho-Pardo-ilip, en toen N. en niet oostelijker, 5 mijlen, om bij een mogelijk om den Z. O. loopenden stroom, niet te digt naar de Colorades-reven gezet te worden. Was het tegen het aankomen van den dag, en niet als nu nacht geweest, toen kaap St. Antonio bereikt werd, dan had ik , om den weg te bekorten, tusschen deze en de voornoemde klip doorgestuurd, doch nu liet ik, als aan- geraden wordt in de beschrijving, bewesten de niet overal...”
3

“...sturen, eene halve streek boven den vuurtoren van Havanna, die op den middag nog 10 mijl van ons af lag. De op den A. M. anders noordewind, bleef zoo schraal, dat ik de lang- scheepscbe zeilen niet bij kon houden; ten 3U 30“ zag ik den vuurtoren en het kasteel Morro. Ten 5U 80 " was ik den vuurtoren genaderd en kwam op het gewone sein de loods aan boord; zijn eerste vraag was of de Prins van Oranje aan boord was; dit was zoo algemeen verhaald, dat de Kapitein-Generaal, Gouverneur van het eiland Cuba, Excel lent issimo Senior Don francisco serano , Graaf van San Antonio, van zijn buiten in de stad gekomen was, en de troepen in de forten en kazernes gereed stonden tot het salueren en geven der verschuldigde eerbewijzen. Voor de komst van Z. K. H. Prins alfred van Engeland, waren hier, even als op de beide door mij bezochte plaatsen, de meest belangrijke toebereidselen gemaakt. . De quarantaine-doctor, even binnen de haven langs zijde gekomen, gaf zonder moeite practica. Juist met zons-ondergang...”
4

“...waar zulk eene onbegrijpelijke activiteit heerscht. Hoeveel schepen van allerlei natiën de haven bevatte toen wij er waren, kan ik niet gissen, maar zeker is het dat er nog wel plaats was voor het dubbel van dat getal. Om minder plaats aan de kaden weg te nemen, voor hen die laden en lossen, liggen zij tegen elkander aan, met den boeg tegen den wal gemeerd en een anker op het diep. Het ontbreekt mij aan veel ge- gevens, om met juistheid het groot belang van handel en scheepvaart van Havanna en Cuba, in het algemeen met cijfers te bewijzen of daarvan een denkbeeld te geven. Eene brochure van den Consul-Generaal lobé, betrekkelijk het eiland, in den vorm van brieven aan een hoogge- plaatst ambtenaar te Madrid, te Parijs in het jaar 1856 uitgegeven, toen de vrees algemeen was, dat de Vereenigde 3...”
5

“...32 1853. Lijst van den algemeenen handel van. het eiland Cuba, met iedere natie. ISVOER. UIT VOER. TE ZAHEN. Piasters. Piasters. Piasters. Spanje 7,756,905-1 3,298,877-1 11,055,766-2 Verccnigde Staten. .. 6,719,733-2 12,131,095-3$ 18,850,828-5$ Engeland 6,195,921-4$ 8,322,835-6 14,518,757-2$ Frankrijk 2,177,221-1 3,293,389-6$ 5,470,611-7$ Hanzesteden 1,115,940-2$ 474,018-6$ 2,589,959-1 «elgië 998,511-4$ 466,306 1,464,817-4$ Amerikaansclie Staten, vroeger Spanje.... 1,677,476-7 614,831-7 2,192,308-6 Denemarken 485,422-4$ 403,085-5 888,508-1 $ Nederland 88,876-7$ 246,661 2$ 335,538-2 Zweden en Noorwegen 47,756-6$ 16,309-6 64,066-4$ Italië , 69,022-4$ 651,275-4 720,298- $ 253,688 253,688 Oostenrijk • 138,036-1 138)036-1 ’457,010-7$ 457,010-7$ 27,789,800-5 31,210,405-1 59,000,205-6. Behalve tot andere geeft deze staat aanleiding tot de opmerking, dat onder een gedeelte der naticvlaggen, voor meer waarde in- dan uitgevoerd werd, en met andere het omgekeerde plaats had...”
6

“...volgenden avond bij het fort Passage, verdedigd door negen stukken geschut en eene bezetting van 500 man. De tegenstand was echter zwak, zoodat de bezetting zich reeds eene week later overgaf. De capitulatie werd van de zijde der Engelschen geteêkend door den Generaal- Majoor fortescue, den Vice-Admiraal goodson en de Kolo- nels noLDip en doyle. Het eiland ligt omtrent 4,000 Eng. mijlen (en zuid westen van Engeland, 90 mijlen ten westen van St. Domingo, ten zuiden ongeveer op gelijken afstand van Cuba, en 435 mijlen ten noorden van Cartagena {Zuid-Amerika.) Het middenpunt ligt op 18° 12'N. br. en 6“ 15' W. lengte van Londen. Jamaica is ongeveer 150 mijlen lang, en naar de uit- komsten van metingen op drie verschillende punten, ge- middeld 40 mijlen breed. De oppervlakte wordt geschat...”
7

“...bestrijden de immigratie, omdat zij plaats heeft op ’s lands kosten. Zij willen dat de landbouwers zelve voor werkvolk zorgen, en letten daarbij niet op het voorbeeld van Mauritius, Demerary en Trinidad, waar de immigratie zulke voortreffelijke uitkomsten heeft opge- leverd in den loop van zeer weinige jaren. Koophandel, In het begin dezer eeuw, voor dat Zuid-Jmerika on- afhankelijk werd, bestond er een uitgebreide handel tusschen dit eiland en de kusten van Nieuw-Grenada en andere plaatsen, als Cuba, Mexico, enz. Na deze gebeurtenis en de opheffing van de beperkende wetten, welke onder het bestuur van Spanje in deze koloniën gegolden hadden, nam de handel nog meer toe, zoodat de uitvoeren naar deze plaatsen, uit allerlei artikelen bestaande, jaar- lijks eene waarde vertegenwoordigden van niet minder dan 4,000,000 dollars. In 1842 begon echter deze handel te verflaauwen, en wel zoo sterk, dat hij in 1850 tot bijna niets was terug gebragt. De voornaamste uitvoer-artikelen waren gedrukte en...”