| 1 |
 |
“...Het gezamenlijk aantal leerlingen bedroeg 4653,
waarvan 4355 het volledige onderwijs en 298 enkele lessen volgden. —
Aan deze scholen waren 668 leeraren werkzaam. — Voorts waren er in
het genoemde jaar 14 hoogere burgerscholen voor meisjes, waarvan 11
met vijfjarigen, 1 met vierjarigen en 2 met driejarigen cursus. Zij telden
1089 leerlingen, waarvan 1023 voor het volledig onderwijs, 107leerares-
sen en 60 leeraren ; van de laatsten waren 42 tevens aan eene andere
hoogere burgerschool of een gymnasium verbonden....”
|
|
| 2 |
 |
“...opleiding gevorderd wordt,
anderdeels tot vorming van hen, die de wetenschap om haar zelve
beoefenen, terwijl eindelijk hierin het karakter van eene hooge-
school gelegen moet zijn, dat het onderwijs universitair zij, en dus
den hand, die alle wetenschappen omvat, erkenne.
Zoo als thans het hooger onderwijs is ingericht, begint het reeds op
het gymnasium. De gymnasia worden onderscheiden in volledige
gymnasiën en progymnasiën. De eerstgenoemde hebben eenen cur-
sus van zes jaren; het leerplan is volgens het Kon. Besluit van
29 Juni 1878 (Stbl. n«. 98) geregeld. Elke gemeente met eene
bevolking van meer dan 20,000 zielen is verplicht een volledig
gymnasium te hebben. Een progymnasium heeft eenen cursus van
vier jaren. De leeraren der gymnasiën en progymnasiën worden
door den gemeenteraad benoemd en bezoldigd. De gemeenten kunnen
subsidiën van Staatswege bekomen. Het toezicht wordt uitgeoefend,
onder den minister van binnenlandsche zaken, door een inspecteur,
n0. 85 — 87, 159 en 160), gewijzigd...”
|
|
| 3 |
 |
“...272
kunnen slechts worden afgelegd door hen, die aan het eindexamen
van het gymnasium of aan een afzonderlijk staatsexamen hebben
voldaan. Het eerste'wordt afgenomen door den rector en de leeraren
'onder toezicht van door den minister van binnenlandsche zaken
benoemde gecommitteerden. Voor het bijwonen der lessen betaalt
men een bedrag van f 200. Zij, die ten hoogste twee lessen wenschen
te volgen, kunnen daartoe telkens voor éen studiejaar verlof krijgen
van de Curatoren der Universiteit. Voor iedere les is men dan f .30
verschuldigd, of slechts f 15, wanneer zij in een halfjarigen cursus
wordt gegeven.
Hij, die onbevoegd eens of meermalen bet onderwijs aan eene
Rijks-Universiteit bijwoont, beloopt een boete van ƒ 200—f 250
voor de eerste, van ƒ250—f300 voor de tweede maal en vervol-
gens telkens eene van f 500. * *)
De verschillende academische titels worden, na het afleggen van
examens ten overstaan der faculteit, verleend, terwijl de doctorale
titel verkregen wordt na de verdediging...”
|
|
| 4 |
 |
“...462
zijne zorg ook uit tot de inlandsche bevolking. Vandaar het voor-
schrift in art. 128: »de G-ouverneur-Generaal zorgt voor het op-
richten van scholen ten dienste der inlandsche bevolking.”
Het openbaar lager onderwijs ten behoeve van de Europeesehe
bevolking is geregeld bij ordonnantie van 7 Juli 1868 (Ind. Stbl.
n?. 81) 1 2), en geheel geschoeid op de leest van de wet van 13
Aug. 1857 hier te lande. Voor het middelbaar onderwijs dient
het gymnasium Willem III, dat verdeeld is in twee afdeelingen,
waarvan de eerste ingericht is op den voet van eene hoogere bur-
gerschool met vijfjarigen cursus, en de andere bestemd is tot oplei-
ding van ambtenaren voor den burgerlijken‘dienst in Nederlandsch-
Indië. Verder zijn er hoogere burgerscholen met vijfjarigen cur-
sus te Samarang en te Soerabaija; aan de laatste is nog een
burgeravondschool verbonden a). In 1882 is te Batavia eene
hoogere burgerschool met driejarigen cursus voor meisjes opgericht,
welke bij hare oprichting 45 leerlingen telde...”
|
|
| 5 |
 |
“...de vereischte mi-
■ kellnis 00k voor het bekleeden van eenen (militairen) graad» -
bepalingen zijn gemaakt waardoor voor hen de diensttijd wordt ver-
I , Z°° W°rdt b- v’ voor de militiens, bij onbereden korpsen inge-
f .deeld, de tijd voor de eerste oefening van twaalf op zes maanden vermin-
I erd voor hen die de lessen volgen of gevolgd hebben aan eene der
6' riJkstmiversiteiten, de universiteit van Amsterdam, of de Polytechnische
| school enz., alsmede voor hen die het eindexamen van het gymnasium,
1 Van, eene hoogere burgerschool hebben afgelegd, of wel een diploma
van hulpapotheker bezitten. Zoo wordt voor die militiens, bij de infante-
| ne ingedeeld, die niet in deze categorie vallen, doch die vóór hunne in-
I lijving zoodanigen graad van geoefendheid in den wapenhandel hebben
-. verkregen, dat zij na ééne maand onderricht bij het korps te hebben
genoten, in staat zijn aan de exercitie in de bataillonschool deel te ne-
Ipnen, de diensttijd van twaalf maanden op negen gebracht. Hetzelfde...”
|
|