| 1 |
 |
“...provinciën zijn grootendeels door
bijzondere wetten geregeld, welke meest alle uitvloeisels zijn van
>) Art. 1 Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat in Europa uit de
tegenwoordige provinciën: N. Brabant, Gelderland, Z. Holland, N. Hol-
land, Zeeland, Utrecht, Friesland, Overijsel, Groningen, Drente en het
hertogdom Limburg, sbehoudens de betrekkingen van het hertogdom Lim-
burg, met uitzondering der vestingen Maastricht en Vënlo en vap hare
kringen, tot het Duitsche verbond.”
*) Zie Histor. Atlas van Mr. G. Mees, Kaart 7 en 8.
s) Ibid. Kaart 9....”
|
|